Tag archieven: Negombo

Sri Lanka 5

Dinsdag 28 november

Onze trein naar Colombo gaat pas om 10:55 uur, dus vanochtend doen we rustig aan. Nog 1 keer onder de beste douche van Sri Lanka, dan lekker uitgebreid ontbijten en op ons gemakkie de rugzakken inpakken. We moeten de treinkaartjes nog kopen en ze adviseerden om daarvoor een uur voor vertrek op het station te zijn. Om 09:45 uur proppen we de rugzakken onszelf weer in de tuktuk en gaan we naar Galle Main Station. Als we de treinkaartjes kopen komen we erachter dat, in tegenstelling tot de trein naar Anuradhapura, er geen stoelen worden toegekend. Dat wordt straks slim positioneren om een stoel te bemachtigen. We hebben nog een uurtje voordat de trein gaat en Diana heeft bij het naderen van het station een Hindoe tempel gezien, die ze nog even wil bekijken. De rugzakken worden op het station bewaakt en wij lopen naar de tempel; mooie verdeling!

Zoals gebruikelijk is de trein mooi op tijd en ondanks dat er behoorlijk wat toeristen instappen, hoeven we niemand op de rails te duwen om een stoel te krijgen. We kunnen zelfs aan het raam zitten. De trein vertrekt precies op tijd, maar omdat er nog een blinde man komt aangerend (?) gaat de machinist even op de rem om de blinde een eerlijke kans te geven. Even opnieuw dus: met een minuut vertraging gaan we op weg naar Colombo. De eerste stop is Hikkaduwa waar een aantal toeristen aleer uitstapt. Hikkaduwa staat bekend als hippie-surf-paradijs, maar het groeiende toerisme heeft de plaats niet goed gedaan. Door de vele restaurantjes en barretjes op het strand is de erosie enorm toegenomen. Gelukkig hebben ze hun lesje geleerd en hersteld het strand zich langzaam weer.

Er volgen nog een aantal minder beduidende stops en als Rob weer eens in de deuropening hangt om te filmen, wordt hij aangesproken door de Security Officer. Het maakt de beste man niets uit dat er iemand uit de deur hangt, maar hij verveelde zich waarschijnlijk en wilde gewoon even over koetjes en kalfjes praten met een toerist.
Om 13:00 uur stoppen we bij Mount Lavinia en we weten dat dit nog maar een klein stukje van Colombo verwijderd is. Als we uit het raam kijken, zien we de hoogbouw al aan de horizon verschijnen.

We rammelen nog een kwartiertje door de buitenwijken van Colombo en rijden dan langzaam het station van Colombo Fort binnen. Ons cirkeltje is rond, want krap drie weken geleden, vertrokken we op het andere spoor naar Anuradhapura. Omdat we pas om 17:30 uur op de luchthaven hoeven te zijn, laten we ons door een tuktuk afzetten bij het hotel waar we drie weken geleden sliepen. Het verkeer in Colombo lijkt helemaal vast te zitten, dus we hebben meer tijd nodig om bij het hotel te komen dan drie weken geleden. Bij de naastgelegen Dutch Pub genieten we van een heerlijke lunch, lopen dan naar de Burger King op de hoek voor een ijsje en gaan daarna nog een bak koffie drinken bij Java Lounge, naast de ingang van het hotel. Dan zijn we eigenlijk wel klaar voor de volgende etappe.

We zadelen onszelf weer op met de rugzakken, waarmee we gelijk een tuktuk-magneet zijn. We spreken een schappelijke prijs af met de dichtstbijzijnde chauffeur en laten ons naar het busstation brengen. Opnieuw komt de tuktuk helemaal vast te zitten in het verkeer. Op deze manier krijgen we de maximale hoeveelheid fijnstof voor een jaar, in een kwartiertje binnen. Je kunt nog beter drie balen zware Van Nelle oproken, dan hier rondrijden. Maar goed, we gaan thuis wel een paar keer extra de bossen in om dit te compenseren. We worden netjes op het busstation afgezet en gaan dan op zoek naar onze bus. Dat blijkt geen zware opgave, want als ze je zien lopen schreeuwen ze al ‘airport, airport’. We stappen in een minibus die klaarstaat en wachten op wat gaat gebeuren.

