Tag archieven: Almaty

Kazachstan & Oezbekistan 4

Dinsdag 22 oktober 2019

Hadden we gisteren de M&M’s (&M’s) links laten liggen, vandaag gaan we zeker madrassa’s, moskeeen en mausoleums op onze route vinden.
Na het ontbijt gaan we eerst naar het Gur-e-Amir mausoleum, de laatste rustplaats van Timur (Tamerlane). Het is ongeveer een kwartiertje lopen naar het mausoleum, dat op de grens van de oude En de nieuwe stad ligt. Het verschil tussen oud en nieuw (Russisch) is groot. In de oude stad lopen de kleine straatjes kris-kras door de wijk, terwijl de Russen brede, rechte, evenwijdige straten hebben aangelegd. Pak de plattegrond en je ziet het verschil.

Het mausoleum is eigenlijk best klein voor een man met zoveel aanzien, maar het was ook helemaal niet de bedoeling dat Timur hier begraven zou worden. Timur had in Shakhrisabz al een graf voor zichzelf laten bouwen en had dit mausoleum voor z’n kleinzoon (en beoogd opvolger) Mohammed Sultan, die een jaar eerder was overleden, laten bouwen. Het verhaal wil dat, nadat Timur in de winter van 1405 onverwacht aan een longontsteking was overleden (in Kazachstan bij de voorbereiding van een veldslag tegen de Chinezen), de pas naar Shakhrisabz was dicht gesneeuwd. Ze hebben toen maar besloten hem in dit mausoleum een plekje te geven. Hij hoeft zich er overigens niet voor te schamen (voor zover nog mogelijk). Het portaal met mozaïeken en de schitterende azuurblauwe koepel zijn een plaatje.

Omdat er een ander prijskaartje hangt aan en rit met de taxi, dan een treinreis naar tashkent gaan we eerst even naar een flappentap. Volgens de eigenaar van ons hotel moeten we naar het Registon Plaza hotel, want daar staat een pinautomaat.
Op weg naar dat hotel komen we bij een rotonde waar een meer dan levensgroot beeld van Timur staat, we maken een foto, maar het blijft toch altijd dubieus om een foto te maken van iemand die zoveel dood en verderf heeft veroorzaakt. Maar goed………… KLIK!
Er staat inderdaad een pinautomaat in de lobby van het hotel, maar deze is, zoals zo vaak, kapot. We lopen dan maar een kilometertje verder naar de Asaka bank die ons deze vakantie nog niet in de steek heeft gelaten en ook dit keer niet.

Met een goed gevulde portemonnee lopen we via de Registon ko’chasi naar het hoogtepunt van Samarkand, misschien wel van Oezbekistan en zelfs van Centraal-Azie: Registon met de drie madrassa’s.
Deze monumenten zijn van een hele andere orde dan in Khiva of Bhukara. Ze zijn overladen met majolica, azuurblauwe mozaïeken en goed geproportioneerde ruimtes. Deze drie madrassa’s behoren tot de oudste bewaard gebleven madrassa’s ter wereld. Alles wat nog ouder was is door Genghis Khan vernietigd.
Het plein, de Registon (vrij vertaald: zanderige plek) was het commerciele centrum van middeleeuws Samarkand en was waarschijnlijk een enorme bazaar.

Aan de westkant van het plein staat de Ulugbek Madressa uit 1420. De sterren op het portaal zijn een verwijzing naar de voorliefde voor astronomie van Ulugbek. In de madrassa is een moskee met een prachtig Grieks-blauw interieur.
Hoewel er op het plein geen commerciele activiteiten te zien zijn, is het in de madrassa weer als vanouds; overal waar je kijkt souvenirstalletjes.

Tegenover de Ulugbek madrassa staat de Sher Dor madressa die stamt uit 1636. Het portaal van deze madrassa is versierd met katachtigen die op tijgers lijken, maar leeuwen voorstellen (?). Zowel de leeuwen als de herten die door de leeuwen worden achterna gezeten en de Zorostriaanse zonnetjes met een gezichtje, zijn in strijd met moslimwetten, maar hebben de eeuwen doorstaan. De bouw van deze madrassa heeft 17 jaar geduurd.

Tussen de eerder genoemde madrassa’s staat de Tilla-Kari madrassa die in 1660 gereed was. Wat ons betreft id dit de mooiste van de drie. Vooral de moskee, aan de linkerkant van de binnentuin is prachtig gedecoreerd in blauw en goudkleur. Daar kunnen de andere twee niet aan tippen.
De voormalige slaapruimtes van de madrassa zijn net als de andere twee ingenomen door de souvenirverkopers.

Na een uur bij de Registon gaan we even langs bij ons hotel om de taxi naar Tashkent te bevestigen. Daarna gaan we via de straatjes achter ons hotel op weg naar onze volgende momentje met mozaiek.
De wijk achter ons hotel is duidelijk onderdeel van het oude Samarkand met wat moderne snufjes. Lemen huizen met stalen deuren en schotelantennes op het dak. In dit deel van Samarkand was vroeger ook de Joodse wijk te vinden, maar net als in Bukhara, wonen er hier ook bijna geen Joden meer. Op de plek waar de synagoge zit/zat zien we nog wel de Davidster op de muur.
Na een tiental minuten door de smalle straatjes zien we bij de grote weg touringcars staan. Daar moeten we zijn.

We steken de weg over en kopen een kaartje. Wat dat betreft is Samarkand zeker koploper; overal wordt entree gevraagd.
We beklimmen een stijle trap en staan dan in een heel smal steegje met aan weerszijden grote mausoleums. De een nog rijkelijker versiert dan de ander. Dit is Shah-i-Zinda wat ‘Graf van de Levende Koning’ betekent. Dit verwijst naar de oorspronkelijke en heiligste plek, een gebouw met koele, stille kamers rondom, wat waarschijnlijk het graf is van Qusam ibn-Abbas, neef van de profeet Mohammed en de man die de Islam naar deze regio heeft gebracht.

Het mooiste mausoleum staat helemaal aan het begin van dit mooiste straatje van Samarkand. Het is de Shodi Mulk Oko, waar de zus van Timur is begraven. De uitzonderlijke majolica en terracotta (er zit bijna geen ruimte tussen de tegeltjes) is van zulke goede kwaliteit dat het in de loop van de eeuwen nauwelijks gerestaureerd hoefde te worden.

Bij het verlaten van de begraafplaats zien we in de verte de koepels van de Bibi-Khanym moskee al. Dat is makkelijk; die hoeven we niet te zoeken. Naarmate we dichterbij komen stijgt onze verbazing. Wat een enorme joekel van een moskee! Met een 41m hoge koepel en een 38m hoog portaal was dit ooit een van de grootste moskeeën ter wereld. Gefinancierd met de opbrensten van Timur’s invasie van India, moet dit het grootste juweel van z’n koninkrijk zijn geweest.

Bibi Khanym is de Chinese vrouw van Timur en volgens de legende gaf zij opdracht om deze moskee te bouwen als een verrassing terwijl Timur weg was (volkje verslaan of zo). De architect werd verliefd op Bibi en zei tegen haar dat hij weigerde de klus af te maken als zij hem geen kus zou geven. Hmmmm, ja, ja, knipoog, knipoog……
Bij terugkomst kwam Timur erachter en liet hij de architect executeren en verordende dat vrouwen voortaan een sluier moesten dragen. Zou dit de aanloop naar de burka zijn geweest?

Om 14:00 uur verlaten we de moskee en gaan we op het marktterrein naast de moskee op zoek naar eten. We vinden een restaurantje waar de bezoekers van de markt nog even wat te eten nemen. Wij vinden ook een tafeltje en omdat we nogal trek hebben laten we een hele kip van het spit halen. Bestek is hier zeldzaam, dus we trekken het vlees met onze handen van de botten. Het malse vlees smaakt voortreffelijk. Niet veel later gaat een bord met kaal gegeten botjes terug naar de keuken.

Na de late lunch lopen we nog een keertje naar de Registon. We gaan in de buurt van het plein op een bankje zitten en dat is vragen om problemen. Voor we het weten wordt Rob door een aantal studenten aan een interview onderworpen. Ach je went eraan, maar hoe zit dat eigenlijk met het portretrecht…….
Nadat het optreden van the dutchies is afgelopen, gaan de beroemde Nederlanders weer naar de mooiste plek van de stad. Het zonlicht komt uit een ander hoek, dus de madrassa’s zien er weer net anders uit. Toch maar weer een fotootje maken.
We kunnen hier nog uren staan kijken, maar dat doen we niet. Na een half uurtje gaan we terug naar het hotel om ons wat warmer te kleden voor de avond.

‘s-Avonds gaan we alsnog eten in het restaurantje dat ons gisteren werd aangeraden. De sjasliek is er lekker, maar het loopt allemaal nog niet op rolletjes. We bestellen ook manti, maar na een half uur komen ze vertellen dat er toch geen manti is. Coca Cola serveren ze alleen in anderhalve liter flessen en messen doen ze niet aan (maar dat komt vaker voor.
Na het eten drinken we 500m verderop een bakkie koffie (de eet- en drinkgelegenheden waren in Bukhara veel talrijker) waarna we terug gaan naar het plein voor de lichtshow. Een mooie afsluiting van ons bezoek aan Samarkand.

Woensdag 23 oktober 2019

Zoals we al bij meer hotels hebben meegemaakt, staat ook bij Rabat hotel de hospitality hoog in het vaandel. Dit heeft tot gevolg dat ongeveer elke 5 minuten wordt gevraagd of alles in orde is en dat wordt op een gegeven moment toch een beetje veel.
Het is wel heel aangenaam dat na het ontbijt je schoenen met de neus in de goede richting staan, zodat je er zo in kan piepen. Dat soort service kunnen we geen genoeg van krijgen.

