Omdat we vandaag niet zoveel afstand hoefden te overbruggen, konden we voor het eerst een beetje uitslapen. Pas tegen negenen gingen we voor het ontbijt weer naar Paul. Nadat we weer een heel gesneden bruin naar binnen hadden gewerkt, gingen we op weg naar het metrostation omdat we naar de Dubai Mall en de Burj Khalifa wilden gaan. Bij het metrostation aangekomen werden we tegengehouden door twee militairen die ons duidelijk maakten dat het vrijdag is (=zondag) en dat de metro dan pas om 13:00 uur wordt opgestart.
Dat betekende dus dat we onze plannen moesten omgooien. Vanochtend eerst maar naar de goud- en spice-souq en met de abra (watertaxi) naar de andere kant van de kreek en dan vanmiddag maar naar de Dubai Mall en de Burj Khalifa. We namen een taxi en een kwartiertje later stonden we op de goud-souq. Deze souq is niet zo’n souq zoals we die in Oman hebben gezien, maar veel meer een winkelstraat met een overkapping. Deze goud-souq staat wereldwijd wel hoog aangeschreven; zowel de kwaliteit van het goud als de prijs die je hier betaald zijn goed. De etalages liggen van boven tot onder vol met goud, maar omdat wij niet zulke goud-liefhebbers zijn (behalve dan als het om een grote hoeveelheid goud-staven gaat) gingen wij snel door naar de spice-souq. Deze spice-souq was meer een mini-souq. Slechts een paar winkeltjes lagen volgestouwd met mooi gekleurde kruiden. Het rook er allemaal erg exotisch. We lopen door het straatje een kopen nog een souvenirtje voor ons kastje en gaan dan naar de abra-halte.
De wijken Deira en Bur-Dubai worden gescheiden door een riviertje, de ‘creek’ genaamd. Tegenwoordig rijden de Dubai in hun Ferrari via één van de bruggen naar een andere wijk, maar vroeger (en dus nog steeds voor degene die geen Ferrari hebben staan) nam men de abra; een smalle motorboot waar twee rijen mensen met de ruggen naar elkaar toe gaan zitten en voor 1 dirham naar de andere kant worden gevaren. Leuk om te doen want vanaf het water heb je een mooi uitzicht op beide oevers. Het ritje duurt maar een paar minuten, dus lang genieten is het niet.
Wij gingen dus van Deira naar Bur Dubai om daar de oude souq te bezoeken. Dit is waarschijnlijk ook de meest toeristische souq die we hebben meegemaakt. Constant wordt je aangesproken:‘sir you want t-shirt’, ‘you want pashmina sjawl mam’, ‘mister i have Rolex and Armani t-shirt’. Het lijkt Turkije wel. Nadat we de souq ontsnapt zijn, gaan we even op een terrasje aan het water zitten om wat te drinken. Het is fantastisch om te kijken naar alles wat er gebeurd aan en op het water.
Na de dorstlesser wurmen we ons nog één keer over de souq om aan de andere kant naar het fort van Dubai te gaan kijken. Dit fort haalt het niet bij de forten die we in Oman hebben gezien en bovendien is het sowieso gek om zoiets ouds in deze stad van nieuw te zien. Na het fort lopen we nog even door langs de creek en blijven nog even staan bij het hoofdgebouw van de nationale bank. Hier moet het vorig jaar wel een zenuwen-boel geweest zijn toe Dubai bijna failliet was. Gelukkig heeft buur-emiraat Abu Dhabi ze toen vele miljarden dollars geleend om de schulden af te lossen, want anders had het er hier nu misschien wel heel anders uitgezien. Vanaf de rivier lopen we naar het metrostation Khaleed Bin Al Waleed, maar helaas zijn we nog te vroeg om op de metro te springen dus genieten we van een lunch bij Dôme, dat naast het metrostation ligt. Kort na enen zien we de mensen weer het metrostation in stromen en als wij onze lunch hebben betaald, doen we hetzelfde om de metro naar halte Dubai Mall/Burj Khalifa te nemen.
We gaan eerst naar de Dubai Mall en dit winkelcentrum is er eentje van de buiten-categorie. Waren we gisteren bij een enorm winkelcentrum met 400 winkels, in de Dubai Mall zijn dat er 1200 (!). Er is eigenlijk geen beginnen aan, en dat doen we dan ook maar niet. Zo’n winkelcentrum heeft wel de nodige attracties onder dak die wel de moeite van het opzoeken waard zijn. Zo bekijken we het Dubai aquarium dat nog een paar keer zo groot is als het aquarium dat we gisteren in hotel Atlantis zagen, zien we hoe de Dubai proberen te schaatsen op de indoor ijsbaan, lopen we langs een kunstige waterval van wel 25 m hoog en 50 m breed en zien we vanaf het terras buurman Burj Khalifa overal bovenuit torenen. De slogan van dit winkelcentrum is ‘Welcome to Everything’ en daarmee is eigenlijk alles gezegd.
