Tag archieven: Bakuriani

Georgië 4

Dinsdag 25 oktober 2022

Dit is alweer het laatste hoofdstuk van onze reis. De vorige drie hoofdstukken waren voor ons een succes en we verwachten niet anders voor dit laatste hoofdstuk.
Na het eenvoudige ontbijt lopen we eerst naar het Akhaltsikhe kasteel aan de nadere kant van de rivier. Omdat de wolken nog overheersen doen we alleen een rondje over het gratis gedeelte van het kasteel. De rest komt vanmiddag wel.
Het kasteel is een beetje over-gerestaureerd; het is allemaal nogal strakjes voor een kasteel uit de 12e-13e eeuw. Bovendien zijn er restaurants en zelfs een hotel bijgebouwd.
We klimmen nog wel even in de uitkijktoren voor een uitzicht over het kasteel en de stad.

Na het flits-bezoek aan het kasteel drinken we een kopje koffie in de stad en informeren we bij het busstation naar de vertrektijden van de bus naar Borjomi. Gelukkig gaat die bus ongeveer elk uur dus daar hoeven we geen rekening mee te houden.
We lopen nog wat verder en stuiten dan op een groepje oude mannen (58+) die met elkaar een spelletje spelen. Ze vragen Diana om mee te doen, maar we hebben geen tijd……

We hebben alle weersites gecheckt en het is tijd om naar Vardzia te gaan. Vanmiddag wordt het daar lekker toeristenweer.
We charteren een taxi, springen op de achterbank en gaan op weg. Het is 65 km naar Vardzia de weg er naar toe is al adembenemend mooi. De weg volgt de meanderende Koera rivier en de bomen langs de rivier kleuren goudgeel.

De heuvels die iets verderop liggen zijn daarentegen gortdroog. Op die heuvels staan hier en daar restanten van een kerk of een fort uit lang vervlogen tijden. We vragen de chauffeur af en toe om te stoppen zodat we een fotootje kunnen maken.
Om 12:45 uur zijn we bij Vardzia. De chauffeur zet de taxi op de parkeerplaats, wij kopen het benodigde ticket en gaan op pad.

Je vraagt je misschien af waarom doen ze zo moeilijk en gaan ze in grotten wonen. Nou dat zit zo. In de middeleeuwen was Georgië geregeld het doelwit van verwoestende aanvallen. Om zijn inwoners te beschermen besloot koning Giorgi III om een fortificatie te bouwen op de hellingen van de Erusheli berg en werden de eerste grotwoningen uitgehouwen. Koning Giorgi III overleed in 1184 en zijn dochter Tamar die op dat moment slechts 25 jaar oud was, werd de eerste vrouwelijke heerser van Georgië en wat voor eentje! Onder haar leiding kwam Georgië tot economische en culturele bloei. Ze versloeg de Turken meerdere malen, plunderde Constantinopel en haar koninkrijk strekte zich uit van de Zwarte Zee tot de Kaspische Zee. Daarnaast liet ze talloze kathedralen en kerken bouwen.
Ondertussen hadden de Georgiërs Vardzia flink uitgebreid. Het complex bestond uit 13 verdiepingen en maar liefst 6000 kamers waar monniken en vluchtelingen konden wonen. Volgens de legende had koningin Tamar zelf 366 kamers zodat indringers nooit wisten welke slaapkamer van haar was. Alles was verbonden met een labyrint van tunnels. De verschillende verdiepingen waren verbonden met verborgen doorgangen door de plafonds. Er was slechts één ingang naar de grottenstad en deze was goed verborgen aan de oevers van de Koera-rivier. De hellingen van de Erusheli waren vruchtbaar en geschikt voor landbouw. Er werden terrassen aangelegd en zelfs een compleet irrigatiesysteem. Hiermee werd Vardzia een zelfvoorzienende stad en dat was in die tijd zeer uniek. Tijdens de hoogtijdagen van Vardzia woonden hier maar liefst 50.000 mensen. Dat gaan we nu dus van dichtbij bekijken.

Er is in de grottenstad een route uitgezet om te voorkomen dat al die toeristen door elkaar lopen en er opstoppingen ontstaan. Wat ons betreft hadden ze vandaag die bordjes weg kunnen halen want we zijn er bijna alleen. Omdat we niets willen missen volgen we de uitgezette route wel. Om te voorkomen dat er af en toe een toerist naar beneden duvelt hebben ze overal hekjes neergezet en soms ook metalen trapjes geplaatst.

In deze bijzonder stad vind je alle voorzieningen die je in een normale stad ook vindt. Een bakker, wijnkelder, apotheker, trouwzaal en natuurlijk een kerk. De kerk is het hoogtepunt van de stad. De prachtige fresco’s zijn nog steeds goed zichtbaar.

Via een 100 meter lange, nauwe gang (je moet geen last hebben van claustrofobie!) komen we in een soort schuilplaats. Vanuit deze schuilplaats heb je een prachtig uitzicht op de omgeving.
Iets verderop kom je in de woning van koning Tamar. Het is eigenlijk koningin Tamar, maar volgens onze gids uit Kutaisi werd ze door haar vader als koning op de troon gezet. Heel geëmancipeerd.

We klimmen via de vele trappetjes van verdieping naar verdieping en kijken onze ogen uit. Woningen, koelruimte, wijnpers, we komen van alles tegen.
Aan het einde van het parcours moeten we via een hele lange, steile trap met veel versleten, ongelijkmatige treden naar beneden, maar we weten zonder kleerscheuren beneden te komen. Via een smal paadje lopen we terug naar de parkeerplaats en kijken nog heel vaak om.

De chauffeur ziet ons van verre aankomen en nadat we wat drinken hebben ingeslagen voor de terugweg gaan we op pad. We stoppen nog één keer aan de andere kant van de rivier voor een laatste overzichtsfoto en zakken dan onderuit op de achterbank van de Mercedes voor de 65 km terug naar Akhaltsikhe.