We hebben afgesproken dat de chauffeur ons om 10 uur komt ophalen, dus dat geeft ons nog even de gelegenheid op de binnenplaats in het zonnetje te gaan zitten. Helaas komt Mr. Hospitality dan ook weer langs om te checken of hij nog iets voor ons kan doen. Om hem een beetje bezig te houden, bestellen we dan maar een pot thee.
Net als we de oogjes even willen dicht doen in het heerlijke ochtendzonnetje, komt Mr. H. er weer aan. Hij wil graag wat over de historie van het pand aan ons vertellen. Beleefd als wij zijn zeggen wij ‘oh, how interesting’.
Hij vertelt dat er tot 1998 een Joodse familie in het huis heeft gewoond, dat het handelaren waren, dat de huidige eigenaar in 2012 een stuk heeft bijgebouwd en dat ………….. en dan worden we gered door de chauffeur die inmiddels is gearriveerd. De rest van het verhaal horen we graag een andere keer.

We laden onze spullen in de grote Chevrolet (=Daewoo) en gaan er maar eens goed voor zitten. Het is nl. 4 uur karren naar Tashkent.
Ergens halverwege stopt de chauffeur de wagen bij een ranzig toiletgebouwtje en kunnen we even de benen strekken. Hij controleert gelijk de bandenspanning en constateert dat er een pufje bij moet. Na een minuut of 10 gaan we weer verder.
Zo’n 50km voor Tashkent wordt er nog een keer gestopt voor een plaspauze, maar dit toiletgebouw laten we maar even links liggen. We houden het wel op tot we bij ons hotel zijn.

Iets voor tweeën parkeert de chauffeur z’n auto in de beurt van het busstation. We gaan naar binnen en sluiten aan in de rij bij het loket.
10 minuten later hebben we 2 kaartjes voor de bus van 07:00 uur te pakken. We lopen weer terug naar de auto en de chauffeur brengt ons vervolgens (met een kleine omweg) naar het hotel.
Daar checken we in en gaan in het winkelcentrum om de hoek wat drinken.

‘s-Avonds gaan we op de internationale tour. We eten heerlijke noedels bij Wok en nemen daarna een fantastische bak koffie bij Patisserie Bon.
We maken het niet zo laat, want morgen is het weer eens vroeg dag!

Donderdag 24 oktober 2019

05:55 uur gaat de wekker, 06:10 staan we bij de receptie en vragen we om onze registration cards. Deze briefjes krijg je bij ieder hotel en je moet ze altij bij je hebben want er kan naar gevraagd worden. Inmiddels hebben we een hele stapel van deze briefjes, maar de 2 van vandaag zijn de laatsten, want we gaan terug naar Kazachstan en daar doen ze niet aan deze administratie.

Inmiddels heeft de jongen bij de receptie met Yandex-app (de lokale Uber) een taxi besteld en vliegt Rob nog even naar het restaurant om een lunchbox te vullen.
Even later komt de taxi aanrijden; we gooien onze rugzakken achterin en zeggen nogmaals dat we naar het busstation moeten.
Dat de taal hier af en toe een barrière vormt blijkt even later als Rob op Google-Maps kijkt en ziet dat we de verkeerde kant oprijden. Diana tikt de chauffeur op de schouder en wijst naar links ’die kant op, ouwe’ zegt ze. De man kijkt verbaast en reageert verbaast ‘yuzhniy’. We begrijpen gelijk wat er mis is. De jongen van de receptie of de chauffeur heeft gedacht dat we naar het treinstation moeten. ‘Avtovokzal’ zeggen we in koor. ‘Aaah, avtovokzal’ zegt de chauffeur. Inderdaad, we moeten naar het busstation.
Hij neemt de eerste weg naar rechts, geeft een extra dot gas en binnen een paar minuten staan we bij het busstation.

We vragen van welk platform onze bus vertrekt en bestellen dan nog een bakkie thee in het restaurant. Om 06:45 uur lopen we dan naar platform 15, waar onze bus al klaar staat.
De bus ziet er nog luxer uit dan op de heenweg, dus dat wordt een relaxed ritje.
Tegen zevenen gaan we de bus in, laten ons kaartje scannen en nemen plaats op stoel 7 en 8. Let’s go!

We hebben een uurtje nodig om bij de Oezbeekse grens te komen en dan volgt hetzelfde ritueel als op de heenweg (maar dan omgekeerd). Bagage controleren en uitstempelen bij de Oezbeekse douane, dan de spullen weer in de bus en 100m verderop de boel weer uit de bus halen voor de Kazachse douane. De chauffeur weet te ritselen dat we de bagage niet hoeven te laten controleren, dus dat scheelt een kwartiertje. We vullen immigratie papiertje, krijgen een paar stempels en stappen weer in de bus. Wat ons betreft kunnen we gaan!

Dat was dan Oezbekistan! Wat een fantastisch land, met mooie natuur en culturele schoonheid. Een land met een grootse historie en vriendelijke mensen. Toen we de laatste keer in Tashkent waren, zagen we een bord dat helemaal aansluit bij onze mening over Oezbekistan.

We hebben twee-en-een-half uur nodig om Bij het busstation in Shymkent te komen. Daar nemen we een taxi naar het treinstation en brengen we onze grote rugzakken naar de left luggage afdeling. Daarna lopen we via het Onafhankelijkheidspark naar de dichtstbijzijnde Global Coffee voor een heerlijke bak koffie met een smakelijk broodje. Dat hadden we wel verdiend.

Omdat onze trein pas om 19:48 uur vertrekt, besluiten we vanmiddag naar Sayram te gaan. Dit kleine stadje dat 14km ten oosten van Shymkent ligt, was al een tussenstop op de zijderoute voordat Shymkent bestond; het zou 3000 jaar oud zijn!
Kozha Akhmed Yasaui (de man van het mausoleum in Turkestan) is hier geboren en de mausoleums hier zijn voor veel pelgrims een tussenstop op weg naar Turkestan.

We charteren een taxi voor de rit naar Sayram, maar de taxichauffeur blijkt een beetje eigenwijs en spreekt geen woord Engels; een lastige combinatie. Hoewel wij zeggen dat we naar downtown Sayram willen, zien we op Google-Maps dat hij vlak bij Sayram toch ergens anders heen rijdt. Wederom het tikje op de schouder, maar hij zegt Ibrahim Ata en maakt met beide handen een gebaar alsof hij een bult zand uittekent. Wij wijzen nog een keertje in de richting van Sayram, maar Gijs is eigenwijs.
Na een paar minuten komen we bij het kleine mausoleum van Ibrahim Ata. Wij wisten van het bestaan niet af, maar dat krijg je er dan zomaar gratis bij. We maken een paar foto’s en gaan dan alsnog naar Sayram.

Sayram is inderdaad een klein stadje, maar daar mag het bijvoeglijk naamwoord stoffig wel voor gezet worden.
We worden bij het grote (en enige) kruispunt in het stadje uit de taxi gelaten en beginnen aan ons rondje.
We lopen eerst bij de vrijdag moskee naar binnen, waar net een kleine dienst wordt gehouden. Op onze sokken kijken we even rond en laten de mensen dan met rust. Een paar honderd meter verderop is het mausoleum van Mirali Bobo.

Dan lopen we naar de poort met de dubbele boog die in 1999 ter ere van het 300 jaar bestaan van Sayram is neergezet. Veel belangrijker nog is een groen bord met gele letters waarop is vermeld dat dit de plek is waar Ariston Bab, de mentor van Kozha Akhmed Yasaui, hem een heilige stenen persimmon heeft gegeven die Ariston van de profeet Mohammed had gekregen.
Het verhaal is een ietsiepietsie dubieus omdat er 500 jaar verschil zit tussen de levens van Mohammed en Ariston en Kozha, maar ach het is een mooi verhaal en het levert een bijna even mooi bord op.

Na het bord met de gele letters gaan we op zoek naar de Kydra minaret. In de Lonely Planet staat behoorlijk geschreven waar je deze minaret kunt vinden, maar in tegenstelling tot de vele minaretten in Oezbekistan, zie je deze minaret pas als je er tegenaan loopt. Met een hoogte van ongeveer drie meter is dit de kleinste minaret van deze vakantie.

We hadden met onze chauffeur afgesproken dat we een uurtje nodig zouden hebben voor Sayram en dat hebben we behoorlijk goed ingeschat.
We lopen terug naar het kruispunt waar hij ons eruit gegooid heeft, maar bezoeken nog wel even het mausoleum van Karashash-Ana. Bij het kleine mausoleum zitten een paar vrouwen gezellig te klessebessen. Waarschijnlijk bespraken ze de meloenen-aankoop die ze even later zouden doen. Voor Diana levert dat altijd leuke plaatjes op.

We springen in onze taxi en worden hartelijk ontvangen door onze chauffeur. Jammer dat we er niets van verstaan.
De terugweg gaat aanzienlijk sneller dan de heenweg en binnen de kortste keren stappen we vlak bij ons hotel van de vorige keer uit. We betalen onze chauffeur het afgesproken bedrag en gaan bij het Georgische restaurant Mumuho wat eten.
Het eten bij het Georgische restaurant is weer heerlijk. Je zou bijna naar Georgie op vakantie gaan voor het eten.
Na het eten nemen we nog een bak koffie bij Global Coffee en gaan dan naar het treinstation.

Als we bij het treinstation aankomen, staat het perron al stampvol. Dat kan gezellig worden vannacht. De trein komt pas over drie kwartier dus we nemen nog even plaats in het stationsgebouw.
Om 07:45 uur wordt omgeroepen dat de trein er aan komt (dat denken wij). We lopen naar het perron en daar horen we dat onze trein op perron 2 arriveert. We lopen over het spoor naar perron 2 en zoeken een plekje tussen de medereizigers.
De trein is prachtig op tijd en tot onze opluchting is het een redelijk moderne, schone trein.
We delen de coupe met 2 Kazachse dames, dus veel gespreksstof is er niet. Om 21:00 uur maken we de bedjes op en gaan we slapen.

Vrijdag 25 oktober 2019

Ondanks dat deze trein nieuwer en comfortabeler is dan de trein naar Khiva, hebben we nu minder goed geslapen. Wat dat is? Wie het weet mag het zeggen.
Rond 06:00 uur komt de conducteur vertellen dat we bijna in Almaty zijn en om 06:20 uur staan we slaperig op het perron.