Naast de Dubai Mall staat de Burj Khalifa. Dit 828 m hoge gebouw heeft vorig jaar de status van hoogste gebouw van de wereld overgenomen van de 508 m hoge Taipei 101 in Taiwan. In het najaar van 2004 is men met de bouw van dit gebouw begonnen en vorig jar is het voltooid. Ontworpen door een toonaangevend Amerikaans architectenbureau, terwijl Georgio Armani het interieur heeft verzorgd. Als je zo aan de voet van dit enorme gebouw staat is het eigenlijk niet te bevatten hoe hoog het is. Je ziet het wel, maar het gaat je bevattingsvermogen te boven. Het is in ieder geval wel heel imponerend en je kunt je ogen er bijna niet vanaf houden. In de contante zucht naar meer, groter en grootst moet dit wel een enorme overwinning geweest zijn. We masseren onze nekken, die stijf zijn geworden van het naar boven turen, weer wat los en gaan dan weer naar het metrostation om de metro naar Deira City Center te pakken. Terug naar ons hotel in deze relatief bescheiden wijk van Dubai.
Zaterdag 4 december
We hadden niets op het programma staan vandaag, dus konden we weer een beetje uitslapen. In de lobby van het hotel hebben we vanochtend eerst even on-line ingecheckt voor de vlucht van morgen. Stoel 38a en 38b zijn voor ons. De eerste klus van de dag zit er dan al weer op en dan hebben we wel een lekker ontbijtje verdiend en bij Paul worden we inmiddels als vaste klanten gezien. We gaan dit keer voor een halfje bruin.
De rest van de dag zijn we in en om het Deira City Center winkelcentrum te vinden. Af en toe een winkeltje in en dan weer eens ergens wat eten of drinken. We vestigen een nieuw pr duur-shoppen en kopen zelfs nog wat kleding en accessoires. Geen spoor van Sinterklaas of zijn Pieten, dus daar hoeven wij dit jaar weinig van te verwachten. De beste man zou toch ook een beetje meer global moeten denken, er ligt hier een hele markt voor hem open.
Het winkel-centrum is zo groot dat de dag voorbij vliegt en rond 16:30 uur zijn we even terug naar het hotel gegaan om de gekochte spullen op de kamer te leggen. Als we daarna in de lobby even onze mail checken en gelijk even teletekst raadplegen, lezen we over de enorme chaos op Schiphol; veel vluchten geannuleerde en nog veel meer vertraagd door de slechte weersomstandigheden (en een beetje door een staking in Spanje). Er gaan dagelijks twee vluchten naar Dubai en we zien dat de eerste vlucht met vier uur vertraging is vertrokken; dat beloofd weinig goeds. Voorlopig valt er nog niets te zeggen over onze vlucht, dus we gaan maar weer naar het Deira City Center voor een laatste avondmaal. Later op de avond checken we nog een paar keer teletekst pagina 761 voor de laatste informatie over onze vlucht, maar steeds niets. Dan sturen we René een sms en vragen hem om de vertrektijd van de KL0429 in de gaten te houden en ons een berichtje te sturen wanneer het vliegtuig vertrokken is. tegen 00:30 uur ontvingen wij de sms. Dat valt dan allemaal nog mee.
Zondag 5 december
Al om 05:00 uur staan we naast ons bed en nadat we ons gedoucht hebben, pakken we onze tassen voor de laatste keer. Om 05:30 uur zitten we in de taxi en net na zessen zijn we al door de laatste douane check. We nemen een ontbijtje in de buurt van onze gate en hangen wat onderuit op de stoelen. Het zal wel weer een lange dag worden. We lopen wat heen-en-weer op de luchthaven en gaan uiteindelijk toch maar zitten bij gate 115.
De vertraging van vlucht KL0429 die ons komt halen loopt uiteindelijk op tot een uur en de crew is zelfs al bij de gate als het vliegtuig nog moet landen. Om 07:15 uur horen we één van de stewardessen zeggen dat het vliegtuig is geland en niet veel later beginnen ze al met het controleren van de paspoorten. Om 08:30 uur gaan we aan boord. De piloot vertelt in z’n “Hello this is your captain speaking“-praatje dat hij stevig gas zal geven. Met een verwachte vliegtijd van 6 uur en 50 minuten moeten we dan de meeste vertraging weer ingelopen hebben. Het is verder een typische KLM-vlucht: magere service en stevige stewardessen. Afgezien van een ontbijtje en nog iets wat daar op leek moeten we toch vooral zelf op zoek naar drinken. Gelukkig duurt de vlucht maar 7 uurtjes dus dat is wel vol te houden. Een filmpje, wat muziek en een tijdschrift helpen ons er doorheen en rond 12:30 uur zet the captain de Airbus aan de grond.