Om 16:00 uur komt er al beweging in het busje, maar de lol is van korte duur. Nog geen 5 minuten later zet de chauffeur de bus stil aan de andere kant van de weg, om daar nog een half uur te gaan staan om klantjes binnen te halen. Wij waren gelukkig erg op tijd, dus we maakten ons nog geen zorgen. In de tuktuk hadden we al ervaren hoe druk het is op straat en daar had de bus natuurlijk ook last van. We hebben zeker een half uur nodig om Colombo uit te komen. Nog steeds geen vuiltje aan de lucht (behalve de uitlaatgassen en de fijnstof), maar als de chauffeur bij de afslag naar de highway ervoor kiest om de landelijke route te volgen, beginnen we ‘m toch te knijpen. We rijden nu door verschillende kleinere dorpjes, die allemaal last hebben van opstoppend verkeer. Het wordt 17:45 uur en dan vragen we de kaartjesman toch maar eens hoe lang het nog gaat duren. ‘Half ’n hour’ antwoordt hij. ‘Half ’n hour’ schreeuwen wij, ’then we’re gonna miss our plane!’. Dat was een beetje overdreven, maar het heeft wel effect, want de rijstijl van de chauffeur verandert op een positief agressieve manier, waardoor het net wat sneller lijkt te gaan. Om 18:15 uur zijn we dan eindelijk op de luchthaven. De chauffeur durft 2000 roepies te vragen voor de rit, maar als wij hem daarop bijna naar de strot vliegen, wordt het bedrag snel verlaagd naar 600 roepies. ‘He not speak so good English’ zegt de kaartjesman; ja, dat zal wel! Die 600 roepies is nog te veel, maar wij hebben haast dus betalen deze ritprijs. Bij het weglopen bijten we hen nog wel toe dat het een waardeloze busrit was (heb je niks aan, maar lucht wel op).

We lopen naar de ingang van het luchthavengebouw, waar we gelijk een ‘Security Control’ krijgen. Gelukkig is de rij hier niet al te lang. Datzelfde geldt voor de rij bij de Emirates-balie, dus we zijn snel aan de beurt met inchecken. Dan via de kerstboom naar de ‘Emigration’ en vervolgens naar de volgende ‘Security Control’. Na alle hectiek hebben we dan hebben we wel een broodje verdiend en laten we daar nou toevallig de Burger King zien. Na het verwennen van de inwendige mens, gaan we op zoek naar Gate 14 en die blijkt helemaal aan het einde van een lange gang te zijn. Daar aangekomen worden we onderworpen aan de derde ‘Security Control’. Er zullen dus niet veel bommen en granaten aan boord zijn vanavond.

Om 19:45 uur begint Emirates met boarden en wij zijn de eersten die aan boord gaan. Dit had niets te maken met het gebruik van onze ellebogen, maar er ging niet meer dan 100 man mee met de Boeing 777 naar Male. We hadden dus alle ruimte op deze vlucht. Al voor vertrek waarschuwt de piloot dan dat de weersomstandigheden onderweg niet al te best zullen zijn en dat gaan we even later ook merken. Net als de stewies met de karretjes door de paden rijden, moeten ze plots minutenlang op een passagiersstoel gaan zitten. Terwijl het toestel lijkt te worden gebruikt als cocktail-shaker, wordt er omgeroepen dat er vandaag geen hete dranken geserveerd zullen worden. Je moet maar denken: ‘meestal gaat het goed’.

Om 21:05 uur zet de piloot het toestel neer op een drijfnatte landingsbaan en dat is niet zoals je op de Malediven wilt aankomen. Hopelijk is dat morgen allemaal weer opgedroogd. We worden netjes opgewacht door iemand van ons hotel en lopen met het mee naar de veerboot. De luchthaven van Male ligt nl. op een langwerpig eiland en om in de stad te komen moet je met de veerboot oversteken. Dit verloopt allemaal heel soepeltjes en als we aan de andere kant zijn, worden we in een taxi gestopt die ons naar het hotel brengt. Goede service van ons hotel. Morgen gaan we dan met een speedboot naar het resort waar we 4 nachten verblijven.

Woensdag 29 november

Onze slaapkamer leek wel wat op een coupe in een slaaptrein of een hut aan boord van een schip, maar we hadden er heerlijk geslapen. Ons resort had gisteravond laten weten dat we om 10:15 uur bij de aankomsthal van het vliegveld moesten staan, dus om 09:45 uur worden we door iemand van het hotel, netjes afgezet bij de ferry-haven. Aan de andere kant van het water worden we dan weer opgewacht door een andere medewerker van hotel Novina, die ons vervolgens naar de balie van het Bandos resort. Dit is wel een heel uitgebreide haal- en brengservice. Op de luchthaven is het enorm druk met vrouwen in het zwart en mannen in het wit. Er wordt ons verteld dat deze mensen naar de Hadj in Mekka gaan.