We worden gelijk aangesproken door taxichauffeurs en we kiezen er eentje uit. Het grappige is dat je in zee gaat met een taxichauffeur, maar dat je niet weet hoe de taxi eruit ziet. Nou, dat was bij deze taxichauffeur maar goed ook, want dan kreeg hij nooit meer klantjes. Wat een verrotte Golf; er zat bijna niets meer aan, het leek wel of we in een kale carrosserie stapten; geen handvaten, geen stripjes, geen ruitenwissers, you name it! Van binnen is het al even erg. Alles wat in zo’n auto hoort te zitten is kapot. Als hij wegrijdt horen we dat de motor in ongeveer dezelfde staat is als de carrosserie. Het is nog pikdonker en hij rijdt met één koplamp. Je kunt je afvragen hoe het aan de achterkant is. Deze auto wordt niet eens toegelaten op de sloop!
Maar goed, de chauffeur belt netjes met het hotel en rijdt er in een keer naar toe. Dat hebben we in glimmende taxi’s wel eens anders meegemaakt.

We checken net voor zevenen in bij het hotel en we zijn dolblij dat we gelijk al op de kamer kunnen. We gaan de 5e etage en duiken nog even in bed om wat van het slaaptekort in te halen.
Om half negen gaat de wekker, want we willen natuurlijk niets van het ontbijt missen. Even douchen en naar beneden.

Na het ontbijt gaan we eerst naar de Sberbank, 2 straten verderop, om een paar ton te halen voor ons toertje van morgen en overmorgen.
Omdat de pinautomaat maar maximaal 80 euro geeft op de Mastercard, gaan we geld halen aan het loket; net als vroeger.
Dat ‘net als vroeger’ nemen ze hier heel letterlijk. Er moet een berg papier ingevuld worden, alles moet dubbele getekend worden én je moet je pincode ingeven. Voordat er dan uitbetaald wordt komt er een andere medewerker om te controleren of die eerste medewerker geen fouten heeft gemaakt. De controle-medewerker moet dan óók weer van alles tekenen en pas dan wordt het geld uit de kluis gehaald. Gelukkig hebben we vandaag niet veel op het programma staan, want je bent er even zoet mee.

We leggen het geld in de kluis op de kamer en gaan dan bij Vilka een bak koffie drinken. Daar ontvouwen we de dan de plannen voor vandaag.
Veel hebben we eigenlijk niet meer te doen, want vorige keer hebben we de stad behoorlijk onder handen genomen.
Diana wil nog even bij een restaurantje kijken en Rob heeft nog een museum op z’n lijstje staan en er is een autovrij winkelgebied op Zhibek Zholy. Autovrij en Almaty, dat is zo’n contradictio in terminus, dat moeten we zien.

Het is een stevige wandeling naar de Chechil Pub, maar dan zie je ook weer wat van de stad. De oude Russische betonblokken steken schril af tegen de eigentijdse nieuwbouw. Grote, grauwe, bedompte appartement-blokken zijn soms wel opgeleukt met een mooie muurtekening, het blijven grote, Grauwe bedompte appartement-blokken en hoe je het ook wendt of keert, het hoort bij de historie van de stad.

Na een half uurtje zijn we bij de Chechil Pub. We gaan naar binnen en bestellen wat te drinken. Het is een hippe tent die supertrendy is ingericht. De naam is afgeleid van dé Che; de grote vriend van Fidel en vrijheidsstrijder in Cuba, Bolivia en Kongo.
Er hangen overal foto’s van de populaire man met de baret. Soms zelfs met een vleugje Nederland.

Na dit drankje met een historisch vleugje kunnen we nog wel wat meer cultuur happen en gaan we met de metro naar het A. Kasteyev Art Museum. Hoe bedenk je zo’n naam denk je dan, maar het is niet eens de eerste naam voor dit museum. Toen het museum z’n deuren opende in 1965 heette het museumd The Kazakh Art Gallery en in 1976 is het hernoemd naar The State Museum of Arts of the Republic of Kazakhstan. In 1984 wordt het museum dan vernoemd naar de Kazachse artiest Abylkhan Kasteyev. Ach, what’s in a name?

In tegenstelling tot het Central State Museum of the Republic of Kazachstan waar we eerder waren, is de collectie van dit museum zeer uitgebreid en zeer gevarieerd. Natuurlijk is er veel aandacht voor Kazachse kunst (wat dan soms weer op huisvlijt lijkt), maar er staat beeldhouwwerk, er is een kunstig projectje dat aan het plafond hangt en er staat zelfs een koe met uiers van wodkaflessen. Het grootste deel van het museum hangt echter vol met schilderijen. Allerlei genres, allerlei maten en uit allerlei landen; er hangen zelfs een paar Hollandsche meesters.

We snuffelen ruim een uur rond in het museum en na die culturele verrijking gaan we verder met ons tochtje langs de velden.
Dat laatste nemen we gelijk erg letterlijk, want we komen langs het stadion van de voetbalclub van Almaty: FC Kairat. In de buurt van het stadion staat alles in het teken van de club. Er zijn hele hekwerken beplakt met levensgrote posters van de spelers en ook het programma is overal aangeplakt. De lichtmasten zijn van verre te zien en ze hebben een heuse fanshop.

Wij lopen langs het stadion naar het Baikonur metrostation en gaan op weg naar station Zhibek Zholy, vlakbij het gelijknamige winkelgebied.
Het geeft toch een hele andere sfeer als je niet elke keer wordt opgeschrikt door getoeter van auto’s. Het winkelgebied is ruim opgezet en behalve de Kazachse winkelketens, zijn er internationale winkels als Mango en Starbucks.
We lopen naar het einde van het winkelgebied en daar wil Diana nog even een kledingwinkel in (……….). Bij het zien van de kleding aan de rekken wordt ze helemaal enthousiast en dat is niet alleen door de prijs. Het ziet er gewoon best leuk uit. De kwaliteit is niet altijd even best, maar het lukt haar uiteindelijk toch om een broek te scoren. Jullie mogen de komende weken raden welke het is.

Het is inmiddels 16:30 uur en de temperatuur begint al weer behoorlijk te dalen. We vinden sowieso dat het kouder is dan 3 weken geleden. We nemen de metro en gaan terug naar het hotel.
We doen vanavond niet te moeilijk en eten bij Vilka, een paar blokken verderop. We willen vanavond niet te laat naar bed, want het slaaptekort van de nachttrein moet wel ingehaald worden voordat we morgen weer aan de bak moeten.

Zaterdag 26 oktober 2019

We hebben een 2-daagse tour naar Pational Park Altyn Emel geboekt bij Kolsai Tour en worden om 07:30 uur opgehaald bij het hotel. Dat geeft ons een half uurtje om te ontbijten en uit te checken.
Omdat we morgenavond weer bij dit hotel terugkomen, laten we de grote rugzakken hier achter.

Als we om 07:28 uur de ontbijtzaal uitlopen staat onze gids/chauffeur al te wachten. Hij stelt zich voor en het blijkt Andrey te zijn, de eigenaar van Kolsai Tour.
We lopen naar buiten en daar staat onze ‘taxi’: een Toyota Sequoia. We hebben bijna een trappetje nodig om erin te komen.

We rijden Almaty uit en al snel zitten we op een prachtige snelweg. Andrey vertelt van alles en nog wat over Almaty, Kazachstan, het verbruik van de veel te grote auto, z’n familie en nog veel meer. Na een uurtje gaan we naar een Gazprom tankstation, omdat ze daar de beste benzine hebben, volgens Andrey.
Hij haalt er gelijk een kop koffie voor ons, dus de eerste punten heeft hij binnen.
Vlak voor Kapchagay staan grote reclameborden van casino’s langs de snelweg en in de Kapchagay staan de casino’s bijna op de snelweg. Kapchagay is het Las Vegas van Kazachstan, dus hier moet je zijn als je je geld kwijt wilt.

Na zo’n tweeënhalf uur verlaten we de snelweg en hebben we nog ruim een uur nodig om in Bashi te komen, waar ons hotel voor vannacht staat. We checken in en het hotel ziet er goed uit voor zo’n stoffig dorpje. Het schijnt nog niet zo oud te zijn, dus daar komen we goed mee weg.

We lunchen in de eetzaal naast het hotel en gaan dan op weg naar de ‘Singing Barkhan’, oftewel de zingende duin.
De weg erheen is een lang wasbord met grind en volgens Andrey moet je op zo’n weg minsten 60 km/u rijden omdat je anders gek wordt van het gehobbel. Hij drukt het gas in en laat zien hoe het moet.
We vliegen over de ribbels in de weg en laten een enorme stofpluim achter.
Onderweg zien we een groep grote roofvogels die van een karkas aan het snoepen zijn, maar als wij dichterbij komen vliegen ze weg.
We passeren een tweetal checkpoints en dan zien we in de verte ineens die duin. Het is net of die hoop zand er neer is gelegd. Zo’n duin zie je normaal gesproken in een woestijn, maar hier ligt de duine eenzaam en alleen tussen rotsachtig gebergte.

Andrey parkeert de wagen en we gaan op weg om de duin te beklimmen. Onderweg doen we onze schoenen uit en zetten die tussen de struiken. ‘No one will touch them’ zegt Andrey en we gaan op blote voeten verder naar de duin die voor ons ligt.
We klimmen naar de duinkam en volgen deze omhoog. Deze Barkhan is op het hoogste punt 120m hoog en als je de duinkam helemaal afloopt heb je 3km te gaan.

Het is best even wennen om over het topje van een duin te lopen, maar je kunt er eigenlijk niet afvallen.
Het uitzicht op de duin is fantastisch en na elke slinger ziet het er weer anders uit. We stoppen regelmatig om een foto te kunnen nemen.
Andrey laat de duin ook nog even zingen. Hiervoor rent hij In de lengterichting over het schuine deel van de duin en dan hoor je de duin inderdaad brommen (als je heeeeel goed luistert). De naam Singing Dune klinkt natuurlijk lekker in een brochure, maar ik zou er geen CD van kopen.
We lopen naar het hoogste punt en dalen dan een klein stukje af tot we bij een iets breder deel komen. Daar gaan we zitten en doen we even niets anders dan van de omgeving genieten.