We worden aan gate F2 gekoppeld en dat is mooi gunstig, want je duikt dan zo de roltrap af naar de douane. Voor onze bagage moesten we naar band 15 en die is weer direct achter de douane. Als de bagage er snel zou zijn dan konden we de trein van 12:59 uur misschien zelfs halen…………… maar dat was wat al te voortvarend gedacht. We hebben het wel over een vlucht met de KLM, de maatschappij die een naam ‘hoog’ heeft te houden met het zoekraken van bagage. Nadat we de priority-bagage van de business-class langs was gekomen op de band, werd het angstvallig stil en nadat we een verdwaald koffertje van Arke zo’n 20 keer voorbij hadden zien komen besloten we maar naar de service-desk van de KLM te gaan. In ons kielzog nog zo’n twintig passagiers, want ze waren niet alleen onze tassen kwijt, het leek er meer op dat er een container zoek was. Bij de service-desk werden we geholpen door een KLM-medewerker die vooral vond dat híj een probleem had, want na een vlucht vanuit Curaçao waar 100 koffers zoek waren geraakt moets hij nu alweer aan het werk. Tja, het valt niet mee……………………. Nadat we uiteindelijk de nodige formuliertjes hadden ingevuld gingen we naar de trein met niet meer dan twee lullige dagrugzakjes.
Omdat er geen treinen reden tussen Schiphol en Amersfoort, mochten we via Utrecht. Is toch een kwartiertje extra treinen voor hetzelfde geld! Konden we het mooie witte winterlandschap goed in ons opnemen. Om 15:00 uur stonden we in Apeldoorn op het perron en lopen we door de sneeuw over het Stationsplein. Een paar tellen later kwam de Henny-taxi er alweer aan en zit onze vakantie naar Oman er echt op.
Vandaag is een verhuisdag, dus we konden rustig aan doen. We sliepen uit tot een uurtje of acht en ontbeten aan het zwembad. Daarna uitchecken en met de shuttle van het Khasab hotel naar Golden Tulip Khasab omdat daar de duikschool van Extra Divers is gevestigd. We maken kennis met Sandra, die samen met haar man Kurt deze duikschool runt, regelen het papierwerk en passen onze duikkleding. We zetten onze bagage in een kamertje van de duikschool en gaan bij het zwembad van het Golden Tulip hotel liggen; eindelijk vakantie.
Dat het Golden Tulip hotel een andere categorie is dan de hotels waar wij slapen, blijkt als we hier gaan lunchen. We betalen hier voor twee drankjes en een pizza net zoveel als we normaal gesproken over een hele dag met z’n tweeën opmaken. Vanaf het restaurant van het Golden Tulip heb je een fantastisch uitzicht over de zee en terwijl wij op onze lunch zitten te wachten zien we net de hele armada van Iraanse speedboten koers naar huis zetten; een fantastisch gezicht hoe die tientallen volgeladen speedboten daar een race van lijken te maken. We liggen tot een uur of vier aan het zwembad en moeten steeds een stukje verkassen om de schaduw voor te blijven, maar dat lukt ons aardig. Als rond 16:00 uur de de duikers terug komen bij de duikschool hebben ze fantastische verhalen over schildpadden, barracuda’s en grienden rond de boot. Als ze vandaag maar niet al het onderwater leven voor ons hebben verjaagd……. Van de duikschool gaan we naar de Extra Divers Villa, waar we de komende 5 nachten zullen slapen. Deze villa wordt alleen bewoond door duikers en toevallig zijn dat deze week Nederlanders en één Engelsman. ‘s-Avonds eten we een heerlijke chicken chili bij Al Shamalia en speculeren we al over de duiken van morgen. We zijn benieuwd!
Zaterdag 27 november
Het ontbijt in de Extra Divers Villa is prima. Behalve toast, jam, kaas en honing was er zelfs Venz hagelslag en yoghurt. Hier moesten we minimaal de eerste duik op door kunnen komen. Het busje dat ons van de Villa naar de duikschool moest brengen stond op 08:30 uur voor de deur. Alle duikers uit de Villa inladen en karren maar. Bij de duikschool de luchtflessen en de rest van de duikspullen op de pick-up, duikers weer in de bus en we konden door naar de haven.
