Tag archieven: Bayamo

Cuba 4

Vrijdag 7 november

De bus vertrekt vanochtend al om 7:45 uur en het is verdomd lastig om een taxi rond dit tijdstip te krijgen. Uiteindelijk regelt iemand van het hotel een kereltje met een auto.
De bus draait vanuit Santiago een 4-baans snelweg op, dat hadden we sinds Havana niet meer gezien.
Het is maar van korte duur want binnen een half uur gaan we de landelijke route weer op. Het is erg mooi in deze omgeving: bergachtig, veel palmen en grote bomen, maar ook akkers vol met bananen, sinaasappels, suikerriet en zelfs rijst. We slingeren 4 uur lang door deze omgeving af en toe afgewisseld met een stukje ruige kust. Dit is de mooiste route tot nu toe.
We gaan via Guantanamo waar ook nog passagiers op de bus komen. Ze hebben geen lange baarden en dragen geen oranje pakken dus de Amerikanen zullen de bewaking van Gizmo nog steeds op orde hebben. Bij een rookstop onderweg kopen we 2 chocoladerepen van een vrouwtje, vers, want cacao wordt hier ook verbouwd.

Om 12:45 uur zijn we in Baracoa waar we een hotelletje hebben geboekt vanuit Santiago. Er stond niet bij dat je voor dit hotelletje eerst 96 treden moest beklimmen met je volle rugzak. Gelukkig is er wel een lekker zwembad bij.
Omdat we nog steeds niet weten of we ons visum moeten verlengen gaan we naar het officina de immigracion. In principe is een visum een maand geldig, maar van 22 oktober tot 22 november zijn 32 dagen. Bij het het kantoortje horen we echter dat 22 in en 22 uit geen probleem is en dat we ons visum niet hoeven te verlengen. Scheelt weer 50 CUC.

Hierna gaan we nog even bij Cubatur binnen omdat we graag naar El Yungue willen. Dit is een 569 meter hoge “tafelberg” die je in 2 uur kunt beklimmen. Bij Cubatur adviseren ze ons om morgenvroeg terug te komen omdat we dan kunnen zien hoe het weer ter plekke is.
We lopen nog even over de boulevard en maken nog wat foto’s bij de zee. Daarna tellen we weer de 96 treden en strijken neer op een ligbedje bij het zwembad. Het valt niet mee hier!
’s Avonds eten we een gebakken visje bij een paladar en liggen op tijd op bed; de vochtige warmte is slopend.

Zaterdag 8 november

Zaterdagochtend gaan we naar Cubatur om te kijken wat er vandaag mogelijk is. De tocht naar El Yungue lijkt niet mogelijk te zijn omdat er regen wordt verwacht als gevolg van de tropische storm Paloma.
We kiezen daarom voor een trip naar nationaal park Humboldt, een van de laatste regenwouden van de Caribean en sinds 2001 een Unesco site vanwege zijn bijzondere ecosysteem. Met doodsverachting doorstaan we de rit erheen, maar het is de moeite waard. Fantastisch begroeide berghellingen, wijdse vergezichten, kleinste kikker die we ooit gezien hebben en een bad in de rivier.

Het is een wandeling van 3 a 4 uur en op de terugweg wordt de dodemansrit met de taxi even onderbroken voor een bezoekje aan, wat het mooiste strand van deze oostkust moet zijn. Helaas ligt het strand vol met ¨wrakhout¨ dankzij Ike en dat maakt het een stuk minder idyllisch dan verwacht.
Terug in Baracoa horen we dat de bus uit Santiago vandaag niet heeft gereden en dat het zo goed als zeker is dat er morgen ook geen bussen gaan. Dit allemaal dankzij de duif, Paloma genaamd. Morgenvroeg maar even naar het busstation.
Volgens de berichten gaat Paloma vannacht om 2 uur via Holguin over het land en blijven we hier in Baracoa buiten schot.
Je ziet hier, en eigenlijk in heel Cuba nog overal plakband over de ramen zitten. Dat hadden ze er na Ike nog niet afgehaald. Lijkt heel verstandig.