In Akhaltsikhe springen we uit de taxi en betalen de chauffeur de afgesproken 70 GEL plus een fooi want die heeft hij wel verdiend.
We hebben in Akhaltsikhe nog een rekeningetje open staan. We moeten het dure gedeelte van het kasteel nog zien. We kopen een ticket en hopen dat het Efteling-gehalte minder hoog is dan wat we vanochtend hier gezien hebben. Als we langs de kaartjesscheurder zijn zien we al snel dat het meer van hetzelfde is. Het lijkt wel een nieuwbouw-kasteel met allerlei bouwsel die je verwacht op een trouwlocatie, maar niet bij een 12e-13e eeuws kasteel. Zelfs de moskee met z’n koperen koepel staat er wat verloren bij. Het kasteel is misschien wel op z’n mooist als je er ‘s-avonds van een afstandje naar kijkt.

Van het kasteel lopen we naar de SL Company want we hebben wel trek gekregen. Het blijkt het drukste restaurant van de stad te zijn en we kunnen nog maar net een leuk tafeltje bemachtigen.
Het is een restaurant annex banketbakkerij en hoewel de pizza die we bestellen heerlijk smaakt kijken we vooral onze ogen uit naar de taarten die over de toonbanken gaan. Prachtig versierde, joekels van taarten. In de tijd die wij er zitten zijn er tientallen taarten uit de bakkerij gekomen en bijna net zoveel zijn er afgehaald. Meest bijzonder daarbij is dat de taarten niet in een doos worden meegegeven, maar ‘open en bloot’ op een stuk karton.

Woensdag 26 oktober 2022

Een paar stukjes stokbrood, 2 gekookte eitjes, 2 knakworstjes, boter en een beetje jam. Spoel dat naar binnen met 2 koppen thee en dan kan de dag beginnen. Dit beschrijft zo’n beetje de minimale variant van het ontbijt in Georgie. De meest uitgebreide variant krijgen we straks weer in Tbilisi en daar kijken we nu al naar uit.

We rekenen de kamer af, hangen de rugzakken aan de schouders en lopen naar het busstation. Meestal pakken we een taxi naar het busstation, maar dat is hier maar een paar honderd meter van het hotel verwijderd en dan doen we maar een keer stoer.
Op het busstation een nieuwigheidje: kaartjes kopen bij een mevrouw achter een loket. Normaal gesproken betaal je de rit aan de chauffeur; alweer een verandering. Hopelijk kunnen we daar mee dealen vandaag.

We zijn om 09:45 uur op het station omdat we de marstruthka van 10:10 uur willen nemen. We hebben de rugzakken al bij de minibus neergezet, maar daar komt de minibus-station-beheerder-meneer aan om te vertellen dat die bus van 10:10 uur vandaag niet gaat. We moeten de minibus van 10:40 uur naar Kutaisi maar nemen want die stopt ook in Borjomi. Wat een hectiek op de vroege ochtend. Ik ga eerst een bakkie koffie halen om alles te verwerken.

De marstrutkha van 10:40 uur vertrekt gelukkig mooi op tijd en hoewel de zittingen van de stoelen wat losjes zitten zijn we blij dat we niet nog meer vertraging oplopen.
Het ritje naar Borjomi duurt een uur en dat is met deze chauffeur lang genoeg. Hij had vanochtend beter een paar yoga-oefeningen kunnen doen voordat hij achter stuur stapte.

Ons hotel in Borjomi ligt op 100 meter van het busstation, dus weer geen taxi maar rugzakken op en lopen! Diana doet een kamer-check en als de kamer is goedgekeurd laten we onze spullen op de kamer en lopen we de brug over de Koera over om ergens een bakkie koffie te drinken. En passant koopt Diana bij een bakkertje een heel brood dat nog een beetje warm is. Je moet wat om aan je vitaminen te komen.

Na een goede bak koffie bij Iggy lopen we via een andere brug naar het centrum van Borjomi terwijl het brood in stukken scheuren en opeten.
We lopen bij toeval over de markt en net als in veel plaatsen is dat ook hier voor een deel een soort kofferbakverkoop. Schattig om te zien.

Omdat we vandaag willen uitzoeken of het de moeite waard is om een wandeling te maken in het Borjomi-Kharagauli National Park dat hier om de hoek ligt, lopen we via het hotel naar het visitors-center dat een kilometer van ons hotel ligt. Het Borjomi-Kharagauli National Park is een beschermd natuurgebied dat in totaal meer dan 85.000 hectare groot is. Daarmee is het natuurpark het grootste nationale park van Georgië.
De geschiedenis van het park gaat terug tot de Middeleeuwen. Aristocratie ging naar de bossen om te jagen (net als onze eigen aristocratie). Toen Georgië onderdeel werd van het Russische Rijk, was de toenmalige gouverneur onder de indruk van de schoonheid van het gebied dat hij er zijn zomerresidentie liet bouwen. Hij legde beperkingen op houtkap en de jacht, waardoor de natuur meer bescherming kreeg. In 1995 werd het Borjomi-Kharagauli National Park gesticht met hulp van de Duitse regering en het Wereldnatuurfonds.

Bij het visitors-center worden we keurig in het Engels te woord gestaan. De beste man verteld ons dat er een korte wandeling van zo’n anderhalf uur is uitgezet achter het visitors-center. De andere trails beginnen een paar kilometer verderop.
We besluiten de mini-trail te lopen om een indruk te krijgen van het park.