Je kunt hier natuurlijk niet voor eeuwig blijven zitten, dus na een half uurtje komen we weer in de benen en lopen we dezelfde route terug. Onderweg komen we andere bezoekers tegen en voorzichtig lopen we langs elkaar heen.
Terug bij de auto zet Andrey op z’n eenpits gasstel een bakkie thee en haalt hij de onderweg gekochte chocolade en koekjes tevoorschijn. Dat hebben we wel verdient na de inspanning van net.

Rond 16:00 uur klimmen we weer in de auto en rijden we terug naar Bashi. We gooien onze spullen op de kamer en gaan dan ……………. nixen, want er is hier werkelijk helemaal niets te doen.
Andrey heeft ons verteld dat we om 19:00 uur dineren, maar omdat we al eerder in de eetzaal zijn wordt het eten voor ons eerder opgediend. De vegetarische maaltijd smaakt voortreffelijk!
Net als in Saty gaan we na het eten naar onze kamer en omdat het hier behoorlijk koud is, kruipen we snel onder de dubbele dekens.

Zondag 27 oktober 2019

We hadden gisteren met Andrey afgesproken dat we direct om 07:30 uur zouden ontbijten, want dan konden we mooi op tijd we. Als we onze kamer uitlopen komt Andrey eraan en zegt dat we pas om 08:00 uur kunnen ontbijten omdat het personeel gisteren naar het dorpsfeest is geweest. Dat vinden we een hele goede smoes, dus we gaan even terug naar onze kamer.
Om 07:45 uur zien we dan een vrouw in haar ponnetje naar de eetzaal lopen en dat is voor ons hét teken.

Het ontbijt krijgt een voldoende en om 08:20 uur gaan we op weg naar Aktau Mountains. Het is nog een hele rit naar deze kleurrijke bergen en het grootste deel is onverhard. We komen eerst nog door een tweetal kleine dorpjes waarvan de laatste zelfs een ezelparkeerplaats heeft.
Net als gisteren is er ook nu weer een checkpoint in-the-middle-of-nowhere waar de administratie geregeld moet worden. Pas dan gaat het hek open en stoffen we verder.
Niet ver van de bergen springen er voor ons 2 dwerg gazelles over de weg. Deze beestjes halen een snelheid van 60 km/u, dus wij zien al snel niet meer dan 2 kleine stofwolkjes.

Om 09:45 uur komen de witte bergen van Aktau in zicht en niet veel later parkeert Andrey de auto bij een kampeerlokatie. Nadat hij wat vriendelijkheden heeft uitgewisseld met een collega, deelt hij de stokken uit en gaan we op pad.
We zijn nu al onder de indruk van de omgeving, dus dat kan nog wat worden.
We lopen via een soort rivierbedding richting het rode gedeelte van Aktau. Naarmate we dichter bij de bergen komen, worden de kleuren intenser en ratelt de fotocamera vaker. Elke 50m willen we weer stoppen omdat het er nog mooier uitziet.

Aan het einde van het eerste deel van wat nog een stevige wandeling moet worden, krijgen we ook zicht op een witgrijs deel van Aktau. Het ziet er allemaal heel onaards uit. Er is geen plantje te ontdekken; er is alleen maar het kale, kleurrijke maanlandschap.
We draaien om en Andrey zegt dat we nu omhoog gaan. Als we naar de bergen om ons heen kijken zien we dat nog niet zomaar gebeuren; het is allemaal zo steil! Zou er aan de achterkant misschien een roltrap zijn?

Na een tiental minuten door de rivierbedding te hebben gelopen wijst Andrey naar links en zegt ‘here we go up’. ‘Ok’, zeggen wij zonder veel overtuiging ‘let’s go up’.
Het eerste deel van de klim is nog wel te doen en we kunnen nog steeds van de bergen om ons heen genieten. De rode bergen liggen nu achter ons en aan de rechterkant zien we steeds meer van de witte bergen verschijnen.
We blijven fotos maken, maar dan staan we ineens voor een listig stukje. We kijken omhoog en zien een supersteil stuk van nog geen 50m waarvan we ons afvragen hoe we daar omhoog komen. De ondergrond is van zandsteen en we merken dat dit materiaal nogal snel afbreekt.
Op handen en voeten leggen we de meters af en halen opgelucht adem als we het achter ons hebben. Dat viel niet me, maar we hebben het gedaan.

Het resterende stuk omhoog is goed te doen en dat geeft ons de gelegenheid om veel te veel fotos te maken.
Andrey neemt ons mee naar het hoogste uitkijkpunt en biedt aan om daar een paar fotos van ons te maken. Het wijst waar we moeten gaan staan voor het beste resultaat. Het enig wat wij denken is: ‘als het rotsje waar ik nu sta maar niet afbreekt’.

Na de fotosessie nemen we even de tijd om van het 360-graden uitzicht te genieten. Heel lang kunnen we hier helaas niet blijven, want we moeten vandaag weer terug naar Almaty. Er zit dus niet anders op dan Andrey te volgen op de weg naar beneden.
De omgeving blijft onverminderd mooi. Als we de witte bergen achter ons laten, komen er rood/oranje voor terug. Wat een prachtig rondje heeft Andrey voor ons uitgezocht!

Weer terug bij de auto zet hij een pot thee en krijgen we van z’n Kazachse collega een restantje soep aan geboden. Dat gaat er na zo’n portie inspanning wel in.
Als we weer een beetje op adem zijn gekomen, springen we in de auto en gaan we naar onze volgende bestemming van vandaag: KatuTau Mountains.

Het is maar een half uurtje rijden naar KatuTau Mountains, maar de omgeving is volledig anders. Hier geen kleurrijke bergen, maar een hoop vreemdvormig gesteente. Als we de auto uitspringen waarschuwt Andrey ons nog wel uit te kijken voor slangen; die komen hier veel voor.
We bekijken deze mega-drol van heel dichtbij en vragen ons af wat het is. Andrey komt even later met het antwoord. Toen dit gebied nog zeebodem was, is er lava omhoog gekomen en die lava is in het zeewater heel snel gestold waardoor het deze vreemde vorm heeft. Klinkt heel aannemelijk en wij hebben geen betere verklaring.

Om 14:00 uur springen we weer in de auto en gaan we terug naar Bashi voor een verlate lunch. We volgen de route van vanochtend in omgekeerde richting en na een uur zijn we terug bij ons hotel.
We werken de soep en de spaghetti naar binnen en springen dan opnieuw in de auto voor de drieenhalf uur durende rit naar Almaty. Eerst nog door de mooie omgeving bij het nationale park, maar als we de Altyn Emel pas over zijn en we weer op de snelweg zitten, tellen we de kilometers naar Almaty af.
Om 18:30 uur zet Andrey ons af bij het hotel en bedanken we hem voor de twee fantastische dagen.

Maandag 28 oktober 2019

Op onze voorlaatste dag in Kazachstan doen we het rustig aan. We slapen een beetje uit, nemen alle tijd bij het ontbijtbuffet en pakken dan onze rugzakken alvast voor een deel in. Dat is een eenvoudige klus, want bijna alles is smerig. Gewoon een kwestie van proppen.
Vandaag wordt een afkick-dag. Afkicken van al het moois dat we gezien en meegemaakt hebben.

Rond een uurtje of 10 gaan we dan toch nog maar even de straat op. Diana heeft tijdens het taxiritje van vrijdagochtend een groot shoppingcenter gezien en wil daar even een kijkje nemen. Volgens Google Maps is het maar 2 kilometer van ons hotel verwijderd, dus dat kunnen we wel lopen.

Als we buiten komen zien we dat het bewolkt is. Dit is dan officieel de eerste bewolkte dag van onze vakantie! De weergoden waren ons dit jaar zeer gunstig gezind.
We lopen in een links-rechts-links-rechts patroon naar het Mega Park, maar als we onderweg langs Cafe VIP komen, gaan we daar eerst maar even op het terrasje zitten. We bestellen een bak koffie en genieten van de zon die z’n best doet achter de bewolking.

Vanaf Cafe VIP is het nog 5 minuten lopen naar Mega Park en het lijkt een behoorlijk nieuwe mall te zijn. Op de gevel prijken bekende namen als H&M, Zara, Bershka en Reebok, maar ook minder bekende namen als Chaplin en LC Waikiki.
Na een krap uurtje bestaat de buit uit een ketting voor Diana en een trui voor Rob. Dat moet gevierd worden. Op naar de Mc!

Iets na enen gaan we weer terug naar het hotel waar we even checken of de was al klaar is. Omdat we niet te veel willen stinken in de LH647 hebben we toch maar even een setje naar de laundry gestuurd.
Als de fris ruikende kleren weer in onze kast hangen gaan we naar Vilka om daar, onder het genot van een drankje, dit blog bij te werken.

De rest van de middag doen we niets meer. We lezen een tijdschriftje en denken nog eens terug aan wat we de afgelopen 4 weken allemaal hebben gedaan.
Kazachstan en oezbekistan was een perfecte combinatie. In Kazachstan Kun je helemaal los gaan op de bijzondere (mooie) natuurgebieden terwijl Oezbekistan prachtige culturele (zijderoute) toplokaties te bieden heeft. De mensen in Kazachstan zijn wat gesloten en zullen niet snel contact maken terwijl de mensen in Oezbekistan juist het contact opzoeken. Voor beide landen geldt dat het Russische verleden nog duidelijk aanwezig is (vooral in de steden).

Rond 19:00 uur gaan we een hapje eten en maken we zoveel mogelijk van onze tenge op. Een laatste selfie en dan gaan we terug naar het hotel om de rugzakken in te pakken.
Om 01:30 uur staat de taxi naar de luchthaven voor de deur, dus we liggen er bijtijds in.

Dinsdag 29 oktober 2019

Als je om 01:30 uur wordt opgehaald door de taxi, kun je van nachtrust eigenlijk niet spreken. Zeker niet als je tijdens de paar uurtjes slaap door Jos gevraagd wordt of je je in wilt schrijven voor de 7-Heuvelenloop.
Maar goed, we hebben straks in het vliegtuig nog 7 uur om te slapen.

De taxi is mooi op tijd en omdat het verkeer in Almaty ‘s-nachts wel rustig is, zijn we binnen 20 minuten op de luchthaven. Op dit tijdstip is het ook op de luchthaven erg rustig. We zien op de beeldschermen dat er de komende uren maar 3 vluchten gepland zijn.