Zondag 9 november

Als we zondagochtend wakker worden beseffen we dat het dak er vannacht niet afgewaaid is. De duif heeft ons in ieder geval gespaard, net als Mitch 15 jaar geleden.
We zetten de tv aan hoe het in de rest van het land is, maar vreemd genoeg zien of horen we niets. Na het ontbijt eerst maar eens naar het busstation. Daar wordt ons verteld dat er vandaag weer geen bussen gaan, maar morgen waarschijnlijk wel. Ze adviseren ons morgen om 8uur weer op het busstation te zijn. Zitten we dus een dag extra in Baracoa, de plek waar Columbus in 1492 voet aan wal zette en hier een houten kruis in de grond plantte. Dit kruis wordt hier overigens nog steeds bewaard in de kerk.

Het is voor ons nu even onmogelijk om Baracoa over de weg te verlaten, maar tot 1964 was het sowieso onmogelijk om Baracoa over land te bereiken en ging alles over zee, valt een extra dagje dus eigenlijk wel mee.
De hele ochtend vallen er buien, geen idee of dit het gevolg is van Paloma, want dat staat er niet bij. Geeft ons in ieder geval de gelegenheid eens een boekje te lezen, bijv. over het leven na je 40e, de weblog bij te werken en wat mail te versturen.
Rob gaat proberen de baard van 2,5 week er af te hakken en we bedenken ons dat het allemaal veel erger kan, bijv. regen op een camping.
´s Middags klaart het al weer aardig op en maken we een strandwandeling. We wilden eigenlijk tot Playa Blanca lopen maar we horen dat ook dit mooie strandje geruïneerd is door Ike.
Terug bij het hotel gaan we nog even bij het zwembad liggen om te genieten van de namiddagzon.

Maandag 10 november

We waren vanochtend al om 7 uur wakker, op hoop van zegen gingen we naar het busstation. Dit keer was er iemand aanwezig op het officina de Viazul. Ze vertelde ons daar dat er nog een lijst lag met reizigers die zaterdag al terug wilden en wij zouden boven aan de lijst van zondag komen. Let wel, het is nu maandag. We moesten dus maar hopen dat er toeristen die voor zaterdag hadden gereserveerd op een andere manier Baracoa hadden verlaten zodat wij konden doorschuiven. Volgens de medewerkster van Viazul maakten we een goede kans en anders plakken we er nog een dagje aan, zou slecht was het hier ook niet. Columbus zei in 1492 al dat dit het mooiste land was dat hij had gezien. Wij hebben waarschijnlijk iets meer gereisd dan Columbus(!), maar denken dat Baracoa in ieder geval op het mooiste stukje Cuba ligt.

Terug bij het hotel enorm gebunkerd bij het ontbijtbuffet want als het meezit vandaag hebben we nog een lange rit voor de boeg. We willen in Santiago nl. gelijk de bus naar Bayamo nemen. Na nog wat geld te hebben gewisseld gaan we de rest van de ochtend bij het zwembad liggen, het weer is fantastisch vandaag. Het lijkt af en toe wel vakantie.
Om 12.00 uur lunchen we nog wat en gaan dan bepakt en bezakt op weg. Voor de laatste keer die 96 treden, dan nog een minuutje of 10 in de brandende zon door de straten van Baracoa. We voelen ons net die gozer uit de Axe reclame, het zweet komt met bakken tegelijk. Als het allemaal maar niet voor niets is. Bij Viazul hangen 2 fantastische airco´s maar ze doen het helaas niet. Het zweet lijkt niet meer te stoppen.

Precies om 13:15 uur begint de verkoop van de tickets en tot onze grote opluchting kunnen we mee. Nadat het busvervoer 2 dagen heeft stil gelegen vanwege Paloma, kunnen we onze weg weer vervolgen. Maar we hebben nog niet eerder in zo´n volle bus gezeten.
Om 19:10 uur zijn we in Santiago en om half 8 gaat de bus naar Bayamo. Snel in de rij voor buskaartjes en de bagage van de ene bus naar de andere. Voor we het weten zijn we weer op weg. De laatste uren leven we op de borrelnoten die Danthe ons heeft meegegeven, want op de busstations is niets te krijgen.