De groep duikers werd in de haven in tweeën gedeeld waardoor elk van de speedboten zo’n 10 duikers aan boord had. Wanneer alles aan boord is en iedereen dubbel gecheckt heeft dat alle equipement aan boord is gaan we op weg naar de eerste duikstek. De boten zijn niet zo groot als we in Egypte gewend zijn met duiken, maar afgezien van een enkele boeggolf die over de boot slaat en voor wat nattigheid zorgt, gaat het wel. Aan beide zijden van de speedboot zijn banken waarop je kunt zitten. De opgetuigde flessen staan als een soort rugleuning achter de bank. Onze eerste duikstek is Eagle Bay; geen idee waar de naam vandaan komt maar we laten ons verrassen. Wij duiken natuurlijk als buddys en samen met ons duikt Andrew, een Engelsman die bij BP in Abu Dhabi werkt en Mattew, een divemaster van de de duikschool. Mattew doet de briefing, maar eigenlijk geeft hij vooral aan dat we het rif aan onze linker schouder moeten houden en wanneer onze lucht op is naar boven gaan en aan de boot het signaal geven dat je opgehaald moet worden. Wanneer we alle vier bepakt en bezakt zijn gaan we te water. De onderwaterwereld is hier toch weer anders dan we gewend zijn; behalve koraal zijn er enorme rotswanden en overhangende rotsen waar je onderdoor zwemt. Het koraal is mooi en onaangetast en de vis is overvloedig. Vooral de koraaltuin aan het eind van de duik is fantastisch. Het zicht is wel iets minder dan bijv. in Egypte, maar toch ruim voldoende. Na ruim een uur zit de eerste duik erop en gaan we weer aan boord van de speedboot en krijgen daar een beperkte lunch die bestaat uit wat fruit en koeken en thee. Voor de tweede duik gaan we naar de duikstek met de exotische naam Pipi Beach. Hetzelfde ritueel als bij de eerste duik: briefing, aankleden en plons! Het begin van de tweede duik is niet zo boeiend. We zien weinig koraal en het zicht is iets minder dan bij de eerste duik. Onze eerste ‘vangst’ is een enorme barracuda. Kort daarna verandert het landschap en zien we weer veel meer koraal met bijbehorende vis. Daar zien we opeens een fuik staan waar een paar grote koraalvissen en een tweetal murenen in gevangen zitten. We proberen ze te bevrijden, maar het lukt helaas niet voor alle vissen. Vanaf de fuik zwemmen we weer over een enorme koraaltuin die onaangetast lijkt te zijn en waar bovendien heel veel vis te zien is.
Net binnen het uur beëindigen we deze tweede duik en gaan weer aan boord van de boot en beginnen we aan de terugreis. De terugreis is geen fijne. We moeten tegen de wind en stroming in en de boot klapt op de ruwe zee. Bij elke klap komt er een enorme bak water over de boot heen en al snel is alles kletsnat. De boot heeft moeite met de stroming en de ruwere zee en omdat we tegen de wind in varen hebben we het ijskoud. Tot overmaat van ramp duurt de terugreis, door deze omstandigheden langer dan de heenreis waardoor we zo’n beetje onderkoeld zijn als we in de haven aankomen. Gelukkig warm je snel op als je in de zon staat, maar de helft van onze spullen is wel nat geworden. We gaan snel in de gereedstaande bus zitten die ons vervolgens terug naar de duikschool brengt. Daar krijgen we een lekker bakkie thee waar we ons aan kunnen warmen. Onvoorstelbaar dat je het zo koud kunt hebben in zo’n warm land.
Als we ‘s-avonds weer wat opgewarmd zijn lopen we naar de nieuwe souq voor een bezoekje aan het cyber-cafe en gaan vervolgens weer eten bij Al Shamalia, waar we weer een heerlijke maaltijd voor getoverd krijgen.
Zondag 28 november
Als we na het ontbijt klaar staan voor vertrek, worden we gebeld door Sandra dat het busje niet kan komen omdat er een grootse optocht aan de gang is i.v.m. festiviteiten voor de viering van Sultan-dag.
Er zit dus niets anders op om te gaan lopen. Als we echter een tiental minuten gelopen hebben zien we toch onze chauffeur aan komen rijden. We springen in de bus en rijden richting duikschool. Ter hoogte van de haven lopen we dan toch vast in een file die staat te wachten voor de optocht. We zien dat het enorm massaal is en willen daar natuurlijk tussen lopen. We hadden vandaag onze cameras meegenomen voor op de boot, maar dit is een mazzeltje.We springen weer uit de bus en begeven ons tussen de mensenmenigte.Iedereen is weer helemaal opgetut voor dit feest, De bewoners van Khasab hebben ter ere van de Sultan een drietal ouderwetse dhow’s in elkaar gezet en gaan daar nu mee naar Muscat varen. De rest van de stad doet ze uitgeleide. Ze lopen met vlaggetjes, spandoeken en zelfs grote schilderijen met de beeltenis van de Sultan. Ze zingen en schreeuwen en de kinderen worden netjes in het gelid meegenomen in de stoet. Voor ons een buitenkansje om foto’s te maken en te filmen want iedereen is in een opperbeste bui.
