Maandag 12 november
Onze laatste dag op Ishigaki willen we zo snel mogelijk van het eiland af, maar omdat het zelfs in downtown Ishigaki onmogelijk is om aan een ontbijt te komen, vluchten we eerst de Family Mart in, kopen daar allemaal ontbijt-ingrediënten en gaan aan een bistro-tafeltje van een naastgelegen restaurant zitten om heel romantisch van dit voorverpakte ontbijt te genieten.
Na het uitgebalanceerde ontbijt lopen we naar de ferry-terminal om daar kaartjes voor de ferry naar Taketomi te kopen.
Taketomi is een piepklein eilandje (eigenlijk een atol) van 5,4 vierkante kilometers, dat op slechts 15 minuten varen van Ishigaki ligt, dus ideaal voor een (halve) dagtocht.
We hebben de ferry van 09:30 uur en om 09:45 uur staan we al bij de Tourist Information van het eiland. We krijgen een geplastificeerde kaart van het eiland mee, waarop een route is getekend die je langs de hoogtepunten leidt. We maken het onszelf niet te moeilijk vandaag en volgende aangegeven route. Niet op de fiets, zoals veel andere toeristen, maar te voet.

Eerst lopen we naar het Ryukyu dorpje op het eiland. Dit dorpje bestaat bijna alleen maar uit traditionele huisjes die omgeven zijn door muren van gestapelde stenen en waarvan het dak bedekt is met rode pannen. Bij de huisjes vind je altijd wel een shisa beeld om de boze geesten weg te houden. De huisjes zijn bijzonder goed onderhouden en dat geeft een prachtige sfeer. De straten zijn van zand, en meestal niet breder dan twee meter. Auto’s zie je hier dus bijna niet.

We gaan in het dorp rechtsaf en lopen eerst naar de noord-westkant van het eiland. We komen langs prachtige huisjes, waarvan enkele dienst doen als restaurant en bij een paar verkopen ze lokale souvenirs. We komen langs een bedrijfje waar ze tochtjes met een kar achter een waterbuffel aanbieden. Helaas is de Nagominoto toren in deplorabele staat, waardoor we niet van het uitzicht over het eiland kunnen genieten.
Na een half uurtje komen we bij de Sanbashi pier, waar we van het uitzicht genieten. We kunnen het eiland Kohama zien liggen.

Over het strand lopen we verder naar het Kondoi strand, Het witte zand schittert in het zonlicht en het kabbelende zeewater is glashelder. Met een comfortabele ligstoel en en een volle koelbox kom je hier de dag wel door. Het vreemde is dat er op geen enkele manier handel van de toeristen wordt gemaakt. Er is een toiletgebouw, maar je kunt er nog geen flesje water kopen.

We lopen verder over strand en gaan naar het Kaiji strand. Dit strand is beroemd vanwege z’n sterren-zand, dat voor een deel bestaat uit de overblijfselen van de foraminifera, een organisme dat is staat is van vorm te veranderen door het uitrekken en terugtrekken van z’n cellen. Interessant verhaal, maar als je goed zoekt kun je hele kleine sterretjes in het zand vinden. Het is ons niet gelukt om dit sterren-zand te vinden en na onze mislukte zoektocht gaan we terug naar het dorpje.

Omdat we geen geschikte lunchtent kunnen vinden, lopen we gelijk door naar de haven en nemen de ferry terug naar Ishigaki. Gelukkig hebben ze daar wel een vette hap.
Na een goede lunch (vooral de patatjes waren heeeeerlijk) lopen we terug naar het hotel omdat we naar een strand aan de westkant van Ishigaki willen. Bij het hotel blijkt de bus net weg te zijn en de volgende bus gaat pas om 16:30 uur. Dan gaan we maar weer terug naar de haven en nemen we een versnapering op een terrasje.
Rond vier uur lopen we dan weer naar het hotel (de fitbit van Diana blijft juichen) en laten we ons door de bus van 16:30 uur bij een zusterhotel afzetten. Het is natuurlijk veel te laat om nog in de zon plaats te nemen, maar de zonsondergang zou hier heel mooi moeten zijn, dus daar wachten we maar even op.
Helaas gooit de bewolking een beetje roet in het eten, maar het is toch best wel een mooi plaatje.