De trail begint met een stevige klim. Via smalle paadjes en aangelegde trappetjes zwoegen we omhoog. We lopen vnl. onder de bomen dus van uitzichten genieten is er nog niet bij.
Onderweg komen we bij een klein bos-kerkje gewijd aan St. Nino. Bij het kerkje staat ook het typische St. Nino kruis. In tegenstelling tot het kruis dat wij kennen hangt het horizontale deel schuin af. Onze gids Saba vertelde een paar dagen geleden dat toen St. Nino een kruis wilde maken er alleen maar takken van een druivenstruik voorhanden waren en die zijn niet niet kaarsrecht.

Het kerkje van St.Nino staat ongeveer op het hoogste punt van de trail. Het klimgedeelte zit er voor ons op. Iets verderop volgen we een bord dat naar een Amphitheater wijst. Die afslag hadden we ons kunnen besparen want behalve een paar banken is daar niets te zien.
Door de klei-achtige ondergrond zit het profiel van onze schoenen helemaal vol en voelt het alsof we op een plaat glibberige modder lopen. We proberen de zolen schoon te krijgen, maar dat valt helemaal nog niet mee. Uiteindelijk besluiten we de schoenen maar uit te doen en tegen een boom te slaan. Dat helpt!

We zijn inmiddels op de terugweg en komen eindelijk op een plek waar we niet alleen tussen de bomen lopen maar ook wat verder weg kunnen kijken. Het is gelijk duidelijk dat we niet ver van Borjomi zijn want in de diepte zien we de stad liggen.

Het laatste stuk gaat net zo steil omlaag als we eerder omhoog kwamen. De ondergrond is vochtig dus het is maar goed dat we onze zolen schoon hebben gemaakt; nu hebben we weer grip.
We vinden de trail niet heel bijzonder. Omdat je alleen tussen de bomen loopt zie je niets van de herfstkleuren. Het mooiste was waarschijnlijk het diepgroene mos dat we overal zagen.

Na anderhalf uur zijn we weer bij het visitors-center en steken we de weg over om terug te lopen naar Borjomi. We twijfelen of we morgen wel een langere trek zullen doen. We hadden al reviews van andere wandelaars gelezen die min of meer hetzelfde beschrijven wat wij vanmiddag ook ervaren hebben. De bossen zijn mooi, maar wij komen vooral voor de vergezichten en dat houdt hier niet over.

Via een klein hangbruggetje steken we de rivier over en gaan we op zoek naar iets wat het Central History Park heet. Het meiske van het hotel zei dat we daar toch echt heen moeten gaan.
We stoppen bij Inka Cafe voor een drankje én een stuk gebak. Dat hebben we wel verdiend na de klauterpartij.

Na deze opkikker lopen we door naar het Central History Park. Het blijkt een groene kloof te zijn waar een riviertje doorheen stroomt. Langs het riviertje loopt een weggetje waar allerlei marktstalletjes staan, maar er is ook een kabelbaan, een reuzenrad en een prachtig hotel van Crowne Plaza. Zoveel gedoe rond een parkje, daar moet meer achter zitten.
Omdat de zon al aan het zakken is wordt het in de kloof al wat donkerder en kouder. We besluiten deze attractie voor morgen te bewaren en keren om haar het hotel.

Op weg naar het hotel komen we langs het treinstation van Borjomi. We checken gelijk of er een trein naar Gori gaat. Dat blijkt het geval, maar die trein gaat alleen om 05:45 uur en dan liggen wij nog op een oor.
Bij het hotel gaan we nog even op het dakterras in de zon zitten tot de zon achter dennenbomen verdwijnt. Dan wordt het al snel te koud en gaan we naar de kamer om een geschikt restaurant voor het diner uit te zoeken.

Het is My House geworden en dat blijkt een goede keuze. De gerechten zien er mooi uit en smaken nog beter. We eten de bordjes leeg en als we ook het kopje koffie naar binnen hebben gewerkt gaan we terug naar het hotel.
Bij het hotel staat ons een leuke verrassing te wachten. Als we net op de kamer zijn wordt er op de deur geklopt en wordt ons een glaasje wijn aangeboden. Georgiërs en wijn, dat is wel een dingetje!

Donderdag 27 oktober 2022

Gisteren heb ik de moeite genomen om een karig ontbijtje te beschrijven, vandaag kan ik daar het andere uiterste tegenover zetten. Toen we de kelder inliepen voor ons dagelijkse ei stond daar een heel uitgebreid buffet klaar. Ik ga het niet beschrijven, maar wil graag één ding noemen: jonge Goudse kaas!!! Dat hadden we de afgelopen drie weken nog niet gezien.

Na het ‘plakje kaas’ gaan we verder waar we gisteren gebleven waren: het Central History Park. Helaas zitten de weersites er dit keer naast. Want i.p.v. veel zon is er vooral veel bewolking, maar zolang het niet regent hoor je ons niet klagen.
We komen weer langs het sprookjesachtig uitziende Crowne Plaza hotel met daarvoor het brugje met de vreemde krul.

Iets verderop ontdekken we waarom het hier allemaal zo toeristisch is ingericht. Hier bevindt zich het aftappunt voor Borjomi water, het beroemdste water van Georgie. Het water is van vulkanische oorsprong en komt van het 900m hoog gelegen Meskhetie plateau. Het bevat kalk, natrium, ijzer, chloor en kalium en kleinere hoeveelheden jodium, broom, zink en magnesium. Er wordt een helende werking aan toegedicht. Het zou o.a. fantastisch werken tegen een kater(!). Ze verkopen hier plastic flessen zodat je een paar liter mee naar huis kan nemen. Wij likken ook even aan de kraan, maar kunnen de smaak niet waarderen.

Iets verderop staat aan de overkant een prachtig gebouw dat tegenwoordig als hotel fungeert. Het blijkt in 1892 in opdracht van de Iraanse consul Mirza Riza Khan gebouwd te zijn. Het was bedoeld als zijn zomerhuis en is in Perzische stijl gebouwd en heeft een mooie turquoise kleur.