De buschauffeurs stoppen regelmatig om een familielid, vage kennis of extra lading goederen mee te nemen. Meestal krijgen ze daar dan wat eten of iets dergelijks voor terug. Deze chauffeur doet het weer helemaal anders. Hij stopt om een jonge meid mee te nemen, geeft het stuur over aan de andere chauffeur, neemt plaats op de bijrijdersstoel en neemt die meid op schoot. Hij slaat zijn arm om haar heen en begint haar af te lebberen. Hij probeert zelfs even haar huigje te toucheren met zijn tong. Dit tafereel gaat door tot de passagiere er uit moet, dan neemt hij het stuur weer over en vervolg vrolijk fluitend zijn weg. Zo heb heb je helemaal geen OV chipkaart nodig.
Uiteindelijk zijn we mooi op tijd in Bayamo waar we een aantal dagen geleden ook al waren toen het zo regende. Toen besloten we gelijk door te gaan, hopelijk hebben we nu meer geluk.

Dinsdag 11 november

Als we dinsdagochtend wakker worden in hotel Telegrafo zien we gelijk dat heel ander weer is dan een week geleden. De lucht is strakblauw en de temperatuur is al behoorlijk opgelopen. Na het ontbijt wachten we op het mannetje van Cubanacan want we willen een tochtje naar de Sierra Maestra boeken. Hoewel hij er om 9:00 uur had moeten zijn gaan we om half 10 maar even de stad in want hij houdt er blijkbaar zijn eigen openingstijden op na. Bayamo is een klein en rustig dorp aan de voet van het Sierra Maestra gebergte. Dit gebergte met een max. hoogte van 2000m. heeft een nog onbedorven natuur. Bayamo is ook de stad van Carlos Manuel de Cespedes. Deze advocaat kwam in opstand tegen de Spaanse overheerser en werd daarmee de eerste revolutionair die de onafhankelijkheid uitriep in 1868. Bayamo is ook de geboorteplaats van Perucho Figueredo de componist van het huidige volkslied dat voor het eerst in Bayamo werd gespeeld.

Wanneer wij van onze wandeling door Bayamo terugkomen is de medewerker van Cubanacan wel aanwezig, maar de ontmoeting wordt een teleurstelling. Met de mentaliteit die je van een medewerker van een staatsbedrijf kan verwachten deelt hij ons mee dat er eigenlijk niet mogelijk is. Hij zegt dat vanweg Paloma de bewoners van de Sierra Maestra zijn geëvacueerd en dat deze eerst terug moeten. Er zit dus niet veel meer op dan de Sierra Maestra tijdens een volgende trip naar Cuba te bezoeken.
We vragen de Cubanacan hork of hij voor ons dat wel even de bustickets naar Ciego de Avila wil reserveren. Hij pleegt een telefoontje en komt ons vertellen dat er de komende week geen plekken zijn op de bus. Wanneer we zelf even later de receptioniste met Viazul laten bellen voor bustickets wordt haar verteld dat we morgen gewoon naar het busstation moeten komen en dat we dan waarschijnlijk wel meekunnen. De Cubanacan hork had er duidelijk geen zin in vandaag.

De rest van de dag vermaken we ons een beetje in Bayamo, eigenlijk vluchten we van de ene schaduwplek naar de andere en van de ene airco naar de andere. Het is ook nooit goed.
Het valt ons op hier hoeveel rijen er staan, een rij bij de supermarkt, een rij bij de banken, een rij bij de ijssalon, overlal rijen wachtende mensen. Het lijkt erop dat iedereen zijn overheidssalarisje weer heeft ontvagen en weer spullen wil kopen.
´s Middags boeken we via internet een resort in Caya Coco, waar we een paar dagen willen verblijven. Nu moeten we alleen nog op de bus zien te komen.

Cuba 3

Zondag 2 november

De wekker gaat om 6:30 uur, maar als we ons willen wassen blijkt er geen waterdruk te zijn. Kan gebeuren. Om 7:00 uur lopen we met onze rugzakken op naar het busstation. Onderweg komen we langs de lokale bakker die net de deuren opent. Gelijk maar even 8 witte bolletjes meegenomen voor het “ontbijt”.