Terug bij ons hotel lopen we nog een keer naar het centrum, want we moeten nog wel wat eten. We komen in een restaurantje terecht waar de muren helemaal vol hangen met visitekaartjes, boardingpassen en andersoortige reisbewijzen. In Nederland zou zo’n zaak niet lang bestaan, maar hier maakt dat allemaal niet zoveel uit. We bestellen wat lokale noedelgerechten en het smaakt voortreffelijk.
We lopen nog een laatste keer terug naar het hotel en gaan gelijk door naar de kamer om onze rugzakken in te pakken voor de vlucht naar Tokyo.
Dinsdag 13 november
Tja,wat valt er te vertellen over een reisdag waarop alles soepeltjes verloopt? Eigenlijk helemaal niets, maar je wilt je publiek ook niet teleurstellen……
We begonnen weer met zo’n chique ontbijtje uit de supermarkt. Dat is geen tafereeltje om een foto van te maken, maar het smaakte wel weer vurrukkuluk. Terug bij het hotel slepen we de rugzakken van de kamer en wachten we op de gratis shuttle-bus van het hotel, die ons naar de luchthaven brengt. Die bus levert ons precies om 11:00 uur af bij de luchthaven waar we in de rij gaan staan voor het inchecken. Een half uurtje later gaan de rugzakken via de lopende band naar het vliegtuig en nemen wij de route langs de security check. Hierna nemen we plaats in de ongezellige wachtruimte waar de slecht verstaanbare stewie om 12:15 uur begint met het inchecken. Alle passagiers zitten in no time in het vliegtuig en we kunnen precies op tijd vertrekken naar Tokyo.

De vlucht verloopt heel smooth en om 15:00 uur landen we op Haneda airport. Als wij ons net geinstalleerd hebben bij de bagageband, komen onze rugzakken er al aan. We nemen de roltrap naar de monorail en stappen in de klaarstaande trein. Een paar minuten later zijn we op weg naar het eindstation van de monorail: Hamamatsucho. We lopen een paar honderd meter naar metrostation Daimon waar we Asakusa lijn nemen naar het Asakusa station en lopen het laatste stukkie naar ons hotel.
Even inchecken, rugzakken op de kamer en we kunnen er weer op uit.
Zoals al aangegeven is er dus niets te melden over onze reis van Ishigaki naar Tokyo.
We lopen eerst terug naar Asakusa station omdat we willen weten hoe we donderdag op Narita airport moeten komen. Bij de Tourist Information kunnen ze ons niet helpen (?), maar een vriendelijk dame op het station, die ook nog eens goed Engels spreekt (die zijn het zeldzaamst), legt ons precies uit hoe we zonder overstap op de luchthaven komen. Ze geeft ons ook nog een papiertje met de vertrektijden mee.

Dan gaan we een hapje eten bij een klein Chinees restaurantje en als we daar de al net zo kleine rekening hebben betaald, gaan we nog even bij Doutor zitten voor een bakkie koffie.
Daarna lopen we kris-kras door Asakusa en gaan we af en toe een winkeltje binnen op zoek naar een souveniertje. Asakusa is een leuke wijk met veel kleurrijke reclames, restaurantjes en een enorme hoeveelheid souvenierwinkels.