We lopen nog wat verder en zien overal kermisattracties staan die momenteel buiten gebruik zijn. Misschien omdat het hoogseizoen voorbij is, maar zo te zien ook omdat ze hun beste tijd gehad hebben.
We lopen langs nog een aftappunt voor Borjomi water en deze staat heel mooi onder een lichtblauw prieel.

We komen langs een liefdesbruggetje dat helemaal vol hangt met slotjes zoals je dat wel vaker ziet. Het ziet er schattig uit, maar de omgeving op de achtergrond is ook niet mis. Het herfstboeket is ook hier overal zichtbaar.

Op de terugweg blijven we het riviertje volgen en zien we ook een waterval die het riviertje vult. Naast deze waterval staat een beeld van een man met een soort bal in z’n hand. Er staat geen bordje bij en we hebben er ook niets over gelezen. Dit blijft een mysterie.

We lopen het park uit en gaan weer bij Inka naar binnen voor een bak koffie met appelgebak. Hier kunnen we gelijk een beetje opwarmen want de zomer-outfit waar we nog in lopen is vandaag geen goede keus.
Inmiddels is het helemaal bewolkt en we bedenken we wat we ‘s-middags gaan doen. Niks doen, een boekie lezen, naar het Green Monastery of naar de wintersportplaats Bakuriani.

De keuze valt op het laatste en rond 13:00 uur gaan we dan maar weer eens op zoek naar een vriendelijke meneer die bereid is om voor een paar euri de 25km lange tocht naar boven wil maken.
Aan de andere kant van het bruggetje, vlak bij Inka zit een man in een donkerrood vest niks te doen. Die gaan we maar eens blij maken.
Diana doet de onderhandelingen en even later zitten we in z’n zwarte Passat op weg naar Bakuriani.

Deze taxichauffeur blijkt vroeger machinist te zijn geweest op de Kukushka trein van Borjomi naar Bakuriani. Die trein hadden wij ook graag genomen, maar sinds de Corona pandemie rijdt de trein niet meer. Onze machinist doet z’n best om het ritje naar Bakuriani boeiend te houden. Af en toe schreeuwt hij ‘panorama’ waarmee hij bedoelt dat het een goed moment is om een foto te maken.

Als hij onderweg weer eens ‘panorama’ schreeuwt zien wij eigenlijk niets bijzonders. Toch zet hij z’n auto stil en wijst naar beneden. Daar zien we in de diepte een verroeste spoorbrug over de Tsemis rivier. Het is toch niet zomaar een brug, want deze brug is gebouwd door ene Gustave Eiffel (die van de toren) in opdracht van hertog Romanov, ook een beroemdheid in deze regio. We snappen dat de ex-machinist dit plekje niet ongemerkt voorbij wilde rijden.

We slingeren verder naar boven en stoppen vlak voor Bakuriani nog een keertje omdat het kleurenpallet zo prachtig is. Dit keer vragen wij onze chauffeur om te stoppen, maar hij vindt toch wel dat hij dan ook ‘panorama’ moet roepen.

Bakuriani ligt op iets meer dan 2000 meter hoogte en is een populair skigebied in het Trialeti-gebergte boven Borjomi. Ooit beschouwd als de ‘skihoofdstad van de Sovjet-Unie’, heeft Bakuriani 29 km aan pistes die worden bediend door 8 liften en een kabelbaan. Met veel glooiende hellingen is het vooral populair bij gezinnen en wat oudere dames.
Omdat het winterseizoen nog niet is begonnen ziet het er nu allemaal nogal verlaten uit. Er is nog wel steeds veel accommodatie in aanbouw. We vragen ons af wie hier ‘s-winters naar toe gaan om te skiën.

We lopen even door het stadje en kijken of er ergens wat te doen is. Zoals we uit de auto al zagen is er vooral veel gesloten, ongezellig en verlaten. Na een paar minuten keren we om naar onze taxi en rijden we terug naar Borjomi. Hier moet je eigenlijk over 2 maanden nog eens terug komen.

In Borjomi rijdt onze machinist via een klein straatje een wat groezelig parkeerplaatsje op. Naast de parkeerplaats staat een wat vervallen gebouw met een zeer vervaagde foto van de Kukushka trein op de zijgevel.
Het blijkt een traktatie van onze chauffeur te zijn. Hij is nog zo vol van z’n oude baantje als machinist dat hij persé wat van die oude glorie wil laten zien. We lopen over het terrein en zie de wagons die een paar jaar geleden de passagiers naar Bakuriani vervoerden staan. Ze zien er nog heel goed uit. Dan lopen we door tot achter het grote gebouw en wijst naar de oude locomotief van Tsjechische makelij waar hij op gestuurd heeft.

Hij neemt ons ook nog even mee het grote gebouw in en dat blijkt de werkplaats te zijn waar de treinen werden onderhouden. Er lijken genoeg onderdelen te liggen om een trein in elkaar te zetten, maar het is er vooral donker en er gebeurt helemaal niets. Onze machinist schudt een paar ex-collega’s de hand en dan lopen we via de achterdeur terug naar de auto.
We laten ons in de buurt van het busstation uit de auto zetten. Het is inmiddels 15:30 uur.

We lopen naar ons hotel en wisselen tijdens deze pitstop van zomerjas naar winterjas. Dan gaan we weer op pad.
We gaan naar Inka en drinken een bakkie thee met een appelpunt (die smaakte vanochtend best). Om 17:30 lopen we dan een stukje terug en gaan bij My House naar binnen om een hapje te eten. Inmiddels is het gaan regenen. We hebben nog best geluk gehad vandaag.

Vrijdag 28 oktober 2022

Vandaag gaan we weer een stukje dichter naar ons eindstation. Na het voortreffelijke ontbijtbuffet lopen we naar het naastgelegen busstation. Er is wat verwarring over de bus naar Gori, maar uiteindelijk kunnen we onze rugzakken achterin een van de busjes gooien.