De medewerker van het resort brengt ons, samen met alle andere mensen die vanochtend naar het resort moeten worden gebracht, naar een speedboot die dan vol gas richting Bandos verdwijnt.

Het boottochtje duurt maar 15min en bij het resort doen ze alle moeite om ons in de watten te leggen. We nemen plaats op luxe stoelen in de lobby, krijgen een doekje om de handen schoon mee te maken (of iets anders als je dat nodig vindt) en er wordt een welkomst-icetea neergezet. Daarna worden we ingecheckt en last but not least krijgen we ons all-inclusive armbandje omgegespt (en het is nog geen 14:00 uur). Als we onze paspoorten weer terug hebben gekregen en de rekening is voldaan, worden we met een golfkarretje naar onze kamer gebracht. Het kan slechter!

Onze kamer is prima in orde; hier houden we het wel een paar dagen uit. Even een verkenningsrondje om het eiland (dat kost niet meer dan 20 minuten) en nadat we ons dan wat zomerser gekleed hebben, gaan we eerst naar de duikschool om onze broodnodige lichaamsbeweging te regelen.

Een medewerker van de duikschool vertelt ons e.e.a. over het duiken. Er worden ‘s-ochtends 2 bootduiken gemaakt en ‘s-middags eentje. Een nachtduik kan elke dag op afroep. De eerste duik wordt gebruikt om te checken of je het duiken wel voldoende onder de knie hebt en die duik moet op het huisrif worden uitgevoerd. Omdat wij morgen met de boot mee willen, handelen we die check-duik ‘s-middag gelijk af. We krijgen nog wat formulieren mee om in te vullen en om half drie worden we bij de duikschool verwacht.Het is inmiddels 13:00 uur, dus we besluiten eerst het lunchbuffet aan te vallen. We hebben ons bandje om, dus dat wordt gratis schransen.

Na het uitgebreide lunchbuffet, vullen we op de kamer de formulieren in, trekken onze zwemkleding aan en gaan terug naar de duikschool. Daar krijgen we onze uitrusting aangereikt en worden we gebriefd over de gang van zaken m.b.t. het duiken. Ze hebben de spullen hier goed voor elkaar; de uitrusting ziet er nieuw uit, er loopt veel personeel rond en er is genoeg ruimte voor de duikers om de tank op te tuigen. Het duiken is hier ook drie keer zo duur als in Sri Lanka, dus dan mag het ook wel goed zijn. Als we hebben laten zien dat we het optuigen van de tank onder de knie hebben, gaan we naar buiten voor de eerste duik. Dan pas merken we dat ook de Malediven met de dagelijkse hoosbui te maken heeft en bijna op hetzelfde tijdstip als Sri Lanka. We lopen in de stromende regen het water in en weten niet wat warmer is: de regen of de zee.

We doen de verplichte oefeningen op onze knieën, in water van een metertje diep en als we ‘geslaagd zijn’, beginnen we aan het echte duiken. De gebruikelijke rifvissen zijn in overvloed aanwezig; het lijkt wel wat op Egypte. Het koraal is helaas erg beschadigd, maar ze zijn bezig met het kweken van koraal op metalen korven onder water. Het duurt niet lang voordat we onze eerste rifhaai in het vizier krijgen. Een beestje van zo’n anderhalve meter. Het is altijd weer een opwindend moment als je een haai tegenkomt. Tijdens onze duik zien we er uiteindelijk meer dan 10, dus dan wordt het toch weer wat gewoontjes. Verder zien we nog 2 grote roggen en zwemmen we een keer in een hele grote school gele vissen. We blijven ruim 60 minuten onder en dat is niet gek voor een eerste duik.

Nadat we onze uitrusting hebben gespoeld, gaan we even naar de kamer om ons om te kleden. Dan gaan we naar de Huvan-bar om met onze eerste cocktail de smaak van het zeewater weg te spoelen. Dit kon wel eens onze favoriete plek van het resort worden. Deze bar, op een enorm houten vlonder boven het water, biedt een fantastisch uitzicht over zee en heeft bovendien een uitgebreide cocktailselectie. Tegen zevenen gaan we terug naar de kamer om onze chiqueste kleren aan te trekken voor het dinerbuffet.