Op het strand vlakbij de duikschool verzamelt de menigte zich en na wat plichtplegingen en zang en dans beginnen de dhows aan hun tocht van zo’n 500 km. Ivm al deze commotie gaan we dit keer niet naar de haven, maar haalt de boot ons op bij de duikschool. Een andere boot dan gisteren bovendien; eentje waar je wel kan schuilen voor het zeewater en de wind. Uiteindelijk varen we pas tegen elven weg, bijna anderhalf uur dan normaal. Het zal dus wel een latertje worden.
Onze eerste duik is bij Smirnoff Bay; Allah mag weten waarom deze naam is bedacht, maar het maakt voor het duiken niet uit. We duiken weer heel relaxed door koraaltuinen die er fantastisch uitzien. In tegenstelling tot bijv. Egypte, is het koraal hier onaangetast. De murenen zijn weer goed vertegenwoordigd. Een zwart-wit gevlekte murene laat net z’n gebit reinigen door een poetsvis; mooi om te zien. Tussen de middag weer koekies en fruit dat we wegspoelen met een lekker bak thee. De boot waar we vandaag mee zijn is dan wel comfortabeler onderweg, maar de boot is ook kleiner dan die van gisteren zodat het af en toe wel inschikken is. De tweede duik is bij No Palm Beach en de naam is te verklaren door een nabij gelegen strandje waar geen palmen op staan……. De duik is vrijwel gelijk aan de eerste met het grote verschil dat we halverwege de duik opeens worden verrast door een chagrijnige schildpad die heel dicht langs ons heen zwemt; we hadden hem vast gestoord bij z’n lunch. We komen rond 15:30 uur uit het water en doen snel onze uitrusting uit zodat de boot koers kan zetten naar de haven, waar we rond 16:30 uur aankomen.
‘s-Avonds wordt er een bbq geregeld bij de Villa en ook wij zijn uitgenodigd. Als we nog even naar de souq gaan om wat geld te pinnen voor de eindafrekening zien we dat er eten wordt ingeladen in een kleine personenauto voor de deur bij Al Shamalia; schalen in de achterbak, schalen op de achtebank en schalen op de stoel. Als we nog even een sapje drinken, vragen we waar die vleeswagen heengaat en het blijkt voor onze bbq te zijn. Met de kwaliteit van het eten zit het dus wel goed vanavond. Iedereen is er bij de bbq en het wordt allemaal nog gezelliger als blijkt dat Kurt bier heeft weten te ritselen; dat is lang geleden! Zoals voorspeld is de bbq fantastisch en eten we weer eens veel te veel. Maandag 29 November
Omdat gisteren de pinautomaat leeg was, liepen we vanochtend al voor het ontbijt nog een keer naar de souq om te pinnen. Dit keer hadden we meer geluk, dus we konden in ieder geval onze schuld aflossen. Het was alweer onze derde en laatste duikdag en vandaag zouden er aanmerkelijk minder mensen mee op de boot gaan. Dat zou het comfort zeker ten goede komen.
Om 09:30 uur staan we met z’n achten in de haven: 5 duikers, een instructeur voor een Fransman die een proefduik gaat maken en Mattew die vandaag de andere vijf weer onder z’n hoede zou nemen. We gaan weer met dezelfde boot als gisteren en omdat de zee vandaag kalm is, schieten we over het water.
Voor onze eerste duik hebben ze Deep Purple uitgekozen en als we in het water springen wordt al gauw duidelijk waar deze naam vandaan komt; een paars zacht koraal voert hier de boventoon. Aan het begin van de duik zien we alweer een murene zwemmen, maar deze heeft zich niet verstopt in een grot en dan zie je weer eens wat een joekels dit kunnen zijn: scary! Kort hierna ontdekken we een stingray en dat blijft toch altijd om mooi om zo’n vis door het water te zien zweven. Vlak voordat we de hoek omgaan om in een rustiger baaitje van koraaltuinen te genieten hangt een enorme school barracuda’s in de stroming te wachten op hun lunch. Dan is het natuurlijk ook al weer tijd voor onze lunch en als we aan boord zijn, genieten we op het voordek van de gebruikelijke ingrediënten van een Omaanse duik-lunch. Om 13:00 uur springen we alweer voor de laatste keer deze vakantie in het water om een laatste blik te werpen op deze onderwaterwereld. Dit keer bij Coral Garden en deze naam hoeft geen uitleg. Voor het eerst moeten we nu een deel tegen de stroom in zwemmen. Dat valt niet mee als je eigenlijk alleen maar met wind in de rug duikt. Halverwege de duik zien we twee kleine visserbootjes die de ontmoeting met dit rif niet overleefd hebben. Het koraal op dit rif is het mooiste dat we tot nu toe gezien hebben; zo verschrikkelijk veel en allemaal nog onbeschadigd. Een waardige afsluiting van onze duiken in Oman. We zijn lekker op tijd terug bij de duikschool en wassen de uitrusting voor de laatste keer en hangen het op het rek bij het bordje check-out. We werken onze logboeken bij en zetten de stempel van de duikschool erbij. Deze duikschool krijgt een dikke voldoende, niet alleen vanwege de goede uitrusting, maar vooral vanwege de fantastische crew en de ongedwongen sfeer.