De rit naar Gori zal ongeveer een uur duren. We pikken bij een paar bushaltes nog wat passagiers op en laten dan Borjomi achter ons. We komen door een paar kleine gehuchtjes en na een half uur zijn we in Chasjoeri waar de meeste passagiers alweer uit de bus stappen. Waarschijnlijk vanwege de grote markt die wij vanuit de bus zien.
Vanaf hier neemt de chauffeur de snelweg naar Gori waar we rond 12:00 uur aankomen. We springen in een taxi en laten ons naar het hotel brengen.

Gori ligt ongeveer 80km ten westen van Tbilisi en is de geboorteplaats van Josif Besarionis dze Dzjoegasjvili en voor hem hebben ze hier een museum neergezet.
De ouders van deze Josif wilden dat hun zoon priester werd, maar dat liep anders. Hoewel Jozif nog wel aan de priestersopleiding begon was hij meer geïnteresseerd in het opkomend socialisme en werd hij uiteindelijk politiek actief voor de communistische partij.
Nadat de communisten in 1917 de macht grepen, was dit de ideale voedingsbodem voor Josif om zijn positie te versterken. De rest is geschiedenis.
Door zijn vastberadenheid en koelbloedigheid klom hij alsmaar hoger op de partijladder. Dat bezorgde Josif de bijnaam Stalin (Man van Staal). Na de dood van Lenin raakte hij verwikkeld in een machtsstrijd met concurrent Leon Trotski, die hij uiteindelijk won. Hij maakte van de Sovjet-Unie een wereldmacht die wedijverde met de VS. Dat kon Jozef Stalin echter alleen maar voor elkaar krijgen door alle tegenstand die hij kreeg meedogenloos uit de weg te ruimen. Iedereen die ook maar verdacht werd tegen Stalin te zijn, werd geëxecuteerd. Uiteindelijk vonden vele miljoenen Sovjet-burgers de dood onder zijn regime. Iets waar hij overigens geen moeite mee had, want de man van staal staat bekend om het volgende citaat: ‘De dood van één mens is een tragedie; de dood van miljoenen slechts een statistiek’.
Ondanks het vermoorden van zoveel landgenoten is Stalin momenteel erg populair in Rusland. Die populariteit heeft hij vooral te danken aan de successen in de 2e wereldoorlog, maar Stalin is vooral hot omdat het Kremlin dat wil. In hun streven het patriotisme te voeden wil Poetin en de zijnen geen controverse in hun geschiedenis. De misdaden van Stalin worden daarom naar de achtergrond gedrongen.
We lopen even over het terrein van het Stalin-museum en zien aan de zijkant van het museum de persoonlijke treinwagon van Stalin staan. Het groene Pullman-rijtuig, dat gepantserd is en 83 ton weegt, werd vanaf 1941 door Stalin gebruikt. We besluiten het museum niet te bezoeken, dat is te veel eer.

We lopen verder over de Stalin Avenue en komen langs een monument voor Georgische strijders die gesneuveld zijn in de 2e wereldoorlog. Het is weer zo’n typisch Russisch monument met veel symboliek.
Iets verder komen we langs het stadhuis dat eenzelfde koepeltje heeft als de Rijksdag in Berlijn.

Omdat het slecht weer is besluiten we maar helemaal door te lopen naar het treinstation. Het zou toch leuk zijn als we nog een keer met de trein kunnen reizen. Het is een hele wandel naar het station en dan ziet het station er ook nog vervallen uit. We gaan naar binnen en zien een dame achter een loket zitten. Als we haar vragen naar de trein naar Tbilisi stampvoet ze achter haar loket vandaan en wijst ons op een papier aan de wand. Ze bijt ons iets in het Georgisch toe terwijl ze op een regel wijst waar 16:45 uur staat. De trein naar Tbilisi gaat blijkbaar om kwart voor vijf. We vragen met handen voeten nog of er misschien nog een trein gaat, maar daar komt haar vingertje weer en ze wijst nogmaals op 16:45 uur. We durven het niet nog een keer te vragen.

Als weer buiten staan zien we een paar blauwe openingen in de grijze lucht. We besluiten een taxi naar Uplistsikhe te gaan. Dit is ook een grottenstad, net als Vardzia, maar dan anders.
Uplistsikhe is ouder dan Vardzia, met enkele bouwwerken die dateren uit de vroege ijzertijd en Uplistsikhe ziet er ook heel anders uit: het is verspreid langs een rotsachtige rivieroever en meer horizontaal dan verticaal.
We nemen een taxi voor het treinstation en laten ons bij de ingang van de grottenstad afzetten.

Het ziet er al gelijk heel anders uit dan Vardzia. Het lijkt een maanachtige landschap van grotten en je verwacht elk moment Fred en Wilma Flinstone voor hun grotwoning tegen te komen, ‘Yaba Daba Doo’!
We volgen de aangegeven route en we krijgen toch het weer dat we besteld hebben. De lucht wordt steeds blauwer!

Uplistsikhe wordt gezien als een van de oudste nederzettingen in Georgië. Strategisch gelegen in het hart van het oude koninkrijk Kartli werd het een belangrijk politiek en religieus centrum van het land.
De vroegste sporen van menselijke aanwezigheid in Uplistsikhe dateren uit het einde van het 2e millennium voor Christus. Dat betekent gelijk dat Fred F. hier niet gewoond heeft want Fred leefde in de steentijd en niet in de ijzertijd.
De vroegste overgebleven structuren dateren uit het begin van het 1e millennium na Christus. Met de kerstening van Kartli in het begin van de 4e eeuw, lijkt Uplistsikhe zijn positie te hebben verloren aan de nieuwe centra van de christelijke cultuur, Mtskheta en later Tbilisi.
Uplistsikhe dook echter weer op als een belangrijk Georgisch bolwerk tijdens de islamitische verovering van Tbilisi in de 8e-10e eeuw. In die tijd werd er nog een basiliek met drie kerken gebouwd. De Mongoolse invallen in de 14e eeuw markeerden de ultieme ondergang van de stad.