Donderdag 30 november

Je moet wel wat over hebben voor je hobby. Voor zevenen staan we alweer onder de douche, zodat we straks op tijd bij de duikschool kunnen zijn. Om 08:15 uur moeten we spullen gecontroleerd hebben en om 09:30 uur varen we uit. Er staat een stevige wind vanochtend, waardoor de geplande duik bij Paradise Rock niet doorgaat. Maagiri Cave ligt wat rustiger, dus dat wordt de eerste duiksite van vanochtend. Na een kwartiertje varen over een ruige zee, gaan we ons opmaken voor de eerste duik. De boot wordt behoorlijk heen en weer gesmeten, dus je moet het juiste moment kiezen om in het water te springen. Omdat we de test gisteren goed hebben doorstaan zijn wij gekwalificeerd als ‘unguided divers’. Dat betekent dat we onze eigen gang mogen gaan en niet bij de gids hoeven te blijven.

We laten ons snel onderwater zakkenen gaan op pad; rif aan de linkerschouder en genieten van de onderwaterwereld. Het is weer een prachtig rif, veel vis en het koraal is hier veel minder beschadigd dan op het huisrif. We spotten als snel een paar vette murenen, maar ook het gewone visvolk is goed vertegenwoordigd. We hangen even onder een enorme uitstekende rots, waar een grote school glasvisjes zwemt en en passant pikken we nog even een GoPro van de zeebodem.

Bij 100bar draaien we om; rif aan de rechterschouder en we zweven terug naar de boot, maar nu iets hoger. Grote scholen paarse vis zwemmen ons tegemoet en tussen de rotsen ontdekken we nog een paar murenen, waaronder een grote geel gevlekte variant. Terwijl we onze safetystop doen, ontdekt Rob nog een octopus die zich probeert te verstoppen. Hij verraadt zich omdat z’n huid van kleur verschiet. Niet ver daar vandaan zit er een grote kreeft te trillen onder een rots, bang dat hij op een bordje zal belanden vanavond. Als we dan naar de boot zwemmen zien we vaag de contouren van een wegzwemmende schildpad. Al met al een goede vangst tijdens deze duik.

Het kost de nodige moeite om met de hoge golven weer aan boord te klimmen. De tanks van de duikers klappen tegen elkaar en het valt niet mee om je aan het trappetje omhoog te hijsen. Als we allemaal weer aan boord zijn, wordt verteld dat de tweede duik van vanochtend niet doorgaat. De omstandigheden zijn te slecht! Grote teleurstelling natuurlijk, maar we hebben nog wat tijd om hier te duiken. Tegenover ons zit een meisje met doorgelopen mascara. Zij blijkt degene te zijn die de GoPro heeft verloren. Ze is dolgelukkig als we haar het cameraatje teruggeven. We varen terug naar Bandos en de boot klapt op de hoge golven. Het water spoelt over het dek en ook wij krijgen af en toe een douche. Terug bij het resort lukt het de stuurman niet om de boot bij de duikschool af te meren. We gaan dus naar het haventje aan de andere kant van het eilandje waar ook de veerboot aanlegt. Hier kunnen we veilig van boord.

We schrijven ons alvast in voor de bootduiken van morgen en gaan dan naar de kamer om de zwemkleding uit te doen. Voor de lunch doen we nog een verkenningsrondje over het eiland. Dit keer kijken we op alle kleine strandjes en proberen we de verschillende strandstoelen uit. Bij de Sandbar drinken we een ‘Get me Fresh’ en zien we weer wat druppels naar beneden komen. Die druppels maken we ons geen zorgen om, maar die wind is een groter probleem m.b.t. het duiken. We maken ons rondje af en gaan dan naar het restaurant voor de lunch. Als die wind vanmiddag wat gaat liggen kunnen we misschien nog het huisrif op.

Na de lunch boort een instructeur van de duikschool gelijk alle hoop de grond in als we hem vragen of we onder deze omstandigheden op het huisrif kunnen duiken. Het duiken is geen probleem, maar door het ondiepe water bij het rif komen is het probleem. De golven smijten je heen en weer over de bodem en dat gaat net iets verder dan een goede scrub. Dan moeten we vanmiddag de inwendige mens maar tevreden stellen. We hebben per slot van rekening all-inclusive. Om 15:30 uur is er een soort high-tea in de Sea Breeze (toepasselijke naam). De hoeveelheid eten die we daar voorgeschoteld krijgen is net iets meer dan goed voor ons is, maar we slaan ons er doorheen. Daarna wandelen we naar de Huvan bar om er nog een cocktail achteraan te gooien. De lijst met cocktails in de menukaart is nog lang, maar we hebben nog even.