We rijden met de bus landinwaarts via Santi Spiritus en Ciego de Avila naar Camagüey. Onderweg zien we grote velden met suikerriet, een produkt waar deze regio in de 17e eeuw groot mee is geworden. In de buurt van Camagüey zijn de gevolgen van Ike weer zichtbaar; metershoge palmbomen liggen als lucifershoutjes verspreid op het grasland. Om half 2 zijn we in Camagüey en we laten ons door een taxi naar hotel Colon brengen. We hebben wel weer eens een hotelletje verdiend. Het hotel is gehuisvest in een oud koloniaal gebouw. Onze kamer heeft 5 meter hoge plafonds en een klassieke inrichting, helemaal in stijl. We gaan eerst wat eten bij een restaurant om de hoek en bestellen daar wat tapas. Na deze heerlijke gerechtjes gaan we op onze 1e verkenningsronde door Camagüey.

Hoewel Camagüey de 3e stad van het land is en meer dan 300.000 inwoners heeft, komt het toch heel gezellig en compact over. Wederom gekleurde huizen een paar leuke parkjes en een handvol mooie kerkjes.
In tegenstelling tot Trinidad zie je hier bijna geen toeristen maar des te meer bici taxi’s. Elke 2 minuten wordt je aangesproken of je misschien met het meest economische vervoermiddel wilt worden vervoerd. Helaas voor hun hebben wij een nog economischer vervoermiddel onder aan onze benen.

Maar niet alleen de bici taxi´s ook de normale fietsen zie je hier veel in het verkeer. Is het gevolg van de abrupte beëindiging van olie subsidies van de russen in de 90’er jaren. De Cubaanse regering koos toen voor de fiets als alternatief voor het transportsysteem dat gebaseerd was op Oost-Europese bussen en lelijke Russische Lada s die die bovendien nogal wat bijdragen aan de luchtverontreiniging. Om te voorkomen dat het hele transport op zijn kont zou komen te liggen kocht de Cubaanse overheid 1,2 miljoen fietsen in China.
’s Avonds eten we weer bij een peso restaurant en ondanks dat de ober ons probeert af te zetten (lukt natuurlijk nooit bij Diana) zijn we voor een heerlijke maaltijd rond de 3 euro kwijt.

Maandag 3 november

Het is 3 november en oma wordt vandaag 94 of 95 (we zijn de tel kwijt). Diana belt haar even vanuit het hotel.
Vandaag is de lucht weer veel blauwer gekleurd dan gisteren, toen we zelfs een verdwaalde bui hadden.
Na alweer geld gewisseld te hebben gaan we eerst op weg naar de markt nabij de rivier. De receptioniste in het hotel had ons al gewaarschuwd dat de markt niet zo uitbundig en vol is als voor Ike, omdat veel oogst verloren is gegaan.
Ze krijgt gelijk, want behalve knoflook, knoflook en knoflook is er slechts wat kool, verdwaalde knollen en hier en daar een ananas te vinden.

Na het bezoekje aan de markt, gaan we kris-kras door Camagüey. Wat we in andere plaatsen ook al zagen zien we hier ook weer: bij veel winkels staan de mensen buiten in de rij. Het aanbod is beperkt, en wanneer er dan iets is binnengekomen komt iedereen er op af. Vandaag lijkt het of er een containertje matrassen is gearriveerd. Overal in de stad komen we Cubanen met matrassen tegen; matrassen achter op de bici taxi, matrassen op het hoofd, matrassen opgerold op de bagagedrager, matrassen op de brommer en matrassen onder de arm.
We hebben vandaag Camagüey goed kunnen verkennen. De Tinajones, grote potten klei, waar vroeger vanwege de schaarste het regenwater werd opgevangen, waren helaas nauwelijks meer te vinden, terwijl Camagüey er zo bekend om is. De kronkelende straatjes zijn wel een enorme uitdaging. Wanneer je 2x een verkeerde zijstraat inloopt ben je de weg kwijt. Dit was ten tijde van de piraterij ook de bedoeling.