We checken onze rugzakken in en kopen dan met onze laatste tenge een bak koffie.
Tegen drieën gaan we door de douane en rond vier uur begint Lufthansa te boarden.
We lopen naar rij 34 en strak op tijd wordt het vliegtuig van de gate geduwd.
De rest is business as usual: hapje eten, filmpje kijken, oogjes toe, ontbijtje en touchdown.

Op Frankfurt Airport gaan we met het treintje naar vertrekhal A, waar nog een lange wandeling volgt.
Als we de security check gehad hebben, drinken we een bak koffie met appelgebak (ter compensatie van het ontbijt). Dan gaan we door de douane en zoeken we een plekje bij gate A21.

Met een kwartiertje vertraging vertrekken we naar Amsterdam. De stewies proppen er een broodje en een glaasje drinken in en een uurtje later staan we op Schiphol.
Gelukkig zijn onze rugzakken ook meegekomen, dus we kunnen met de trein naar huis. Dit avontuur zit er op!

Kazachstan & Oezbekistan 1

Dinsdag 1 oktober 2019

Om 05:45 uur stond onze taxi naar het station al voor de deur. Om de enorme ecologische voetafdruk die we vandaag achterlaten te compenseren, kwamen John en Charissa ons in een electriek automobiel ophalen; scheelt toch weer!

Perron 1 was om 06:00 vrijwel verlaten, maar toen om 06:13 uur de trein het station naderde, bleek dat er toch meer mensen op dit vroege uur de dag beginnen. We namen onze posities in en Charissa was als een van de eerste in de trein, waar ze een mooie zithoek voor ons reserveerde.
Nadat de trein weer in beweging was gekomen, kwamen we er snel achter dat het toch geen ideale plek was. Naast ons zaten 4 mannen uit het oosten van het land (type: boer) met een beugel Grolsch in de hand. Het bleken aanhangers van FC Twente te zijn die op weg waren naar het Champions League duel tussen Tottenham en Bayern. Nog voor 06:30 uur waren de beugels leeg en even later werden blikjes bier open getrokken (ook halve liters!).
In Amersfoort namen we afscheid van Charissa en vervolgenden we onze reis naar de luchthaven.
De boeren werden steeds luidruchtiger, maar gelukkig was er onvoldoende tijd voor een volgende dorstlesser want Schiphol kwam in zicht.

We moesten helemaal naar balie 1a in vertrekhal 1 en ondanks een haperende bagageband, konden we snel door naar de gate. De gloednieuwe A320neo was mooi op tijd, maar helaas zorgde een druk luchtruim toch voor wat vertraging.
Aan boord werd ons verteld dat de vlucht slechts 45 minuten zou duren, dus die vertraging werd wel weer goed gemaakt.

Op Frankfurt waren we blij met onze goede conditie. De wandeling van gate A naar gate C duurde, incl. douane en veiligheidscontrole bijna een half uur.
Bij het naastgelegen cafe Mondo nemen we wat te drinken, en wachten we tot het boarden begint.

Als het vliegtuig wordt volgeladen zien we dat het overgrote deel van de passagiers van Russische makelij is; nauwelijks toeristen waar te nemen.
De A330 waar we de komende 6 uur in opgesloten zitten is zeker niet nieuw en het programma van het entertainment system is ook niet bijzonder. De beeldschermpjes zijn zo klein dat we de hele reis met de leesbril op zitten.

Gelukkig is de service van Lufthansa goed en vliegen de uurtjes voorbij.
Net voor twaalven zet de piloot het vliegtuig op Kazachse bodem en een kwartiertje later staan we al in de rij bij de douane. Na een zorgvuldige controle van onze paspoorten lopen we door naar de bagageband.
Onze rugzakken zitten bij de eerste bagage op de band dus al snel lopen we door de deuren naar de aankomsthal. Tussen alle bordje die omhoog gehouden worden zit er eentje met onze namen en voor we het weten zitten we in taxi. De chauffeur trapt het gaspedaal stevig in en binnen 20 minuten staan we bij de receptie van het hotel. De bar van het hotel is 24 uur open, dus daar nemen we nog een versnapering.

Woensdag 2 oktober 2019

We hebben niets te klagen over de bedden in dit hotel. Als we de komende 4 weken dit soort bedden hebben, dan komt het met de nachtrust wel goed.
Om 09:00 uur liepen we naar de ontbijtzaal en daar aangekomen dachten we even dat we in een zijvleugel van het presidentieel paleis waren beland; wat een protserigheid, Russische chique, fantastisch!
het ontbijt is zeer uitgebreid en smaakt voortreffelijk. Ook hiervoor geldt: laat het een voorbode zijn voor de rest van de vakantie.

Tegen tienen liepen we de straat op en gingen we op zoek naar een pinautomaat. We hebben wel een stapel euri in de portemonnee, maar hier heb je toch echt tenge nodig. De eerste automaat is geen succes, maar gelukkig staan er bij die bank nog 3 automaten binnen. We gaan naar binnen, laten ons wegwijs maken door een vriendelijke dame, maar ook de machines in het bankgebouw weigeren geld te spugen. De vriendelijke dame adviseert het aan de balie te proberen, maar daar hebben we een paspoort voor nodig en dus loopt Rob terug naar het hotel. Een paar minuten later lopen we een hokje binnen en vragen een wat norse vrouw om even 100.000 te schokken. Nadat ze de creditcard aan alle kanten bekeken heeft, schudt ze haar hoofd en gebaart dat we hier geen geld gaan krijgen. Op naar de volgende dus!
Het stikt hier van de pinautomaten en grauwe bankgebouwen, dus hoe moeilijk kan het zijn.
Nou, om een lang verhaal over pinautomaten en banken kort te houden: heel moeilijk! Bijna anderhalf uur later lopen we eindelijk een bankgebouw binnen waar de geldgoden ons wel gunstig gezind zijn. Niet bij een automaat, maar bij een vriendelijke dame die, na wat formaliteiten, ons een stapel geld overhandigt.

We vervolgen onze weg en lopen het Panfilov Park in. Het is een prachtige dag met een strak blauwe lucht, maar als je onder de bomen loopt, merk je wel dat de herfst ook hier is begonnen.
Het park is vernoemd naar de Panfilov helden, 28 soldaten van een infanterie afdeling uit Almaty, die zijn gestorven toen ze in de buurt van Moskou tegen een Duitse tankdivisie vochten.
Midden in het park staat de kleurrijke Zenkov kathedraal. De kathedraal is volledig van hout gebouwd en is door de Russen gebruikt als museum en concertzaal. In 1995 is het gebouw teruggegeven aan de Russische Orthodoxe kerk.

Een paar honderd meter verderop is een monument opgericht ter nagedachtenis aan de Panfilov soldaten. Het is een voorstelling van soldaten uit alle 15 sovjet republieken die uit de kaart van de USSR barsten. Voor alle gevallenen in de burgeroorlog van 1917-1920 en de 2e wereldoorlog brandt er een eeuwige vlam aan de voorkant van het immense monument.

We lopen het park uit en gaan op weg naar de Zelyony bazaar. Hoewel we nooit in Rusland zijn geweest doet het straatbeeld Russisch aan. De gebouwen zijn groot, vierkant en meestal grijs.
Het gebouw waar de bazaar is ondergebracht is al even Russisch. Niet zozeer de hoogte, maar vooral de architectuur en de sierlijke gouden panelen tegen het plafond.
De groenten, fruit en vlees zijn kunstig uitgestald en het ziet er allemaal smakelijk en verzorgd uit. Iets wat je niet van alle marktkooplui kunt zeggen.
We besluiten hier wat te eten en drinken op een soort van balkon waar we de markthal goed kunnen overzien.

Na deze smakelijke lunch zijn we op zoek gegaan naar een lokale simkaart. We lopen de winkel van Kcell binnen en leggen aan een rondlopende verkoper uit wat de bedoeling is. Hij trekt een nummertje uit een automaat en zegt dat we 5 minuutjes moeten wachten.
Die 5 minuutjes worden er 20, maar uiteindelijk gaan we met een simkaart de winkel uit.

Omdat het bank- en telecomwereldje in Almaty te veel van onze tijd heeft opgeslokt, besluiten we met de metro naar het Plein van de Republiek te gaan. Hoewel de metrostations van Almaty in het niet vallen bij de stations die we in Tashkent te zien zullen krijgen, is het toch een belevenis. De tunnels bevinden zich op een enorme diepte en de stations zouden niet misstaan als museumzaal.

Vanaf station Abay is het nog zo’n 10 minuten lopen naar het Respublika Alany. Het plein is omgeven met monumentale gebouwen. In het midden staat het onafhankelijkheidsmonument, een stenen zuil met bovenop een gouden man die op een gevleugeld sneeuwluipaard staat (mooi verzonnen). Het is erg lastig een mooie foto van dit monument te maken. Dit komt niet alleen door de hoogte van de zuil, maar ook de de afschuwelijke witte bankgebouwen die op de achtergrond staan.
Aan de andere kant van het plein is het stadhuis, met vlak daarachter het verblijf van de president, maar deze gebouwen laten we even links liggen.

We lopen terug naar metrostation Abay, maar onderweg gaan we bij een schattig restaurantje op het terras zitten. Onder het genot van een drankje en een hapje laten we de zon onze gezichten bijkleuren.
Als er wat wolkjes voor de zon drijven, lopen we verder naar de metro en gaan we terug naar ons hotel. Vanavond wordt onze huurauto gebracht en dat mogen we niet missen.

Tegen zessen belt Alex van het autoverhuurbedrijf. We hadden afgesproken dat hij de auto om 18:00 uur zou brengen, maar dat gaat hij niet redden; druk, druk, druk. Het wordt een half uurtje later. Dit was geen voorbode voor meer slecht nieuws, want nog voor 18:30 uur staat onze zilvergrijze Duster voor het hotel. We lopen om de auto, nemen de schade op en papieren worden getekend. Dan het onvermijdelijke: betalen! Via de mail was afgesproken dat hij z’n mobiele pinautomaat zou meenemen, maar dat is hij vergeten. We besluiten met hem mee te rijden naar het kantoor zodat we met plastic kunnen betalen. We kunnen dan zelf met de auto terug naar het hotel.
Een kwartier door de files van Almaty en we zijn bij het kantoortje. Alex haalt het betaalapparaat, maar vertelt dan dat de borg wel cash betaald moet worden. De harde valuta liggen in het hotel, dus dan moet Alex maar weer mee terug rijden…………
Terug bij het hotel krijgt hij de euri en wij de autosleutel.