Dinsdag 30 november
We konden vanochtend rustig aan doen, want we zouden pas om 09:30 uur opgehaald worden voor de ‘cruise’ met de dhow die we vandaag zouden gaan maken. Het is rustig in de Villa want de andere Nederlanders zijn vannacht naar Dubai gebracht voor hun vlucht naar huis. Alleen Andrew en wij zijn nog in de Villa. De ophaaldienst voor ons bezoek aan een khor (fjord) is mooi op tijd en iets na tienen zitten we op de dhow en zijn we gereed om uit te varen. We zijn niet alleen op de dhow, want een groep van 8 Duitsers heeft de posities al ingenomen en even later komen er ook nog 2 Fransozen bij. We zijn duidelijk de jongsten vandaag en zeker de lichtsten. Één van de Duitsers, laten we hem Dumbo noemen, moeten ze vanochtend met een hijskraan aan boord getild hebben; wat een investering heeft die man in z’n lichaam gedaan. De cruise wordt begeleid door Frau Dagmar, het type Duitse schooljuffrouw, die verteld dat we vandaag de khor Ash Sham gaan bezoeken, met 16 km de langste van de khors van Oman. Ze wordt bijgestaan door kapitein Abdulazis en hulpje Ali. Al snel zijn we bij de ingang van de khor en varen we tussen de hoge bergen. In de khor zijn een paar kleine dorpjes die over land zijn afgesloten van de rest van Musandam. De volledige bevoorrading van deze gemeenschapjes gaat over zee. De kinderen gaan in Khasab naar school en worden zaterdagochtend opgehaald en woensdagmiddag weer terug gebracht (zo is kinderen hebben misschien wel uit te houden). Alleen in het weekend zijn ze thuis.
In de khor leven een dertigtal dolfijnen en we hebben het geluk dat ze ons met een bezoekje vereren. Ze zwemmen met de boot mee en springen uit het water. Dat had Frau Dagmar goed geregeld. De omgeving waar we tussen varen is prachtig, hoog opgaande wanden aan beide zijden en kristalhelder water om de boot. Tegen twaalven hebben we onze eerste pisstop (is geen schrijffout, maar in zee is beter dan op de ‘wc’ aan boord). We hebben even tijd om te zwemmen en te snorkelen. Na dit moment van ontspanning en vermaak is Ali aan de beurt, want hij mag de lunch serveren. Er is rijst, kip, curry, brood en salade. Dat had hij goed geregeld. Dumbo is overigens nog geen milimeter van z’n plaats geweest (ook niet tijdens de lunch!), dus we vermoeden dat hij op z’n plek ligt vastgesjord omdat anders de boot zou kunnen kapseizen. Na de lunch varen we verder naar Telegraph island. Op dit kleine eilandje in de khor hadden de Engelsen in 1864 een telegraafstation geplaatst, als onderdeel van een verbinding tussen Londen en India. Lang hebben ze het in de hitte van Oman niet uitgehouden, want na 5 jaar hielden ze het al weer voor gezien. Bij Seebi island hebben we nog een pisstop. Wederom wat snorkelen, een stukje zwemmen, wat onnodige foto’s maken en vriendelijk tegen onze mede-reizigers doen. Hier beleven we ook het unieke moment dat Dumbo opstaat om z’n vrouw af te spoelen na het zwemmen en even later doet hij zelfs bommetje vanaf de boot. Het koraal zal vele jaren nodig hebben om hier van te herstellen.
Frau Dagmar geeft af en toe uitleg over de dorpjes waar we langs varen of over de hoogte van de wanden waartussen we varen (hoogste is 982m) en ze houdt dan goed in de gaten of iedereen luistert, want als je toevallig een fotootje aan het maken bent spreekt ze je daar wel even op aan. Ali is inmiddels een beetje los gekomen en is Frau Dagmar aan het dollen. Mooi koppel die twee. Seebi island was ook het verste punt van de tocht dus na het zwemmen, gaan we in tegenover-gestelde richting weer op zoek naar open zee. Ook op de terugweg worden we even vergezeld van de dolfijnen en springen ze weer uit het water alsof ze poseren voor een leuke actiefoto.