Rond 19:00 zijn we weer terug bij het hotel waar we even in de lounge gaan zitten. Als we even later van een bakkie koffie zitten te genieten komt er aan het tafeltje naast ons een Chinees zitten die uitgebreid z’n nagels gaat knippen. We moeten ons bekertje afdekken om te voorkomen dat er nagels in onze koffie terecht komen. Waarom moet die Chinees zo’n perfecte reisdag toch nog verpesten?
Woensdag 14 november
Dat was geen sterke start op de laatste dag in Japan. We hebben ons verslapen en dat brengt gelijk het eerste onderdeel van ons programma in gevaar.
We willen eigenlijk nog iets sumo-achtigs zien. Wedstrijden zijn er niet, maar we hebben een adresje gevonden waar deze potige mannen trainen en daar zou je een kijkje kunnen nemen.
We kleden ons snel aan en gaan op weg naar Asakusa station. Daar aangekomen kopen we een dagpas voor de metro, want we hebben nog meer plannen voor vandaag. Van Asakusa station snellen we naar Hamacho station en lopen dan nog drie blokken naar de Arashio Sumo Stable, gaan het kleines straatje in waar deze trainingslocatie is gevestigd om dan op het raam een bordje CLOSED te zien met een poppetje van een sumo worstelaar. Da’s pech, maar er staat nog wel meer op ons lijstje voor vandaag.

We duiken de metrogangen weer in en verplaatsen ons naar Tokyo station. Vanaf dit station is het maar een paar honderd meter lopen naar het Imperial Palace.
Op weg naar het paleis passeert er nog een stoet met paarden, koets en een aantal limousines, waarschijnlijk gevuld met hoogwaardigheidsbekleders, want de politie deed heel veel moeite om pottenkijkers op afstand te houden.
We lopen naar de gate waar de stoet vandaan kwam, maar die is duidelijk niet voor ons bedoeld. In z’n beste Engels verteld een bewaker dat we bij de oostelijke poort moeten zijn.

We sluiten aan in de rij die bij deze poort staat en wachten rustig op onze beurt, om er na zo’n tien minuten achter te komen dat we niet in de rij staan voor de ticketoffice, maar voor de controle van de tassen. Omdat wij geen tassen bij ons hebben, hadden we eigenlijk gelijk door kunnen lopen, maar ach, we stonden in het zonnetje.
Als we binnen zijn komen we er ook achter dat we eigenlijk niet het Imperial Palace bezoeken, maar de Imperial Palace East Gardens. Geen fantastische gebouwen dus, maar een fantastische tuin. We wandelen een uurtje langs de meest fantastische Japanse creaties en lopen dan weer terug naar het metrostation.

Van zo’n wandeling krijg je best dorst, maar gelukkig heeft men in Japan daarvoor de oplossing gevonden: vending machines. Op de hoe van elke straat, op metrostations, in hotels, bij de supermarkt naast de afvalcontainer, overal staan deze drankenautomaten. Gevuld met zowel warme als koude dranken (dat herken je aan het blauwe of het rode knopje). Vending machines hebben onze dorst al menigmaal gestild en ook deze keer trekken we weer een flesje, onze favoriet: Supply!

Na deze dorstlesser gaan we op weg naar het Tokyo Metropolitan Government Main Building. Niet omdat er iets mis is met onze papieren, maar omdat je hier vanaf de 45e verdieping een prachtig uitzicht hebt over Tokyo. Het gebouw is zo’n beetje op Tochomae station gebouwd, dus dit keer hoeven we niet veel te lopen.
We gaan in de rij staan voor het Observation Deck en wachten netjes tot we in de lift worden gepropt.
Het uitzicht is inderdaad fantastisch. Aan de oostelijke kant van dit gebouw zien we de Sky Tree en aan de zuidwestkant zien we Mt. Fuji (althans dat vermoeden we). We lopen een rondje langs alle ramen en proberen de bekendste attracties te vinden.

Veel langer dan een half uurtje zijn we niet boven en als de lift ons weer netjes beneden heeft afgezet, lopen we langs de promotie stand van een evenementje dat hier over iets meer dan anderhalf jaar zal plaatsvinden: Tokyo 2020. De mascottes zijn in ieder geval al bedacht. We snuffelen wat rond op deze afdeling en duiken dan de metro weer in en gaan we naar station Suehirocho (vlak bij Akihabara).