Het is inmiddels 19:30 uur, dus tijd voor een stevige hap. Op slechts een paar honderd meter van ons hotel is volgens Tripadvisor een hotel met goed eten en een Kazachse sfeer. We steken de straat over, slaan een keer links af en komen zo bij restaurant Baursak City. Er is niet veel te doen in het restaurant, maar het restaurant ziet er leuk uit. Als we aan ons tafeltje zitten ziet Diana wat folkloristische kledij hangen. Die kans laten we niet liggen. Zo kan het eten niet anders dan goed smaken!

Donderdag 3 oktober 2019

Hoewel we al om 07:00 uur voor de deur van de ontbijtzaal staan te trappelen, zijn we niet eens de eersten. Een groep Koreanen die vandaag de rit naar Kirgizië gaat maken is ons voor en vult de ontbijtzaal. We willen de ochtendspits in Almaty voor zijn, dus na een paar broodjes met ei zijn we weg.

We gooien onze rugzakken in de Duster, installeren ons in de comfortabele stoelen en gaan op pad. Bij het eerste tankstation nog even volgooien. Tanken is een lolletje in Kazachstan: 39 cent per liter! Met een volle tank gaan we volgas naar Charyn Canyon.
Ver komen we niet want het is om 07:30 uur toch al behoorlijk druk in Almaty. Het verkeer hier is een uitdaging; ze wisselen zomaar van rijbaan, parkeren hun auto op de rechterbaan als ze dat nodig vinden en toeteren iedereen van de weg die niet aan kant gaat. In zo’n situatie kun je het beste de rijstijl van de lokale bevolking aanmeten, dus in een half uur slingeren we Almaty uit.

Al snel is er bijna geen verkeer meer over en nemen we de omgeving in ons op. We zien vooral steppe om ons heen, maar in de verte zijn de besneeuwde pieken van het Zailiysky Alatau gebergte.
Regelmatig lopen er kuddes koeien, paarden en schapen over de steppe, meestal vergezeld van een Kazachse man op paard. Buiten de stad lijkt niemand haast te hebben; heel rustgevend.
Het enige wat we niet zien zijn tankstations en wegrestaurants. We zouden best een bakkie lusten, maar hier vind je niets aan de snelweg.
Afslagen zijn er wel; meestal richting een dorp met een exotisch klinkende naam als Koyshibek, Zhanashar, Kyrbaltabay, of wat dacht je van Novoalekseevka (probeer het met een Russische tong uit te spreken).
Na twee en een half uur zijn we dan bij de afslag naar Charyn Canyon. Het is nog een paar kilometer naar het toegangshek waar we ons inschrijven en een ticket kopen. We parkeren de auto op een parkeerplaats iets verderop en dalen dan af, de canyon in.

Charyn Canyon is het Kazachse antwoord op de Grand Canyon. Wind, water en zon hebben er miljoenen jaren over gedaan om de canyon op sommige plaatsen zo’n 300m diep te maken. Vanaf de parkeerplaats lopen we een betonnen trap af naar de bodem van de canyon. Hier is de canyon slechts enkele tientallen meters diep, maar we merken al snel dat het pad naar de de snelstromende Charyn rivier alsmaar blijft dalen.
De rotsformaties zijn schitterend en gevarieerd en ze worden mooier naarmate we dichter bij de rivier komen. Het lijkt wel wat op de rotsformaties van Bryce Canyon en Monument Valley in Amerika. We staan regelmatig stil, maken veel te veel foto’s en hebben daarom een uur nodig om het pad van 3km af te lopen.

Bij de rivier is een kampement van yurts en er zijn ook huisjes waar je kunt overnachten. De Gletsjerrivier stroomt snel en het wordt afgeraden er in te zwemmen, maar dat waren wij toch niet van plan.
Gelukkig is hier ook een restaurantje waar we een bakkie koffie kunnen kopen. We eten de laatste stukken van de speltkoek op en beginnen dan aan de terugweg.

De wandeling terug is minstens zo boeiend als de heenweg. We hebben de zon wat meer achter ons waardoor de kleuren van de rotsformaties nog beter uitkomen.
Er komen nog heel veel mensen naar beneden gewandeld, Ze zeulen van alles met zich mee: tuintafels, zitkussens, picknickmanden en er loopt zelfs een man met een bbq in z’n armen.

We hebben 50 minuten nodig om weer boven te komen en daar moeten we helaas moeten constateren dat de bergschoenen van Diana het niet overleefd hebben. Op de luchthaven van Frankfurt ging het al wat minder met ze, maar Charyn Canyon is ze te veel geworden. We nemen afscheid van de schoenen en dumpen ze in een afval container.

De canyon kan ook van bovenaf bekeken worden dus we rijden met de auto naar een parkeerplaats een paar honderd meter verderop. Via smalle paadjes komen we op gevaarlijke plekjes waar je een prachtig zicht hebt op de canyon. We lopen naar een paar van deze uitdagende plekjes en genieten van het uitzicht.
Dan is het toch echt tijd om weer verder te gaan. We lopen terug naar onze auto en rijden richting Saty.

Na Charyn Canyon is de weg een stuk slechter. Het voelt af en toe alsof we in een kermisattractie zitten. Het landschap ziet er hier weer heel anders uit. Alsof er een legergroene deken over de heuvels is gedrapeerd. De weg snijdt slingerend door dit groene landschap en pas na een uur komen we voor het eerst door een dorpje. Inmiddels zien we met sneeuw bedekte bergen voor ons liggen en na twee uur sturen komen we aan bij ons guesthouse In Saty.

De vrouw des huizes verstaat geen woord Engels, maar met hulp van iemand aan de telefoon komen we er wel uit. We gooien wat bagage op de kamer en parkeren de auto op het erf. Dan lopen we Saty in op zoek naar een restaurantje of iets dergelijks, maar meer dan een mini-supermarket heeft dit dorp niet. Niets, nada te beleven! We lopen naar het eind van de hoofdstraat en maken daar toevallig het hoogtepunt van de dag (of week) mee: de bovenmeester van de basisschool jaargt een viertal koeien uit de tuin bij de school.
We doen wat inkopen bij de mini-market en slenteren dan terug naar ons guesthouse.

Onze accommodatie is geboekt o.b.v. vol pension En dat betekent dat de lieftallige vrouw des huizes ook de als kok des huizes fungeert. We hebben met haar afgesproken dat we om 19:00 uur aanschuiven en we zijn stipt op tijd.
De tafel is al gedekt; er staan koekjes en snoepjes, kersenjam en brood, maar het is ons niet duidelijk wat dit met het diner te maken heeft. We beginnen maar wat aan het brood te knabbelen als kokkie uit de keuken komt aanlopen met een bord vol dumplings. Ze zet er een schaaltje sambal-achtig spul en een witte-koolsalade bij en wij vallen aan. De dumplings smaken net zo goed als ze er uitzien! De salade maakt het af.
We eten ons bordje leeg en spoelen de laatste broodkruimels weg met de thee die ze ook nog heeft gebracht. Dat was boven verwachting!

Vrijdag 4 oktober

We hoeven vandaag niet zo vroeg op pad, want het Kolsai meer is slechts 15km van Saty verwijderd. Rond 8 uur gaan we naar beneden om ons te laten verrassen door kokkie. Er zijn al een paar andere reizigers aan tafel gegaan en we zien dat kokkie rijstepap serveert. Dat moeten wij voorkomen. Diana sprint de keuken in en onderhandelt met kokkie. Even later krijgen wij een heerlijk gebakken eitje geserveerd.

Tegen negenen trappen we ons bakkie weer aan en gaan we op weg naar het Kolsai meer. Saty mag dan wel niets voorstellen en we zouden hier waarschijnlijk al snel gillend gek worden, maar de omgeving is schitterend! We slingeren weer over de enige asfaltweg in de wijde omgeving en na 10 minuten staan we voor een ‘controlepost’ annex ticketoffice. De auto parkeren we op de weg en Rob gaat het hokje met 2 Kazachse dames in om zich in te schrijven en te betalen. Pas dan gaat het hek open en kunnen we verder naar het meer.

We parkeren de auto op de grote parkeerplaats bij het meer en lopen de laatste paar honderd meter naar het meer.
Het wordt afgezaagd, maar wat een prachtig plaatje! Een plaatje dat overigens best in Canada, Zwitserland, Oostenrijk of elk ander land met meren en sneeuw bedekte pieken.
Vanaf de bergen die hier als achtergrond dienen, gaat het smeltwater via een viertal meren naar beneden. Het meer waar we nu voor staan is de laatste van de vier. Het is mogelijk om naar het tweede Kolsai meer te lopen, maar de paden zijn erg slecht. Het is zo’n 4km en je doet er minstens 3 uur over (enkele reis).

Wij kiezen voor een wandelingetje rond dit meer. We lopen eerst over een vlonderpad aan de oostkant van het meer, maar al snel is het pad niet meer dan een smal zandpaadje met boomwortels die je willen laten struikelen. Gelukkig duurt dit niet lang en komen we op een open vlakte waar we weer normaal kunnen ademhalen. De uitzichten tussen de pijnbomen door zijn fantastisch. Een deel van de loofbomen heeft de herfstjas al aangetrokken en dat kleurt prachtig tegen het groen-blauwe water van het meer.
Na het open gedeelte lopen we verder over steeds smaller wordende paadjes, tot we op een gegeven ogenblijk niet meer zien waar het pad is. Het lijkt allemaal glibberige bosbodem.

We keren om en lopen voorzichtig terug naar de open vlakte waar een kleine steiger is. Hier genieten we nog even van het uitzicht over het meer en proberen we het ideale plaatje vast te leggen. We zijn niet de enigen die op deze plek een fotootje willen maken, dus we moeten wel even geduld hebben. Uiteindelijk is het wel gelukt, al zeggen we het zelf.