Net na vieren varen we de haven weer in en kunnen we terugkijken op een heerlijke relaxte dag in een prachtige omgeving, Wanneer we in ons busje worden teruggebracht naar ons hotel zien we nog net de kraanwagen het haventerrein oprijden om Dumbo weer van boord te halen.
‘s-Avonds gaan we voor een laatste keer eten bij Al Shamalia en maken onze laatste rial op. Onze laatste dag in Oman zit erop. Morgen op weg naar Dubai.
Woensdag 1 december
Mohammed, die ons de voorgaande dagen met z’n busje kwam ophalen bij de Villa om ons naar de duikschool te brengen en van daar weer naar de haven bracht, zou ons vandaag met hetzelfde busje naar Dubai brengen. We konden dus niet eerder dan 09:30 uur vertrekken omdat hij ook vandaag weer eerst de duikers van naar de haven moest brengen. Omdat er vandaag niet veel duikers te vervoeren waren, was Mohammed mooi op tijd weer terug bij de Villa. Tassen inladen en gassen met die bus. We kwamen nog een laatste keer langs de duikschool en het Golden Tulip hotel waarna we via een mooie kustweg naar de grensplaats Tibat reden. Bij deze 40km verderop gelegen grensplaats verlaten wij na ruim drieënhalve week Oman. Terugkijkend op deze trip zijn wij het helemaal eens over dit land: veel variatie, authentiek, nog niet klaar voor het grote toerisme, maar vooral de meest gastvrije en vriendelijkste bevolking die wij hebben meegemaakt.
Van Oman gaan we naar het emiraat Ras al Khaima. Hier wordt ons duidelijk dat het niet in alle emiraten the sky the limit is. Hoewel de steden waar we doorheen rijden wel een paar slagen groter zijn dan in Oman, is het er rommelig en smeriger dan we verwacht hadden; er lopen zelfs koeien vrij over de weg. Na Ras al Khaima rijden we nog door de emiraten Umm al Quwain, Ajman en Sharjah, maar we hebben niet in de gaten wanneer we in welk emiraat rijden, omdat er geen grenzen tussen de emiraten zijn. Als we in Sharjah rijden zien we de Burj Khalifa, het hoogste gebouw ter wereld, al boven alles uit steken. Na tweeënhalf uur zet Mohammed ons af bij de terminal van Dubai airport. We geven hem onze laatste rial mee voor een bak koffie en gaan eerst naar een pinautomaat om een voorraadje dirham te tanken. Daarna een taxi genomen naar ons hotel, het Ibis Deira City Centre. Als we binnen komen zien we dat het verschil met Oman groot is. Dit hotel gaat hier door voor een twee sterren hotel, maar het had in Oman zeker 4 sterren gekregen. Vanaf onze hotelkamer zien we de Burj al Arab, de Burj Khalifa en nog veel meer van de mega-hoge gebouwen die Dubai rijk is.
Nadat we onze resterende, schone spullen hebben uitgepakt en daar de weersomstandigheden in Nederland bij optellen, concluderen we dat we misschien toch nog iets warms moeten kopen. We gaan als eerste naar de tegenover het hotel gelegen City Center Mall en vergapen ons aan de hoeveelheid winkels. Zelfs Rob lijkt het winkelen hier wel aan te staan. Het City Center Mall is lang niet het grootste winkelcentrum van Dubai, maar de Oranjerie zou hier tig keer in passen. Onder het genot van een drankje proberen we de kaart van Dubai te doorgronden zodat we een plan de campagne kunnen maken voor de komende dagen. Al snel wordt duidelijk dat we meer dingen willen zien dan we tijd hebben dus we moeten maar zien hoe het loopt. Inmiddels kunnen we uit ervaring zeggen dat het prijsnivo voor eten en drinken in Dubai aanzienlijk hoger ligt dan in Oman. Het komt in de buurt van de prijzen in Nederland. We eten ‘s-avonds heerlijk in het restaurant van het hotel waarbij we nu eens een keer niet op een plastic tuinstoeltje hoeven te zitten.
Donderdag 2 december
Vandaag voor het eerst op weg om het emiraat van superlatieven te ontdekken, maar voordat het zover was gingen we naar de Deira City Center Mall om een ontbijtje te scoren. Paul is de enige die om 08:30 uur de deuren al heeft geopend dus we gaan daar aan een tafeltje zitten. Het brood en de thee zijn heerlijk; het lijkt een beetje op Nederlands brood.