Terug op onze kamer gaat Diana op zoek naar een hotel voor onze nachten in Negombo en leest Rob het laatste tijdschrift uit. Tegen zevenen zitten we allebei nog zo vol van het eten en drinken dat we het diner-buffet maar overslaan vandaag. We eindigen de dag met een cappuccino bij de Huvan bar en hopen dat de weergoden ons morgen gunstiger gezind zijn.

Vrijdag 1 december

Indra, god van onweer en regen, heeft het niet goed met ons voor. Als we om 07:00 uur naar het restaurant lopen, waait het nog steeds hevig en er moet zelfs een paraplu aan te pas komen. De zee lijkt wel rustiger dan gisteren, dus dat is gunstig voor het duiken. Als we om 08:15 uur bij de duikschool komen is iedereen dat wel met ons eens, maar het besluit moet van hogerhand komen en die besluiten even later dat de duiken geannuleerd worden. Ze hebben er geen vertrouwen in dat het weer zo ‘kalm’ blijft als het nu is.

Teleurgesteld lopen we terug naar onze kamer, maar bedenken dat het nu wel een mooi moment is om even het zwembad in te duiken. Er is u nog niemand bij het grote bad, dus er kunnen ongestoord baantjes getrokken worden. Het worden uiteindelijk niet meer dan 3 baantjes, maar de ochtendgymnastiek kunnen we weer afvinken. Tijd voor een bakkie.

Na de koffiepauze lopen we toch maar weer eens naar het strand. De lucht begint wat op te klaren, dus wie weet! Als je dan toch met je tenen in het zeewater staat, is het maar een kleine stap om even te gaan dobberen. Het zeewater is zo lekker warm dat het helemaal geen moeite kost om er in te gaan, De wind blijft echter nog aanhouden, dus een echte stranddag zal het niet worden. Om 13:00 uur gaan we voor de verandering maar weer eens richting het restaurant om te lunchen.

Na de lunch trekken we onze zwembroek weer aan en gaan het proberen bij de duikschool; een duikje op het huisrif moet nu toch wel kunnen. Dat blijkt inderdaad het geval te zijn. We sluiten onze spullen aan en gaan het water in. Omdat er nog een behoorlijke golfslag is, gaan we langs het touw dat op de bodem ligt door de branding heen. Met de rechterschouder aan het rif, gaan we eerst een stukje met de stroming mee. Het lijkt iets troebeler dan woensdag, maar nog steeds is het zicht zo’n 15 meter. Er is weer veel vis te zien en ook de haaien zijn weer van de partij.

Na 27 minuten keren we om, omdat we anders nooit binnen de maximale duiktijd van 60 minuten uit het water zijn. Nog maar net omgekeerd komt er een grote adelaarsrog voorbij zweven op de andere rijbaan; prachtig! We zwemmen verder, slaan nog wat haaien van ons af en zien dan ineens een tweetal manta’s voorbij zweven. Het zijn geen joekels, maar wel gaaf om ze zo dichtbij voorbij te zien komen. Met een huisrif zoals hier bij Bandos hoef je eigenlijk helemaal niet met een boot naar een ander rif. Om 15:50 uur steken we de kop weer boven water. De duik heeft meer dan 65 minuten geduurd (niet verder vertellen) en was prachtig.

Nadat we zijn omgekleed gaan we toch maar weer naar de bar Sea Breeze voor de dagelijkse high tea. We hebben net wat calorieën verbrand, dus er mag wel weer wat ingenomen worden. De sandwiches zijn heerlijk, maar we komen eigenlijk voor de patatten; de lekkerste in 4 weken! Na deze tussenmaaltijd is het weer tijd voor een cocktail. We lopen naar de Huvan bar (je moet er wel wat voor over hebben) en bestellen het volgende gekleurde drankje van de lijst. Nu alleen nog een diner naar binnen werken en dan kunnen we gaan slapen.

Zaterdag 2 december

Als we vanochtend de gordijnen opendoen zien we dat Mr. Blue Sky het voor het zeggen heeft. Deze keer geen donkere wolken en een stormachtige wind, maar een stevige bries met blauwe lucht. We gaan weer om 07:00 uur ontbijten omdat we vandaag weer voor de bootduiken hebben ingeschreven. Dat gaat vandaag wel goed komen.