We lopen terug en zitten op een bankje nog even na te genieten van het uitzicht over het meer; hier kan geen Valdispert tegenaan!
Na een kwartiertje ontstressen gaan we terug naar de auto en om 11:30 uur rijden we van de parkeerplaats af.
We moeten dezelfde route terug rijden, maar genieten toch van heel veel nieuwe uitzichten. We zien hier en daar yurts op de steppe. Daar slapen waarschijnlijk de mannen die op hun paard de koeien, schapen of paarden bij elkaar houden, of misschien is het de slaapplek voor hun kinderen en kunnen ze zelf rustig thuis slapen.
We komen langs heuvels die ons doen denken aan de Cerro de los Siete Colores in Argentinie, een kleinere canyon waarvan de wand wat weg heeft van spekkoek terwijl we voort scheuren over een slingerende loper van asfalt. Het is een lange rit, maar mag best nog wel langer duren.

Om 14:15 uur komen we door Bayseit, een wat groter dorp langs de weg. De bevolking gebruikt de doorgaande weg als markt en restaurant; De bbq’s staan hevig te roken. Wij parkeren de auto ergens aan de kant van de weg en lopen langs de verschillende stalletjes. De meeste verkopen fruit en groenten, maar je kunt er ook brood en huishoudelijke artikelen krijgen. Omdat we nog niet geluncht hebben gaat onze aandacht vooral uit naar de bbq’s. We zoeken er eentje uit die het vuur al goed opgestookt heeft en we bestellen een sjasliek, het traditionele gerecht uit Centraal-Azie.

Na deze stevige lunch maken we ons op voor de laatste 125 kilometer. We vinden het landschap hier minder mooi, want we zijn verwend door wat achter ons ligt.
Om 15:45 uur staan we voor een tolpoortje waar we 65 cent betalen om ons vervolgens weer in het verkeer van Almaty te storten.
We hoopten net voor de spits terug te zijn, maar dat plan lijkt mislukt. Het lijkt erger dan op de heenweg; auto’s vliegen toeterend aan beide kanten voorbij en op een rotonde worden we bijna gemangeld tussen een bus en een veel grotere suv. Google Maps adviseert ons bij de route door de stad, maar het lijkt er niet op dat we gemakkelijkste route krijgen voorgeschoteld. Na een x-aantal bijna-aanrijdingen (in onze ogen) arriveren we om 16:23 uur bij ons hotel. Halleluja!!!

Zaterdag 5 oktober 2019

Nadat we ons bij het ontbijt vol hebben gepropt, gaan we op weg naar Big Almaty Lake, of Ozero Bolshoe Almatinskoe, zoals de Kazachen zeggen. Het verkeer is een stuk rustiger op een zaterdag en dat is wel zo prettig. Bovendien rijden we van de stad af, dus voordat we het weten zitten we weer op een slingerweg de bergen in. Ook dit keer wordt het laatste stuk van de route weer geblokkeerd door een slagboom en als de agent/bewaker onze auto inkijkt zegt hij alleen maar ‘one thousend’. Niet voor een entreeticket maar voor z’n eigen broekzak. Zo gaat dat hier af en toe nog wel in Kazachstan. Wij gaan hier geen stennis over maken en betalen de omkoopsom van 2 euro 35 cent. Dan geven we gas het nationaal park Ile-Alatau in.

Het is ongeveer een uur rijden naar het stuwmeer op 2511 meter en de laatste kilometers gaan regelmatig met 12% omhoog. Het meer is 1,6km lang en ongeveer 1km breed, het diepste punt is zo’n 40m en het meer bevat ongeveer 14 miljoen kubieke meter water. Dit water is een belangrijke bron van drinkwater voor de regio.
Allemaal leuk en aardig, maar wij gaan hier vooral heen omdat het er fantastisch uitziet. Nadat we de auto aan de kant geparkeerd hebben, lopen we richting het turquoise meer. We zijn zeker niet de eersten vandaag want in het weekend is dit een populaire bestemming voor de inwoners van Almaty. Alle fotografische hotspots zijn inmiddels ingenomen, op elke rots zit of staat iemand te poseren.
Wij wachten onze kans af en als er een rots vrij komt bespringen we die gelijk.

We blijven een uurtje rond het meer hangen en genieten van het fantastische uitzicht en de capriolen die iedereen uithaalt om een bijzonder foto te maken. Er lijkt zelfs een huwelijksaanzoek te worden gedaan op een rots. Een jongen en meisje nemen allerlei poses aan terwijl een fotograaf om hen heen cirkelt. Lichaams- en gebarentaal doet ons ons vermoeden dat dit iets dergelijks is.
Na anderhalf uur lopen we terug naar de auto en rijden we een klein stukje verder om het meer nog één keer in volle glorie te kunnen zien liggen.

De weg naar beneden was vooral een aanslag op de remmen. We hebben ze niet geteld, maar het aantal bordjes met 12%-daling lijkt oneindig. Onze volgende bestemming is de Medeo ijsbaan. Tot midden jaren tachtig was dit de snelste ijsbaan ter wereld. Door de bijzondere ligging van de ijsbaan kan er onder bepaalde omstandigheden de hele ronde rugwind optreden. Met de komst van de binnenbanen is Medeo echter op een zijspoor geraakt.

Omdat de ijsbaan op 1691m ligt slingeren we weer vrolijk omhoog. Dit keer echter via een mooie brede weg, dus geen manoeuvres om tegenliggers te ontwijken.
Nadat we een plekje voor de auto hebben gevonden, lopen we trappen op naar de ijsbaan. Daar wacht een teleurstelling, want de ijsmeester heeft nog geen tijd gehad om een ijsvloertje te leggen. Dan kunnen we onze schaatsen weer in het vet zetten; daar gaat de kans op een mooi PR.

Gelukkig is er naast de schaatsbaan een loungebar, dus nemen we daar maar even plaats op een zitzak. Het is inmiddels toch lunchtijd, dus tijd voor een bestelling. We zitten met onze bakkus in de zon en het is er heerlijk warm. Een t-shirt, korte broek en teenslippers zou een toepasselijke outfit zijn geweest.
Als we de lunch naar binnen hebben gewerkt, gaan we op weg naar onze laatste bestemming van vandaag: Shymbulak.

Shymbulak is het grootste ski-resort in Centraal Azie en ligt op 25km van Almaty. Dit resort is populair vanwege het milde klimaat, de vele zonuren en een enorme hoop sneeuw in de winter.
Omdat we niet met eigen auto naar boven mogen, kopen we een kaart voor de taxibus die ons in 20 minuten naar 2200m hoogte brengt.
Vanaf hier kun je alleen met de kabelbaan verder en aangezien er hier nog geen vlok sneeuw te zien is, kopen we een prijzig kaartje voor dit wintersport-vervoermiddel. Deze kabelbaan brengt ons naar 2630m, maar ook hier is nog nauwelijks sneeuw te bekennen. We gaan dus maar met de volgende kabelaan naar 3200m hoogte. Hier is eindelijk voldoende sneeuw voor een mini-afdaling.

Als we voldoende wintersport-sfeer hebben gesnoven, gaan we met kabelbaan, kabelbaan, taxibus naar beneden. We kruipen voor de laatste keer in onze Duster en rijden terug naar ons hotel. Daar wordt de auto rond 18:00 uur opgehaald. De medewerker van Vladex vindt dat we de auto goed hebben behandeld, dus we krijgen onze borg terug en daar kunnen we hier wel een week van leven.

Zondag 6 oktober 2019

Onze trein naar Tulkibas gaat pas om 19:32 uur, dus we hebben nog de hele dag voor Almaty. Er zijn nog een paar dingen die we willen doen en de eerste is Kok Toby bezoeken.
We nemen de metro naar Abay en lopen richting de kabelbaan die ons naar boven moet brengen, maar tot onze verbazing zien we dat er een Starbuck’s naast zit. Die koffie laten we ons niet ontnemen.

Kok Toby is een soort kermis/pretpark/mini-dierentuin op een heuvel naast de TV-toren, net buiten Almaty. Er is hier van alles te doen voor de hele familie: een reuzenrad(je), een huis-op-de-kop, een klimmuur, een klimbos(je), lachspiegels, botsautos, rodelbaan en nog veel meer. Wij laten de attracties echter links liggen en zijn vooral benieuwd naar het uitzicht over Almaty.
We zoeken een uitkijk-platform op en proberen bekende gebouwen te ontdekken, maar dat valt niet mee. Het valt ons wel op dat er een smog-deken over de stad hangt.

Voordat we weer met de kabelbaan naar beneden gaan maken we een rondje over het kermis-terrein. Hoewel het zondag is, is er nog niet veel te doen. Het personeel hangt wat verveeld rond en de beesten in de veel te kleine hokken maken ook geen spektakel.
We gaan nog wel even op de foto met de John, Paul, George en Ringo, maar stappen dan weer in het bakje naar beneden.

Volgende stop is Dostyk Plaza; een enorm modern winkelcentrum waar alle bekende merken vertegenwoordigd zijn. We hopen dat daar de prijzen net zo laag zijn als die van het eten of de benzine, maar het zou helemaal mooi zijn als Diana een paar schoenen op de kop kan tikken.
We duiken een paar sportwinkels in, maar geen schoenen die een verbetering zijn t.o.v. de Teva’s. De prijzen van kleding en schoenen vallen niet mee. Het prijsnivo is ongeveer gelijk aan Nederland. Een half uurtje later staan we al weer buiten.

Als laatste staat het Central State Museum of the Republic of Kazakhstan op het programma. We hebben getwijfeld of we naar dit museum zouden gaan, maar nu we er zo dicht bij zijn laten we deze kans niet glippen.
Het grote grijze gebouw met blauwe koepels zien we al van grote afstand. We gaan naar binnen, maar twijfelen gelijk of we wel in het juiste gebouw zijn. De hele benedenverdieping is een grote kleedjesmarkt waar producten van huisvlijt verkocht worden.
We lopen naar de kassa en we blijken toch echt in het Central State Museum of …….. te zijn. We kopen 2 kaartjes en gaan door het detectiepoortje naar binnen.