We klauteren langs de grotten en vanaf de hogere delen van het complex heb je een fantastisch panoramisch uitzicht op de vallei van de Mtkvari-rivier. We zijn hier niet alleen zoals in Vardzia, er is net een buslading Aziaten voor de deur uitgezet die netjes achter het vlaggetje aan langs de grotwoningen lopen.

Het is dan misschien niet zo’n spannende grottenstad als Vardzia, wat de omgeving betreft doet Uplistsikhe zeker niet onder voor Vardzia. We gaan voor een grotwoning zitten en genieten van het uitzicht. We hadden hier een paar duizend jaar geleden best een hypotheekje voor af willen sluiten.

Als we terug komen bij de parkeerplaats zit de chauffeur in z’n auto te slapen. Dat is wat je noemt ‘slapend rijk worden’.
Hij veert op als hij ons hoort en groet ons op een schaapachtig vriendelijke manier. Lekker geslapen jochie?
We laten ons in het centrum van Gori afzetten en nemen eerst een goudgeel sappie.
Nu we weer een beetje op adem gekomen zijn lopen we naar het indrukwekkende fort van Gori. Het ligt op een heuvel in de stad en omdat we nog wel een beetje energie over hebben klimmen we omhoog om de binnenkant van het fort te zien.
Dat hadden we dus niet hoeven doen want bovenop de heuvel is eigenlijk niets te zien, een slecht onderhouden grasveld en wat bouwafval. Snel weer naar beneden.

Als we teruglopen naar de Stalin Avenue komen we langs beelden die deel uitmaken van het Memorial of Georgian Warrior Heroes. Deze beelden zijn tussen 1981 en 1985 gemaakt door de Georgische beeldhouwer Giorgi Ochiauri. Het zijn 8 joekels van beelden van krijgers in een cirkel. Oorspronkelijk stonden deze beelden in Vake park in Tbilisi bij het graf van de onbekende soldaat. Als ik eerlijk ben vond ik de beelden daar mooier staan dan hier in de schaduw van het fort.

Het is bijna 5 uur en dan is het weer tijd voor de jassenwissel. We lopen even terug naar het hotel en met de warmere jas gaan we dan nog even bij de Tourist Information naar binnen om de tijden van de bus naar Tbilisi te achterhalen. De mevrouw achter de balie die het liefst Duits spreekt vertelt ons dat ‘der Bus alle zwanzig Minuten fährt’. Danke!
Voor onze avondmaaltijd belanden we bij Champs-Elysees, maar we hebben wel beter gegeten in Georgie.

Zaterdag 29 oktober 2022

Vandaag staat onze laatste reisdag op het programma, maar voordat we op de marstrutkha stappen willen we nog even een laatste rondje door Gori maken.
We speeddaten met het ontbijtbuffet en gaan dan op pad. De zon doet z’n best, maar er staat nog steeds een straffe wind waardoor het erg fris aanvoelt.
We lopen eerst naar de kerk aan de Gersevanishvilli straat en als we langs de toegangscontrole zijn blijkt er net een mis aan de gang te zijn. We zijn nog maar net in de kerk als de priester z’n zegen geeft. Komt dat even goed uit met de laatste busrit voor de boeg.

Nadat we nog een paar laatste foto’s hebben gemaakt lopen we terug naar het hotel. We pakken de laatste spullen in en Diana gaat op zoek naar iemand om de rekening mee te vereffenen. Gisteren zijn we ingecheckt door de werkster, maar vandaag is de eigenaresse in het hotel. Diana rekent met haar de 80 lari voor de overnachting af en wij pakken onze spullen en gaan op zoek naar een taxi.
De eigenaresse is net in haar auto gestapt en als ze ons zwaar beladen naar buiten ziet komen vraagt we waar we heen moeten. Wij zeggen dat we naar het busstation gaan en ze biedt gelijk aan om ons erheen te brengen. Da’s makkelijk!
Bij het busstation willen we haar nog een paar lari geven voor de rit, maar daar wil ze niets van weten.

We hoeven niet te zoeken naar de minibus naar Tbilisi want als ze ons aan zien komen wordt er gelijk al ‘Tbilisi’ geschreeuwd. We betalen de tickets bij een klein loketje en zoeken een plekje in het busje. Hoewel het onze laatste rit in een marstrutkha is en het eind van deze prachtige vakantie heel dichtbij komt blijven we lachen.

De rit naar Tbilisi duurt een uur en we komen langs plekken waar we een paar weken geleden in onze Prius ook langs kwamen. Ook als we Tbilisi binnen rijden komt alles weer heel bekend voor.
De minibus stopt op het grote en drukke Didube busstation en wij gaan op zoek naar een taxi. De chauffeur die direct op ons afkomt en volgens ons een veel te hoge prijs vraagt negeren we. Iets verderop zien we een veel vriendelijkere chauffeur die een veel realistischere prijs vraagt. We stappen in en hij rijdt ons vakkundig door het drukke Tbilisi. Rond 13:30 uur zijn we weer ingecheckt bij het oude vertrouwde House Hotel.

Nadat we onze spullen op de kamer hebben gegooid gaan we eerst naar Erekle II street om een hapje te eten. Het ontbijt was vanochtend wat magertjes dus we hebben wel trek.
Nadat we in het zonnetje een voortreffelijke pizza hebben verslonden is het dan eindelijk tijd voor iets waar Diana al daaaaagen over zeurt: de grijze uitgroei moet geverfd worden. Aan de andere kant van de Nikoloz Baratazvili street heeft Diana een paar weken geleden al een paar keer naar binnen gekeken, maar nu gaat het dan echt gebeuren. Meestal is het druk in deze salon, maar nu is er niets te doen. Hup, in de stoel! Even onderhandelen met de kapper over de kleur en ik zie je over een uur bij Ribs & Puri.