We zijn iets na achten bij de duikschool en we zien aan de bedrijvigheid dat er vandaag gedoken gaat worden. Alle duikers zijn opgelucht. Wij pakken onze spullen en gaan naar de boot. We krijgen wel gelijk te horen dat we niet naar de geplande site gaan, omdat deze te ver weg is en ze vertrouwen het weer toch niet helemaal.Als iedereen aan boord geeft de bootsman gas en varen we naar de eerste duikplek van de ochtend: Feydhoo Caves.

Tijdens de briefing krijgen we te horen dat we een stromingsduikgaan maken. Da’s lekker makkelijk; hangend in het water wordt je door de stroming onderwater langs het rif getransporteerd. De instructeur vertelt ook nog dat er in de koraalwand een aantal grotten zijn waar meestal schildpadden schuilen. We springen van de boot en dalen gelijk naar zo’n 15m diepte. De stroming is goed te voelen, dus we gaan in onze comfortabele waterstoel zitten en zien wel wat er komen gaat. Lang hoeven we niet te wachten, want bij het eerste grotje is het gelijk raak; een groene zeeschildpad kijkt verbaasd hoe de groep duikers aan z’n onderkomen voorbij zweeft. Het zal niet de laatste keer zijn, want we zien maar liefst 5 van deze beestjes. Je zou het bijna vergeten, maar tussendoor genieten we ook van het aanwezige koraal en de vele vis die langs de wand te zien is.

Voor de tweede duik gaan we terug naar ons eigen eilandje om te duiken bij Bandos Rock. Opnieuw een makkie, want ook hier zal de stroming het werk doen. Het rif is hier wat minder kleurrijk dan op eerdere plekken, maar dat wordt gecompenseerd door een fantastische opstaande rotspunt die vol met kleurrijk koraal zit en waar enorme scholen kleine vis omheen zwemmen. Voordat we deze rots aanvallen, stuiten we nog op een octopus die wat schijterig terug kruipt in z’n holletje. We zwemmen een paar rondjes rond de rotspunt en laten ons dan nog een stukje verder dragen door de stroming. Na een uurtje klimmen we weer aan boord en gaan we terug naar de duikschool.

Nadat we onze wetsuit gespoeld hebben, zoeken we dan een bedje op het spierwitte strand. Het is inmiddels na twaalven en het moet er dan toch maar van komen: zonnen! Croma in de pan en laat het vlees maar sudderen. De bedjes staan met de voorste poten bijna in zee, dus we worden lekker gekoeld door de zeewind. Zo af en toe valt de wind weg en dan merk je dat de zon wel erg z’n best doet. We hoeven niet gelijk heel lang te sudderen, want om 13:00 uur gaan we naar het restaurant voor de lunch. Na tweeën nemen we dan onze posities in de pan weer in en pas na 15:30 uur mogen we er weer even uit voor de high-tea.

Na de high-tea, rond 16:30 uur begint de zon in kracht af te nemen en maken wij ons op voor de zonsondergang. We kruipen met z’n tweeën in een grote ronde loungebank en wachten we tot de zon in de zee zakt. Omdat dit nog wel even gaat duren, bestellen we voor de verandering een cocktail. Slurpend aan het rietje zien we de zon steeds roder worden en rond zessen is het spektakel voorbij. We gaan naar onze kamer, waar we de tube aftersun op onze rode huid leeg maken. Als het goedje is ingetrokken gaan we maar weer een hapje eten.

Zondag 3 december

Onze laatste halve dag op de Malediven was alweer aangebroken. Zoiets vliegt natuurlijk voorbij; beetje eten, beetje drinken, beetje duiken, beetje zonnen, daar kan iedereen wel aan wennen. Helaas had Diana gisteravond een fout bacterieel dingetje binnen gekregen, dus die had de halve nacht op de pot gehangen. Deze laatst ochtend zou dus vooral in het teken van herstel staan. Voorzichtig een toastje met thee bij het ontbijt, nog een bakkie thee bij de Huvan bar en vervolgens de laatste crackers die we nog in de tas hadden zitten naar binnen gewerkt. Heel langzaam ging het weer wat beter.