Een kaartje voor dit museum kost net iets meer dan een euro dus een buil kun je er niet aan vallen. We lopen tussen de kleedjes door en gaan de trap op naar de tweede verdieping. In een grote zaal staat alles in het teken van de vorige president van Kazachstan, Nursultan Nazarbajev. In de vele vitrines worden prularia uitgestald die de president heeft ontvangen bij bezoekjes van andere wereldleiders. Die troep wilde hij waarschijnlijk niet in z’n woonkamer hebben. Er is ook een vitrine met de officiele trainingspakken van Kazachstan toen zij de Asian Winter Games organiseerden in 2011. Allemaal heel boeiend museum-materiaal.

Wij zijn als snel uitgekeken op de 2e, dus dalen we een trapje af. Daar hangen enkele tientallen schilderijen waarop mensen in het dagelijks leven zijn geportretteerd. Aardige plaatjes, maar deze schilderijen zouden ook door buurman Kees gemaakt kunnen zijn.
We gaan snel weer een trappetje lager waar we, heel toepasselijk, het dieptepunt van de collectie aanschouwen. Een hele rits poppen; de ene nog lelijker dan de andere. Dit heeft niets te maken met antropologie, is geen bijzondere kunstuiting, maar is waarschijnlijk voortgekomen uit verveling bij de vrouw van Kees.
We lopen het museum uit en gaan even op de trap voor het gebouw zitten. We laten alles nog even op ons inwerken. Dit moet het meest bijzondere museum zijn dat wij ooit bezocht hebben.

Op weg naar metrostation Abay lopen we langs het Zheltoksan Monument, dat ook bekend staat als het Dawn of Freedom monument. Het is opgedragen aan de personen die zijn omgekomen tijdens de rellen in december 1986. Deze rellen waren een gevolg van de eerste grote protesten tegen de Sovjet-Unie in Centraal-Azie en werden gewelddadig neergeslagen door de Sovjetautoriteiten.

We nemen de metro naar het eindstation Raiymbek Batyr om dan een bezoekje te brengen aan de 600m verderop gelegen grote moskee van Almaty. Het is inmiddels 13:30 uur, dus onderweg naar de moskee eten we Even een broodje. Hoewel het brood in Almaty over het algemeen stevig tot hard is, lijken deze broodjes ovenvers.
Rond 14:00 uur zijn we dan bij de moskee, maar helaas zijn daar werkzaamheden aan de gang. We maken een rondje en gaan dan terug naar het metrostation en dan terug naar het hotel om onze rugzakken in te pakken voor de treinreis.

Tegen zessen nemen we een taxi naar het treinstation. Dat is wat vroeg, maar we weten niet wat we allemaal gaan tegenkomen met het in Nederland geboekte treinticket.
Ook het stationsgebouw is van het type ‘Russisch blok’ en in het gebouw gaan we eerst op zoek naar iemand die onze tickets kan goedkeuren.
Gelukkig valt het allemaal mee en hoeft de Kazachstaanse bureaucratie geen plasje te doen over onze tickets.
We nemen plaats in de wachtruimte, maar het lijkt Diana wel handig om de extra tijd te gebruiken om alvast een treinticket voor de rit van Tulkubas naar Shymkent te kopen. Ze checkt bij loketjes of er een woord Engels uitkomt, maar pas bij het vierde loket (een speciaal Tourist loket) wordt er wat Engels gesproken. De kaartjes worden gekocht en het wachten is op de trein naar Tulkubas.

Iets voor zevenen rijdt onze trein op perron 1 binnen. We slepen de rugzakken naar wagen 13 en installeren ons bij de bedden 11 en 12. We hebben dit keer een luxe 2-persoons coupe, dus geen last van snurkende medereizigers.
De trein vertrekt op tijd en al snel merken we dat dit geen zoevende Shinkansen uit Japan is. De trein rammelt over het spoor, dus of we lekker zullen slapen……
Rob zet de wekker op 04:00 uur en om 21:15 uur nemen we onze ligposities in. Weltrusten!!

Maandag 7 oktober 2019

Na een onrustige nacht (zoals dat heet) schrokken we om 04:00 uur wakker van de wekker. We zouden om 04:50 uur in Tulkubas aankomen, dus we konden nog even op gang komen.
We hadden het gevoel dat we vannacht een aantal keer lang stil hadden gestaan en het leek dat de trein erg langzaam reed.
We kleden ons aan en Rob kijkt door de ramen aan het gangpad of er al iets stedelijks te zien is, maar het is nog te donker.
Dan komt de conducteur door het gangpad gelopen en brabbelt wat in het Russisch. Even later komt hij terug met z’n telefoon en laat het scherm zien. Met behulp van Google Translate laat hij weten dat de trein 8 uur vertraging heeft opgelopen! Maar dat is bijna net zo lang als de treinreis zou duren, WTF, in Tulkubas staan ze waarschijnlijk al op ons te wachten! Tja, wat doe je eraan, overmacht. We trekken onze kleren uit en gaan weer slapen, dit keer zonder wekker.

Iets na 08:30 uur worden we voor de tweede keer wakker. We kleden ons aan en gaan op verkenning uit. In de restauratiewagen krijgen we een update. De conducteur laat ons via Google Translate weten dat de vertraging nog steeds hetzelfde is en dat deze veroorzaakt is door een vrachttrein. Meer details krijgen we niet.
We bestellen een pot thee en gebakken ei van de kaart, maar dat laatste is er niet. De barman laat weten dat er alleen maar rijstepap te krijgen is, maar dat laten we aan ons voorbij gaan. Gelukkig hebben we zelf nog wel wat in de voorraadtas, Als pleister op de wonde is al het drinken wel gratis, dus we springen een gat in de lucht.

Tegen 13:30 uur komt de conducteur triomfantelijk vertellen dat Tulkibas in zicht komt. We pakken onze rugtassen in en als de trein tot stilstand is gekomen lopen we naar de uitgang. Na een rit van 18 uur zijn we eindelijk in Tulkibas.
We gaan op zoek naar de auto van Ruslan die ons hier op komt halen. Hij heeft ons eerder ontdekt dan wij zijn auto, want nog voordat we de trap af zijn horen we opeens ‘Rob and Diana?’. Het is Ruslan. We schudden hem de hand en lopen naar zijn auto, bagage achterin en scheuren met die bak.

We hadden Ruslan in de trein al laten weten dat we vertraging hadden, maar dat bericht heeft hem te laat bereikt. Hij vertelde dat hij om 05:00 uur al op het station was toen hij hoorde van de vertraging. Hij lacht erom en zegt dat vertraging wel vaker voorkomt in Kazachstan, alleen niet zoveel vertraging als wij hadden. Wat een bofkonten zijn we toch.
Bij het guesthouse van Ruslan brengt hij ons naar de yurt. Hij vraagt of we nog steeds in de Yurt willen slapen, want het is erg koud ‘s-nachts. Dit is onze enige kans op een romantische nacht in een yurt, dus voor hij het weet staan onze spullen al in de ronde tent.

Ruslan had onderweg al verteld dat we om 14:00 uur zouden worden opgehaald voor de tocht naar Aksu Canyon. Als we nog bij de yurt staan te kletsen komt de park-ranger al aangereden. We pakken onze camera’s en gaan op weg.
Er gaat nog een Duitse reiziger met ons mee naar de canyon. Door de vertraging van onze trein, staat hij al de hele dag te wachten op dit tochtje.
In drie kwartier rijden we naar de canyon, eerst nog over asfalt, maar het laatste stuk over een hobbelig zandpad.
Als de auto geparkeerd is lopen we eerst naar de rand van de canyon om van het uitzicht te genieten.

Aksu Canyon is niet te vergelijken met Charyn Canyon waar we een paar dagen geleden waren. Het beeld in Charyn Canyon wordt bepaald door de grillige vormen van rood zandsteen waar bijna geen boom of struik groeide, terwijl de Aksu Canyon juist heel groen is afgewisseld met bruine en grijze rotsen.
Dit is de regio waar de (wilde) tulpen vandaan komen. Herschrijf de geschiedenis boeken; niet Nederland, niet Turkije, maar Kazachstan is het land van de tulpen.
We hebben van Ruslan een lunchbox meegekregen, maar besluiten die later op te eten; we gaan nu eerst naar beneden.

De park-ranger gaat ons voor op een smal paadje dat af en toe verraderlijk is door de vele steentjes die er liggen. Behoedzaam slingeren we naar beneden en proberen onderweg zoveel mogelijk van het uitzicht te genieten. Ranger-Rob ziet (zonder bril) een adelaar vliegen en volgens de park-ranger is het nog een jong beest.
We hebben drie kwartier nodig om bij de rivier te komen. Hier rusten we even uit en genieten van het uitzicht over de rivier.

What comes down must go up, of zoiets. Na een kwartiertje beginnen we aan de listige beklimming van de canyonwand en daarvoor is heel wat inspanning nodig. Onze Duitse vriend heeft het zichtbaar moeilijk, maar uiteindelijk komt ook hij weer boven.
Na deze inspanning duiken we op de lunchbox en doen we ons tegoed aan de dumplings, het brood en het fruit. Er is zelfs een thermosfles heet water meegegeven, dus een lekker bakkie thee completeert deze late lunch.

Het programma bij de canyon is nog niet helemaal klaar. De chauffeur start de auto en we gaan een vijftal kilometers verderop om de canyon vanuit een andere hoek te bekijken.
Bij de eerste stop is het uitzicht fantastisch, maar het tweede uitkijkpunt hadden we rustig over kunnen slaan.
Dan rijden we terug naar onze overnachtingsplek. We pikken onderweg de park-ranger op en aan de grote weg stapt de Duitse man uit omdat hij vanavond de trein naar Shymkent wil pakken.

‘s-Avonds heeft de moeder van Ruslan een heerlijke maaltijd bereid. Samen met een tweetal andere toeristen die samen met een gids door Centraal-Azië reizen, laten we het ons goed smaken.
Tegen negenen gaan we dan naar onze yurt. We hebben nog wel wat slaap in te halen, na de gebroken nacht in de trein.
We trekken de dekens over ons heen en vallen al snel in slaap.