In de buurt van Orbeliani Garden zijn er allerlei Halloween festiviteiten aan de gang. De spooky muziek dreunt lekker door op het terras bij Ribs & Puri. Volwassenen en kinderen zijn verkleed en dragen maskers. De kinderen proberen voorbijgangers te laten schrikken. Er staan kraampjes waar allerlei pruttel verkocht wordt. Het is een gezellige boel.

Als je haar maar goed zit! Wat kan een mens gelukkig zijn als het kapsel in orde is. Diana komt met een brede glimlach aanlopen bij Ribs & Puri. Ze kan met een goed gevoel naar huis. Complimenten voor Faisal Makram ( https://salon-makram.business.site ) en een goede reclame voor de verf van Farmavita Life (‘voor een intense kleur en 100% grijsdekking’).
We blijven nog even zitten op het terras bij Ribs & Puri want vanavond gaan we chique eten bij Otsy. We hebben om 19:30 uur een tafeltje gereserveerd en dat is later dan normaal. Dan nog maar een extra biertje.

We gaan in onze beste kleren naar restaurant Otsy of eigenlijk gaan we in onze enige nog schone kleren naar restaurant Otsy. Omdat het restaurant om de hoek bij ons hotel zit hebben we geen taxi nodig.
Omdat de kok van dit restaurant bij een 2-sterren Michelin restaurant in Frankrijk heeft gewerkt verwachten we wel wat.
Op de menukaart zien we dat de prijzen van een heel ander niveau zijn dan wat we de afgelopen drie weken gewend waren. In Nederland zou je voor dit geld misschien bij Van der Valk kunnen eten, dus echt duur is het niet.
We bestellen een glaasje rode Georgische wijn, een salade vooraf en vlees en vis.

Ik zal geen uitgebreide smaakanalyse geven, maar het eten is simpelweg vurrukkuluk! In tegenstelling tot soortgelijke restaurants in Nederland zijn de porties wél van het niveau Van der Valk waardoor we na de maaltijd nog even gaan uitbuiken bij de ‘Always Ultra brug’.

Zondag 30 oktober 2022

Vandaag is er heel veel voor het laatst en we beginnen met de laatste keer het voortreffelijke ontbijt bij The House hotel. Op zo’n ontbijt kun je de hele dag teren.
Na het ontbijt lopen we voor de laatste keer over de Shota Rustaveli avenu naar het Rustaveli metrostation om onze laatste lari op de metrokaart op te maken.
Het is elke keer weer een genot om over de Rustaveli avenue te wandelen. Je ziet elke keer weer wat nieuws aan deze statige avenue.

We nemen de metro naar station Guramishvili om voor de laatste keer een Georgisch monument te bewonderen. Normaal gesproken zouden we de 2 km van het metrostation naar het monument lopen, maar a. het is bergopwaarts en b. we hebben nog steeds een paar lari op de ov-kaart dus we nemen de stadsbus; weer eens wat anders. Eerst met lijn 386 naar het Hartziekenhuis en dan lijn 362 want die stopt vlak bij de trap voor de laatste klim. Dit hebben we niet allemaal zelf bedacht, maar is ons ingefluisterd door een alleraardigste Georgische mevrouw die ook nog eens Engels spreekt.

Het laatste monument heet Chronicle of Georgia en is misschien wel het allermooiste en meest indrukwekkende monument dat we gezien hebben. De Chronicle of Georgia (of History Memorial of Georgia) is een monument in de buurt van het stuwmeer van Tbilisi. Het werd in 1985 ter gelegenheid van 3000 jaar Georgische geschiedenis gemaakt door Zurab Tsereteli (je weet wel die van het MoMA), maar werd nooit helemaal afgemaakt. Het monument staat op een heuvel en bestaat uit 16 pilaren die tussen de 30-35 meter hoog (!). De bovenste helft van de pilaren bevat beeltenissen van koningen, koninginnen en helden, terwijl het onderste deel verhalen uit het leven van Christus uitbeeldt.

We raken niet uitgekeken en omdat we alle tijd hebben kunnen we wachten tot de paar bezoekers die er komen weer weggaan en hebben we het monument soms voor ons zelf.
De betonnen pilaren zijn bekleed met bronzen platen waar Tsereteli de beeltenissen in verwerkt heeft. Je krijgt last van je nek van het steeds omhoog kijken, maar dat hebben we er voor over.

Na een uurtje gaan we op een betonnen rand zitten bij de grote trap die naar het monument leidt. Daar nemen we alles nog eens in ons op. Als er weer nieuwe bezoekers de trap op komen stokken de gesprekken en valt de mond open net als bij ons toen we boven kwamen.

Dan weer naar beneden we kiezen dit keer een smal paadje dat op aan de andere kant op de weg moet uitkomen. We overleven de steile stukken en komen uiteindelijk weer in de bewoonde wereld.
Nadeel van de bewoonde wereld is dat je daar veel loslopende honden tegenkomt net als wij weer dit keer. Twee kleine keffers rennen op ons af en en net als de afgelopen weken lopen we zelfverzekerd door want dan haken ze vanzelf af.
Dat liep dit keer anders af! Opeens hangt de grootste keffer in mijn kuit. Auw!!! Dan hebben de honden het op Diana voorzien, maar dat loopt gelukkig goed af.

Bij de grote weg doe ik even de broek omhoog en zie dat er drie tandjes in m’n kuit staan. Op zo’n moment verwacht je nog dat iemand zegt ‘dat doet ie anders nooit’ maar nee, zelfs niet in het Georgisch.
We zijn allebei niet gevaccineerd tegen rabiës dus dat is de volgende uitdaging: is er een ziekenhuis in de buurt en hebben ze daar het medicijn.
We zien op Google Maps dat een kilometer verderop een ziekenhuis en pakken de eerste bus die kant op.