Dachten we gisteren nog dat er hier zoveel gedronken werd in het weekend, vanochtend was het toch echt maandag maar vanaf een uurtje of 9 hebben we ze al weer gesignaleerd met een fles bier of rum gezellig babbelend en dat gaat zo de hele dag dan door. Zuipen kunnen ze hier wel.

Het mocht de pret niet drukken en het ging zeker niet ten koste van de schoonheid van Camagüey. Boven verwachting gezellig en vooral ook mooi koloniaal. Prachtige kerken, gekleurde gebouwen en allemaal op loopafstand. De Cubanen zijn ook erg gek op softijs. Bij de meeste ijssalons sta je eerst buiten in de rij te wachten voordat je kunt likken.
Hier in Camagüey heb je daar de overtreffende trap van Coppelia. Een halve Kwantumhal waar de hele dag rijen voor de deuren staan om naar binnen te mogen om een ijsje te bestellen. Wij wilden dat ook proberen en tijdens een daluur zijn wij ook naar binnen gegaan. Je haalt dan eerst aan een balie net zoveel coupons als je bolletjes ijs wilt, vervolgens ga je bij een tafeltje zitten, haalt de serveerster je bonnetjes op en wordt even later je ijs bezorgd. De ambiance is niet veel, maar het ijs is prima.

´s Avonds kiezen voor een gezellig restaurantje op loopafstand van het hotel.
Camagüey heeft een enorm aanbod aan de bars en restaurants in tegenstelling tot andere steden. Dit betekent overigens niet dat alles wat hier op de kaart staat ook te krijgen is. Wat dat betreft is het overal hetzelfde: eten wat de pot schaft.

Dinsdag 4 november

Vandaag gaan we door naar Bayamo een dorp ten noorden van het Sierra Maestra gebergte. Wij waren gisteren al even naar het busstation geweest voor kaartjes, maar toen vertelde de cheffin dat we vandaag tussen 11.00 uur en 11.30 uur terug moesten komen. Wij vandaag netjes op tijd op het busstation, vertelt dat hondehok dat we pas kaartjes kunnen kopen als de bus uit Trinidad is gearriveerd. Zitten we dan in het sfeerloze stationsgebouw van Camagüey.
Wanneer de bus arriveert blijken er zat vrije plekken te zijn dus we kunnen mee. We zitten nog maar net in de bus en het begint te regenen en niet zo´n klein beetje. Het houdt bovendien bijna de hele rit aan.

In Bayamo druppelt het nog wat maar de bici taxi chauffeur vertelt ons dat het hier al 5 dagen regent. We zullen morgen zien of het nu wel zal ophouden of dat we op het verkeerde moment op de verkeerde plek zijn.
We vernachten in hotel Escuela Telegrafo, een hotel dat gerund wordt door studenten van de hogeschool voor toerisme. Wat ons betreft zijn ze al geslaagd, zowel in de keuken als voor de service.

Woensdag 5 november

Wanneer we ´s-ochtends gaan ontbijten bij ons hotel zien we dat het nog steeds niet best is buiten. Het regent niet meer maar het is erg somber buiten. We besluiten maar gelijk door te gaan naar Santiago de Cuba want we zijn in Bayamo om een dag of 2 naar de Sierra Maestro te gaan en daar wil je na een aantal dagen niet wezen.
Om 9 uur zijn we alweer op het busstation, maar voor het eerst deze vakantie heeft de bus een half uurtje vertraging. Uiteindelijk arriveren we nog heel behoorlijk op tijd in Santiago. Hier trekken we opnieuw in een hotel waarmee de score hotel vs. casa in het voordeel van de hotels is. Het weer is hier aanmerkelijk beter, nog wel bewolkt maar de zon is er af en toe weer bij.