Om 12:00 uur checken we uit en dan hangen we nog een uur in de lobby omdat de boot naar Male pas om 13:15 uur vertrekt. We worden dit keer door een soort luxe-jacht-veerboot naar de luchthaven vervoerd. Je betaald een vermogen voor zo’n retourtje per boot, dus we hadden zelfs nog wel met de Groene Draek vervoerd kunnen worden. Op de luchthaven doorlopen we het standaard riedeltje: bagage door de scan, inchecken, scan van de handbagage en nog even langs de douane. Dan nemen we plaats bij de gates in afwachting van onze vogel.

De wachtruimte bij de gates is laag en de vliegtuigen rijden met hun neus bijna tot tegen het glas. Het is net of een groot roofdier je gaat vermorzelen. Ons beest van Emirates arriveert te laat en omdat het vliegveld van Male wat problemen heeft met de hoeveelheid vliegtuigen van vanavond vertrekken wij uiteindelijk met een uurtje vertraging. Als we dan in het zachte licht van de ondergaande zon over een van de eilandjes vliegen, zwaaien we en denken ’tot ziens’.

Op de luchthaven van Colombo is het voor ons ‘gesneden koek’. We vullen weer een briefje in voor de douane, halen onze rugzakken van de bagageband en lopen via de ‘nothing to declare’ uitgang naar de taxis. De toeristen-ronselaar zag ons voor groentjes aan vraagt een veel te hoge prijs. Dat corrigeren wij ter plekke en voor de helft van de vraagprijs rijden we naar ons hotel in Negombo. Om 20:30 uur zijn we op onze kamer. We drinken er nog een colaatje en gaan dan naar bed. Morgen gaat de wekker weer om 07:00 uur.

Maandag 4 december

Na een snelle douche, kruipen we weer als vanouds in een tuktuk en gaan we naar de vismarkt van Negombo. Het gaat ons daarbij niet zozeer om de vismarkt, maar om het drogen van de vis, dat hier op het strand gebeurt. Het is een minuutje of 10 met de tuktuk en dan komt de geur je al tegemoet. Als we even later uit de tuktuk stappen zien we enorme hoeveelheden vis die op matten van kokos op het strand liggen te drogen. Van hele kleine sardientjes, tot grote tonijnen.

Een man vertelt ons dat het hele proces 4 dagen in beslag neemt. Eerst worden de ingewanden verwijderd, dan wordt de vis gepekeld en vervolgens worden ze op de matten gelegd. Dan wordt er plastic overheen gerold en de volgende dag wordt het plastic er vanaf gehaald, wordt de vis gedraaid en gaat het plastic er weer over. Op deze manier blijft de vis 3 maanden houdbaar. Je moet er een neus vol vislucht voor over hebben, maar dan zie je ook wat. Nadat we nog even over de naastgelegen vismarkt hebben gelopen, gaan we terug naar ons hotel en laten we een heerlijk ontbijt voorschotelen.

Na het ontbijt lopen we via een gezellige straat met restaurants en hotels richting het strand. Het is al erg warm zo vroeg in de ochtend, dus we doen het rustig aan. We willen naar het strand omdat we hopen daar de visserscatamarans met de roestbruine zeilen te zien. We weten nl. niet of dit iets uit lang vervlogen tijden is (net als de paalvissers bij Unawatuna) of dat er nog echt mee gevist wordt. Via een restaurantje lopen we het strand op en daar zien we direct al zo’n vissersboot voor de deur liggen. Als we er heen lopen zien we ook een tiental boten op zee varen. We zijn dus op de goede plek.

We bestellen een bakkie bij het restaurant en vragen dan aan de ober ‘hoe het zit’ met die boten. Hij vertelt dat de boten die we op zee zien nog steeds gebruikt worden voor de garnalenvisserij en dat dit nog op authentieke wijze gebeurt; geen motor, geen radar, geen chemicaliën, alleen maar de wind en hun speciale vistechniek. De vissers springen in het water, bewegen wild, trekken gekke bekken (zelf bedacht) waardoor de garnalen zich een hoedje schrikken en gedesoriënteerd raken. Voor de vissers is het dan een makkie om ze binnen te halen.

Na het bakkie koffie slenteren we in noordelijke richting over het strand, waarbij we af en toe stil staan om een fotootje te maken. Er ligt een enkele catamaran op het strand en we komen er snel achter dat sommige vissers van branche aan het veranderen zijn.Voor een paar duizend roepies willen ze wel een half uurtje met je gaan varen. We lopen net zo lang door tot een berg rotsen verder lopen onmogelijk maakt. We draaien om en lopen in omgekeerde richting tot onze warmtemeter aangeeft dat we een drankje moeten nemen.