We hebben gelezen dat daar een manga-warenhuis is dat helemaal volgepakt zou staan met manga-memorabilia. Manga is een vorm van Japanse comic-art en strips, puur gemaakt voor de Japanse markt. De personages zijn vaak meisjes en jongens met onrealistische grote hoofden en ogen. De meisjes zijn vaak snoezig oversized gekleed met een onschuldige gezinsuitdrukking.
Het warenhuis mag dan voor de diehard manga-fan heaven zijn, wij vinden het niets. Een somber, smoezelig warenhuis van acht verdiepingen helemaal vol met collectables, video’s, games, etc. Niet de mooie poppen met de grote ronde ogen waar wij voor kwamen. Ach ja, what’s next?
We nemen nu eens niet de metro, maar lopen richting Ueno park. We hebben inmiddels wel trek gekregen en gaan bij MOS Burger naar binnen voor een snelle hap. Vooral het ijsje smaakt heerlijk!
Halverwege MOS Burger en Ueno park maken we een kleine detour over de Ameyoko markt. Als je daarbij het idee hebt dat je langs marktstalletjes loopt waar de kleuren en geuren je zintuigen prikkelen, dan heb je het net zo mis als wij. Het is een verzameling trash-winkels waar vooral de schoen-fetisjist aan z’n trekken komt. We lopen het straatje door en steken dan de weg over richting Ueno park.

Bij de Lawson supermarkt pinnen we voor de laatste keer en klimmen dan de trap op naar het park. Het is geen spectaculair park voor degenen die van bomen en ander groen houden, maar het is er wel gezellig druk. Na een paar honderd meter gaan we een trap af naar de Lotus vijver, om tot de ontdekking te komen dat het een slecht seizoen is voor de lotusplanten. De bladeren zijn bruinig en hangen er slapjes bij.
We keren dus weer om en gaan het park weer in. Daar zien we nog een ballonartiest die verschrikkelijk goed Mickey Mouse van ballonen kan maken en even verder doet iemand z’n kunstje op een fiets met één wiel (of zoiets). Nog wat verder zien we het National Museum waar we op onze eerste dag in Tokyo hebben geschuild voor de regen en dan is het wat ons betreft wel mooi geweest in het park. Op naar de metro.

Het cirkeltje is bijna rond, want we gaan op weg naar de Skytree en dat is helemaal niet zo ver van ons hotel. Met z’n 634 meter is het de hoogste vrijstaande toren ter wereld en een niet te missen onderdeel van de skyline van Tokyo. Waar je ook bent, je ziet deze toren.
Het metrostation zit direct onder de toren dus als je buiten komt, moet je je nek tot het uiterste flexen om het topje van de toren te kunnen zien. We nemen honderd meter afstand om ‘m iets beter in het vizier te krijgen, maar het blijft een joekel.