Na het ontbijt gaan we eerst naar het metrostation om daar kaartjes te kopen. Helaas hebben ze geen 3-daagse kaart o.i.d. zodat je nergens op hoeft te letten en overal in en uit kunt stappen, maar moeten we meedoen aan het ingewikkelde systeem van verschillende soorten metro-kaartjes en meerdere zones dat de mensen die hier leven ook gebruiken. Dit betekent dat je eerst goed moeten bepalen wat je gaat doen en daarbij passende kaartjes kopen. Het kaartsysteem is in ieder geval veel ingewikkelder dan het metro-systeem zelf want van de vier geplande lijnen is er slecht één gereed en zelfs daarvan zijn nog niet alle stations opgeleverd. Dit heeft allemaal te maken met de recessie die hier toch ook wel hard heeft toegeslagen. Het lukt ons uiteindelijk om kaartjes te kopen en we gaan als eerste op weg naar het Jumeirah palmeiland om daar iets te drinken bij hotel Atlantis. Het voordeel van één metrolijn is dat je bijna niet verkeerd kunt gaan en dat is ons dan ook niet gebeurd. De metro ziet er erg clean uit en alles werkt zonder bemoeienis van mensen. Het enige dat fout kan gaan is dat je als man in een vrouwen-rijtuig gaat zitten en dat overkwam Rob natuurlijk. Hij werd gelijk gewezen op deze ‘overtreding’, dus dat zal niet snel nog een keer gebeuren.
Bij metrostation Nakheel moesten we uitstappen en vandaar konden we dan richting het palmeiland wandelen. Tussen allerlei hoge kantoorgebouwen door kwamen we bij het Royal Mirage hotelcomplex terecht. Geen hoogbouw, maar wel een fantastisch vakantieparadijs. Het terrein is zo groot dat wij er verdwaalden en meerdere keren naar de uitgang hebben moeten vragen. Nadat we uiteindelijk weer op de openbare weg waren, waren we ook al snel op de toegangsweg van het palmeiland. Het leek ons wel aardig om die weg naar het hotel Atlantis te lopen, maar die afstand hadden we toch behoorlijk onderschat; we hadden ruim een uur nodig om bij hotel Atlantis te komen en toen we er bijna waren bleek dat we het laatste stukje toch nog een taxi moesten nemen omdat er geen voetgangers door de tunnel mogen onder de strook water die het hotel scheidt van de rest van het palmeiland.Hotel Atlantis is er een uit het sprookjesboek. Volledig gebaseerd op het thema Atlantis, incl. een mega aquarium waar we meer vis hebben gezien dan tijdens de zes duiken tezamen. Van haai tot baars, van roggen tot tonijn en van Napoleon tot papegaaivis. We vullen nog even ons vochttekort aan en gaan dan op weg naar de Burj al Arab, maar dit keer niet te voet, maar lui in een taxi. De afstanden zijn hier toch wat groter dan we gedacht hadden.
De Burj al Arab is hét symbool van Dubai geworden. Wat het Operahouse is voor Sydney en de Eiffeltoren voor Parijs, dat is de Burj al Arab voor Dubai en dat is ook te merken aan de poort bij dit hotel. Toeristen verdringen zich om vanaf deze plek een fotootje te maken van dit 7-sterren hotel (je komt als toerist nl. niet verder dan de poort aan het begin van de ‘oprijlaan’). Als ook wij onze foto gemaakt hebben gaan we op weg naar de Mall of the Emirates, het op één na grootste winkelcentrum van Dubai. We gaan toch maar weer met de benenwagen, want we moeten natuurlijk wel weer een beetje in beweging komen zo vlak voordat we weer naar Nederland gaan.
Na wederom een flinke wandeling zijn we rond 14:30 uur bij de Mall of the Emirates waar we eerst de inwendige mens verzorgen. Bij de grote gele M (van moskee?) eten we eerst een gezond broodje met een sloot Cola voordat we dit winkelcentrum met 400 winkels gaan verkennen. Ook hier zijn weer alle grote winkelketens vertegenwoordigd: Carrefour, Zara, Bata, Timberland, Virgin, H&M, Nike, Adidas, Apple, Mexx, Mango,etc, etc, etc. Daarnaast nog tig winkels van een onbekende herkomst, 2 foodcourts waar alle bekende (en onbekende) vreetschuren zijn vertegenwoordigd, bioscopen en als klap op de vuurpijl een overdekte skibaan met aangrenzende après-ski; je kijkt je ogen uit.
Als we het allemaal wel weer een beetje gezien hebben gaan we weer op weg naar het metrostation om de metro naar Deira City Center te pakken. Het begint al weer een beetje schemer te worden en als we onderweg bij het metrostation zijn waar de Burj Khalifa zijn, besluiten we daar toch maar even uit te gaan voor een paar foto’s met dit mooie licht. Het is waanzinnig om zo dicht op dit hoogste gebouw ter wereld te staan; je krijgt er een stijve nek van. Als we een paar fotootjes gemaakt hebben, gaan we weer het metrostation weer in en vervolgen de rit naar ons hotel.Het was een lange dag met even zo lange loopafstanden. We zullen vanavond wel als een blok in slaap vallen.