We informeren naar een dagtochtje naar het oude fort El Morro, maar uiteindelijk maken we een deal met een eigenaar van een prachtige oude Chevrolet uit 1956. Deze rood met goud gekleurde bolide zal ons morgen bij het hotel ophalen. We kopen nog even onze laatste ansichtkaarten en wandelen door het centrum van Santiago.
Ook deze stad ademt weer een heel relaxte sfeer uit. Bijzonder aan Santiago is dat hier het oudste gebouw van Cuba staat en dat hier het balkon is vanwaar Fidel op 2 januari 1959 de overwinning van de revolutie uitriep. Bovendien is Santiago de bakermat van de Cubaanse son, de zo swingende muziek die je hier overal hoort en deze stad is onder de macht van de Spanjaarden jarenlang de hoofdstad van Cuba geweest.

´s Avonds eten we buiten bij het 4 sterren hotel Grand Casa met uitzicht op het drukste plein van Santiago. Dit mooie moment wordt echter wreed verstoord als de plaatselijke ongedierte bestrijdingsdienst met een soort omgekeerde bladblazer achter op een vrachtwagen een enorme rookwolk door de straten aan het verspreiden is. Deze chemische rookwolk, die waarschijnlijk bedoelt is om het kleine ongedierte te bestrijden, vult onze eetgelegenheid en we kunnen elkaar niet meer zien zitten aan de andere kant van de tafel. Gelukkig hadden wij het eten net naar binnen gewerkt.

Donderdag 6 november

Om half 9 is onze chauffeur al present. Het valt ons nu op hoe goed de goudkleur van zijn Chevrolet kleurt bij zijn mondvol goud. Hij zegt ons dat hij eerst nog even moet tanken en iets verderop stopt hij bij een huis waar hij een jerrycan benzine ophaalt. Als hij de auto weer wil starten laat de accu hem in de steek. Hij vertelt dat hij gisteren met vrienden naar muziek uit de autoradio heeft geluisterd, dus de accu zal wel leeg zijn. Hij trommelt wat bekenden op en gezamenlijk duwen ze de auto weer op gang. Onze chauffeur heeft een bijzondere rijstijl; elke keer wanneer hij bergafwaarts gaat zet hij de motor uit om benzine te sparen. Bovendien heeft hij de radio knetterhard aanstaan en je ziet de mensen omkijken als we langsrijden.

We zijn mooi op tijd bij castillo El Morro, een van de best bewaard gebleven Spaanse forten, en kunnen het bezichtigen voordat de busladingen toeristen worden uitgespuugd. Het fort is erg fotogeniek en heeft een mooi uitzicht op de oceaan en de baai van Santiago. Het is erg warm vandaag en we zweten ons een ongeluk.

Na het fort brengt de Chevy ons naar de veerboot voor de overtocht naar Cayo Granma, een piepklein eilandje in de baai van Santiago vanwaar we mooi uitzicht hebben op het fort. Helaas moeten we meer dan een uur wachten op de eerste overvaart, maar het eilandje is schattig. We lopen het in 10 minuten rond en voordat we teruggaan met de ferry moet Diana eerst haar dorst lessen, en omdat er niets anders te krijgen is koopt ze een fles cola van 1,5 liter en zet die aan haar mond. Erg charmant!

Hierna zet de ferry ons weer over en laten we ons door de Amerikaanse bak terugrijden naar Santiago. Onderweg komen we nog wel een keer stil te staan omdat de paar druppels benzine in die enorme benzinetank niet meer bij de motor komen wanneer de weg te steil omhoog loopt, maar goed even wat zuigen aan een of ander slangetje en starten maar weer.

Wanneer we ’s middags op een terrasje zitten zijn we allebei het slachtoffer van een spotprent-tekenaar. Diana mag niet eens klagen, maar de baard die bij Rob wordt getekend komt niet echt overeen met het geval dat de afgelopen 2 weken aan zijn kaak gegroeid is en bovendien lijkt hij op de tekening wel 50+ volgens Diana.
Terug op onze hotelkamer zetten we toevallig de tv aan en horen we de Piet Paulusma van Cuba iets zeggen over Paloma. De satellietbeelden maken duidelijk dat er wéér een orkaan op Cuba afkomt. Deze duif lijkt op het midden van Cuba te gaan schijten, maar we moeten de komende dagen maar zien welke baan de orkaan gaat volgen.