Na de verfrissing gaan we niet terug naar het strand, maar nemen we een tuktuk naar het centrumvan Negombo. We laten ons afzetten bij de restanten van een Nederlands fort, waar we boven een poort het jaartal 1678 lezen. Verder hebben we hier niets te zoeken, want op de restanten van het fort staat tegenwoordig de gevangenis. Van de gevangenis lopen we naar de andere vissershaven, waar heel veel vissersboten tegen elkaar geplakt liggen. Dan gaan we op weg naar een ander Nederlands product in Negombo: het kanaal. Dat Nederlanders gek waren van kanalen graven hebben ze hier wel laten zien. In totaal is er tussen Colombo en Puttalam 120km kanaal aangelegd. Het doet af en toe wel een beetje Nederlands aan.

Het is inmiddels 14:00 uur en we vinden dat we wel genoeg van Negombo hebben gezien. Er is een langgerekt strand vlakbij, dus waarom zouden we daar de rest van de dag niet doorbrengen? We nemen handdoeken van het hotel mee en nestelen ons op een bedje bij een onbeduidend strandtentje. Zoals gebruikelijk in Sri Lanka zijn de bedjes gratis als je wat consumeert, dus dat doen wij nu ook maar weer. Het strandplezier lijkt van korte duur als we om 14:15 uur al donkere wolken zien verschijnen. Als even later de eerste druppels naar beneden komen, vluchten we naar een strandtent bij de duikclub. Het blijkt een schijnbeweging te zijn geweest, want even later wordt het weer lichter en komt de zon weer te voorschijn. We slaan ons drankje achterover en sprinten terug naar onze bedjes, waar we tot na vieren blijven bakken in de zon.

‘s-Avonds eten we voor de laatste keer allebei een Sri Lankaans gerecht. Het smaakt weer heerlijk spicy. Daar poepen we op Sinterklaasavond waarschijnlijk nog vlammetjes van. Terug op de kamer pakken we voor de laatst keer de rugzakken in, waarbij we de warmste kleding die we hebben bovenop leggen. Die schijnen we morgen nodig te hebben.

Dinsdag 5 december

Na ruim 3 weken rondreizen door Sri Lanka, met een een korte break op de Malediven, breekt de dag van de terugreis al heel vroeg aan. Om 06:30 uur snel een ontbijtje naar binnen werken en, geheel in stijl, in de tuktuk naar het Bandaranaike International Airport. Nog één keertje stof happen en de warme uitlaatgassen van de lokale bus tegen je lichaam voelen. Incl. pitstop hebben we een half uurtje nodig om er te komen.

We gaan wat later aan boord dan gepland, maar om 10:30 uur laten we Sri Lanka dan echt achter ons. Sri Lanka is een heerlijk land om door te reizen. Dit relatief kleine land heeft heel veel te bieden; zowel de cultuur-, als natuurliefhebber komt hier aan z’n trekken en zelfs voor de zonaanbidder is er aanbod genoeg. Dit alles wordt extra aantrekkelijk gemaakt door de vriendelijke, behulpzame en eerlijke bevolking. Waar maak je het nog mee dat ze met je geld terug komen als ze denken dat je teveel fooi hebt gegeven?

Tijdens de vlucht naar Dubai lijkt het wel of we in de kinderopvang terecht zijn gekomen, zoveel kinderen en het bijbehorende gekrijs aan boord. Het is maar 4 uurtjes, dus een filmpje, een lunch en wat muziek later zet de piloot de 777 voorzichtig aan de grond. In aanvulling op de eerdere lunch nemen we in Dubai dan nog een kerst-latte bij Starbucks, waarna we plaats nemen in de wachtruimte bij gate 20.

Hoewel het boarden van de A380 op tijd begint, vertrekken we toch met een kleine vertraging van Dubai. De piloot roept om dat de vlucht 6 uur en 50 minuten gaat duren; pffffffffff, dat wordt een hele zit. We hebben nog wel geluk, want een rijtje van drie naast ons blijft leeg, waardoor we niet met z’n vieren in het midden hoeven te zitten. We vermaken ons zo goed mogelijk met film, muziek en eten, maar zijn blij als de wielen om 19:35 uur Nederlandse bodem raken. Omdat onze rugzakken als snel op de band liggen halen we de rechtstreekse trein van 20:36 uur naar Apeldoorn. Het zit er weer op!