Nu we toch in de buurt van het hotel zijn, gaan we daar eerst onze jassen ophalen. We lopen de hele dag al met korte mouwtjes, maar heel veel warmer dan 15 graden is het vandaag niet geweest en omdat de zon begint te dalen, is jasje toch wel prettig
Van het hotel gaan we weer naar Asakusa station om vervolgens naar Toyusa station te crossen. Dit station is het verste station op de Yurakucho line en moet ons in de wijk Odaiba (by night) brengen. Een tochtje van drie kwartier, incl. overstap.
Als we het metrostation uitkomen is het inmiddels donker en omdat onze buikjes beginnen te protesteren, gaan we eerst op zoek naar een restaurant. Gelukkig is er op nog geen honderd meter buiten het station een Coco Curry gevestigd en die geur kunnen we niet weerstaan.
De curry was heerlijk en eigenlijk zou je nu je hoofd even op een bank willen gaan liggen om na te genieten, maar daar hebben we geen tijd voor. Wij moeten nog even uitzoeken hoe we deze wijk verder in kunnen komen.
We lopen terug naar het metrostation en treffen daar gelukkig een man met een pet die Engels spreekt en hij verwijst ons naar de Yurikamome line. Dit is geen metrolijn van Tokyo Subway of Toei Subway, dus we hebben hier niets aan onze dagpas, maar deze metro brengt ons wel naar het mega reuzenrad, een van de grote attracties van deze wijk.
Het op een na grootste reuzenrad ter wereld is prachtig verlicht, maar we hebben hier weer hetzelfde probleem als bij de Skytree: het is te groot! We lopen er een keertje onderdoor, maar gaan dan op weg naar het Fuji Television Building (een andere ‘attractie’ van de wijk), om het rad van een afstandje te kunnen bekijken.
Odaiba by night is mooi, maar het is eigenlijk wel jammer dat we hier overdag niet zijn geweest. Mega warenhuizen, outlets, grote gebouwen, een prachtige Rainbow Bridge (nog een attractie) en waarschijnlijk nog veel meer wat we nu niet kunnen zien.

Voor ons zit het er nu helaas op. We lopen terug naar het metrostation en nemen de eerste metro terug naar ons hotel. Zoals zo vaak (en vooral in de metro) observeren we de Japanse medereizigers. Het is inmiddels tegen negenen en de metro zit nog steeds behoorlijk vol. Veel zakenlui die net van hun werk komen, bijna allemaal in een pak en bijna allemaal van dezelfde fabrikant (zo lijkt het). Vrijwel iedereen is druk in de weer met z’n telefoon of tablet. Oogcontact maken de Japanners niet snel; ze zullen een buiginkje maken en meer niet. Vreemde gewoontes zijn er in overvloed: het regelmatig terugkerende monddoekje, de te grote schoenen, de bizarre kledingsmaak van de Japanse vrouw, het uniforme kapsel, slurpen, de taalbarriere (slechts een klein aantal Japanners die wij zijn tegengekomen spreekt behoorlijk Engels), het vrolijke ontvangst- en uitzwaaideuntje door het personeel in winkels en restaurants, de vele regeltjes en nog veel meer.
Wij hebben hele goede herinneringen aan het prachtige Japan en de behulpzame Japanners en zullen iedereen adviseren om dit land te bezoeken (en het is minder duur dan je denkt).
Donderdag 15 november
Aan al het moois komt een eind. Mwaaahh, dat is wel heel erg dramatisch. Onze vakantie zit erop, punt.
We zijn er vandaag al weer vroeg uit, want de rechtstreekse metro naar de luchthaven vertrekt om 07:23 uur vanaf Asakusa station. Samen met een aantal andere toeristen staan we er al veel te vroeg te wachten.
We hebben vijf kwartier om nog een beetje Japan op te snuiven en lopen dan vertrekhal 1 van Narita Airport binnen. We gaan gelijk door naar de balie van KLM waar we onze rugzakken inchecken. 23 kilo lichter gaan we op zoek naar een restaurantje waar we kunnen ontbijten. In tegenstelling tot een gemiddelde Japanse stad zijn er daar voldoende van op de luchthaven.
Als we om 09:31 uur op het Observation Deck staan te kijken, zie we de kist van KLM binnenkomen; die is mooi op tijd.
We nemen voor de laatste keer een bak koffie bij Lawson en gaan dan op weg naar gate 14.

Er wordt op tijd gestart met boarden en als we in het vliegtuig zitten vertelt de gezagvoerder al snel dat iedereen aan boord is en dat hij binnen enkele minuten zal starten. Helaas is het erg druk in de lucht bij Tokyo, waardoor het nog tot 11:50 uur duurt voordat de wielen los komen van de grond. We zijn weer op weg naar Nederland.