Het is nog wel even zoeken maar om 14:15 uur zijn we bij de Georgische ‘spoedeisende hulp’. Gelukkig is er iemand die Engels spreekt en die vertelt ons als eerste dat je 24 uur geen alcohol mag hebben gehad en dat laatste wijntje van gister was wat later. We besluiten om eerst maar naar het hotel te gaan en daar wat taal-ondersteuning in te roepen.

We nemen de metro naar Liberty-square en lopen voor de laatste keer van dit metrostation naar ons hotel.
We laten de receptioniste van ons hotel met een paar ziekenhuizen in de buurt bellen en uiteindelijk adviseert ze naar New Hospital te gaan. Slechts een paar kilometer van het hotel en ze hebben het medicijn.

We hadden nog wel gedacht een rustig dagje te hebben met een hele middag op het terras in de zon. Dat liep dus anders, maar omdat de bloed/alcohol verhouding nog niet in orde hebben we nu nog wel even tijd voor een terrasje.
We genieten bij Ribs & Puri nog even van de Halloween gezelligheid en om 17:00 uur nemen we een taxi naar het New Hospital.

We nemen de emergency-ingang van het ziekenhuis en gelukkig is de chauffeur zo vriendelijk om dit proces op gang te brengen. Van achter de balie krijgen we te horen ‘wait for the doctor’ en dat doen we dan maar.
Het is een behoorlijke chaos in het ziekenhuis. Iedereen loopt door elkaar heen, mensen lopen in en uit een soort van massa-behandelkamer. Dan is het in Nederland allemaal wel goed geregeld
Rond 18:00 uur komt de dokter de gebeten toerist halen. Ik wordt op een stoeltje achter een geïmproviseerd scherm gezet en mag een aantal vragen beantwoorden. Dan krijg ik een behandelschema voor de rabiës-spuiten.
Dan gaat ze echt aan het werk: een spuit in de linkerarm, een spuit in de rechterarm en een laatste in de rechterbil (er mochten hier geen foto’s gemaakt worden). Dan wordt de wond nog een keer goed schoongeschrobt en mag de patiënt gaan. Ik krijg niet eens een lolly!

Het is ongeveer 19:00 uur als we in het restaurantenstraatje Erekle II wat te eten bestellen, ook dat voor de laatste keer.
Terug bij het hotel checken we nog een keer of de shuttle voor vannacht geregeld is, sturen we een mail met de oorlogswonden naar de verzekeringsmaatschappij en nemen we een heerlijk kop koffie, ook voor de laatste keer.

Maandag 31 oktober 2022

Na de spannende laatste excursie van gister naar het New Hospitals is het vandaag alweer vroeg dag. De wekker gaat om 02:30 uur en na wat rituele ochtendbewegingen gaan we vol bepakt naar de receptie. De chauffeur die ons naar het vliegveld moest brengen zat al te wachten.
We nemen hartelijk afscheid van de receptioniste en stappen in de mooie, nieuwe Mercedes bus. Het kan dus wel!

Om 03:10 uur zijn we op de luchthaven en om 03:15 uur zijn onze rugzakken al ingecheckt. Daarna gaan we soepeltjes langs de security check en strijken we neer bij Dunkin Donuts. We nemen een veeeeeel te dure koffie met dito croissant en er gaat nog even een mail naar de huisarts i.v.m. 2e rabiës vaccinatie. Daarna wachten we bij gate G103 tot het boarden begint.

We vertrekken met een half uur vertraging maar als de piloot de vliegtijd doorgeeft berekenen we dat we onze vlucht naar Schiphol zouden moeten kunnen halen. Omdat de nacht in het House Hotel zo ruw onderbroken werd hebben we nu geen moeite om een paar uurtjes te slapen.

We landen om 07:10 uur op het vliegveld in München en dan begint onze race tegen de klok. We snelwandelen door lange gangen, vliegen roltrappen op, lopen door nog meer lange gangen om vervolgens te schrikken van de lange rij die bij de douane staat. Als we net in de rij zijn aangesloten zien we dat iets verderop nog wat poortjes zijn waar niemand staat. Ze zijn bedoeld voor passagiers met een biometrisch paspoort en dat hebben wij (en jullie ook). We flitsen langs de elektronische douanier en gaan weer een roltrap op om vervolgens in een treintje te stappen dat ons naar de G-pier brengt. We zijn mooi op tijd bij gate G04 wat ons de gelegenheid geeft om een broodje met een kop koffie te bestellen bij een veel te actieve verkoopster die wel haar talen spreekt.

De Airbus 319 vertrekt mooi op tijd en binnen vijf kwartier zet hij ons af bij de B-pier op Schiphol. De B-pier betekent weer heel veel stappen, naar de bagageband, maar veel stappen zijn we gewend tijdens deze vakantie. Zoals verwacht moeten we langer dan normaal op onze bagage wachten. Tot onze opluchting verschijnen de fel blauwe zakken uiteindelijk wel op de band.

Dankzij problemen met de bovenleiding bezorgde de NS ons de volgende uitdaging. Toch lukte het ons redelijk snel de juiste trein op perron 4 te vinden en via Baarn, Hilversum en Amersfoort arriveren we om 12:50 uur in Apeldoorn. Zoals gebruikelijk in deze vakantie hebben we ook hier een taxi gecharterd en die brengt ons feilloos naar de Loolaan.
Ruim drie-en-een-halve week Georgie zitten erop en en we hebben van elke minuut genoten (behalve een paar minuten op de laatste middag). Georgie is een fantastisch en gevarieerd land met een geweldige bevolking. Een aanrader!